Bubble

Bubble Steven Soderbergh heeft twee gezichten. Dat van de regisseur van intelligente thrillers met een onverwachte wending, zoals Ocean’s 11 en 12. En dat van een filmmaker die het experiment niet schuwt en graag zelf de camera ter hand neemt. Bubble gaat over tegenpolen van iedereen die rijk en beroemd is en die de Amerikaanse droom tot ver na het ontwaken heeft weten voort te zetten. Daar zijn er veel van in Amerika. Maar die zie je zelden in films, behalve in zogenaamde Amerikaanse independents, die deze tobbende voorstadbewoners met hun drie baantjes en uitzicht op de prefab-woning van hun buurman met precies hetzelfde bestaan, graag met een knipoog bekijken. In Bubble wordt er niet geknipoogd, tenzij door de hoofdpersonen die al niet zoveel te knipogen hebben. Veel gebeurt er verder ook niet in de film. Men staat op, werkt in de plaatselijke poppenfabriek, eet een hamburger, rookt een jointje voor het slapen gaan en dat was het wel zo’n beetje. En er wordt een moord gepleegd, maar dat is niet per se het hoogtepunt in de ingeslapen levens van deze mensen, laat staan een spannend moment in de film. Wat deze film spannend maakt, hypnotiserend, ongewoon, ondermijnend, is de compromisloze, kale manier waarop er naar deze levens gekeken is. Dit is een kijk-film, die het meest banale beeldschoon maakt en verder gewoon lekker banaal laat. En dan begint het achter de beelden te bobbelen en op te zwellen als een zeepbel. Bubble toont de regenboogkleuren op die bel voordat hij barst. Want dit is een doorkijk-film. Achter het gewone schuilt een bewogen tragedie van een land dat zijn sociale cohesie verliest, steden waarin de laatste winkels hun deuren moeten sluiten en het ware gezicht van de arbeiders uit het tv-journaal dat vertelt dat zo veel mensen geen ziektekostenverzekering meer kunnen betalen. Bubble. Regie: Steven Soderbergh. Met: Debbie Doebereiner, Dustin James Ashley. In: Kriterion, Amsterdam; Cinerama, Rotterdam; Plaza Futura, Eindhoven. In de film ‘Bubble’ werken de voorstadbewoners in de plaatselijke poppenfabriek De arbeiders in de film ‘Bubble’ werken in een poppenfabriek. Still uit de film Bubble foto AFilm

Steven Soderbergh heeft twee gezichten. Dat van de regisseur van intelligente thrillers met een onverwachte wending, zoals Ocean’s 11 en 12. En dat van een filmmaker die het experiment niet schuwt en graag zelf de camera ter hand neemt. Bubble gaat over tegenpolen van iedereen die rijk en beroemd is en die de Amerikaanse droom tot ver na het ontwaken heeft weten voort te zetten. Daar zijn er veel van in Amerika. Maar die zie je zelden in films, behalve in zogenaamde Amerikaanse independents, die deze tobbende voorstadbewoners met hun drie baantjes en uitzicht op de prefab-woning van hun buurman met precies hetzelfde bestaan, graag met een knipoog bekijken. In Bubble wordt er niet geknipoogd, tenzij door de hoofdpersonen die al niet zoveel te knipogen hebben.

Veel gebeurt er verder ook niet in de film. Men staat op, werkt in de plaatselijke poppenfabriek, eet een hamburger, rookt een jointje voor het slapen gaan en dat was het wel zo’n beetje. En er wordt een moord gepleegd, maar dat is niet per se het hoogtepunt in de ingeslapen levens van deze mensen, laat staan een spannend moment in de film. Wat deze film spannend maakt, hypnotiserend, ongewoon, ondermijnend, is de compromisloze, kale manier waarop er naar deze levens gekeken is. Dit is een kijk-film, die het meest banale beeldschoon maakt en verder gewoon lekker banaal laat.

En dan begint het achter de beelden te bobbelen en op te zwellen als een zeepbel. Bubble toont de regenboogkleuren op die bel voordat hij barst. Want dit is een doorkijk-film. Achter het gewone schuilt een bewogen tragedie van een land dat zijn sociale cohesie verliest, steden waarin de laatste winkels hun deuren moeten sluiten en het ware gezicht van de arbeiders uit het tv-journaal dat vertelt dat zo veel mensen geen ziektekostenverzekering meer kunnen betalen.

Bubble. Regie: Steven Soderbergh. Met: Debbie Doebereiner, Dustin James Ashley. In: Kriterion, Amsterdam; Cinerama, Rotterdam; Plaza Futura, Eindhoven.