Britten kunnen niet zonder kerncentrales

De Britse premier Tony Blair beschouwt het bouwen van kerncentrales als de enige manier om de Britse uitstoot van CO2 en de afhankelijkheid van buitenlandse energieleveranciers tegen te gaan.

Blair zei dat in een rede voor de werkgeversorganisatie CBI. Het Verenigd Koninkrijk dreigt volgens hem voor 80 tot 90 procent afhankelijk te worden van gasimporten uit landen in het Midden-Oosten, Azië en Rusland. Op dit moment voorziet Groot-Brittannië volgens de Britse premier nog voor 80 tot 90 procent in zijn gasbehoeften uit eigen bronnen.

Blair liep hiermee vooruit op een studie van zijn regering, die moet bepalen wat het land het beste kan doen om ook in de toekomst in zijn energiebehoeften te voorzien. Blair zei dat hij een eerste versie van de studie had gelezen, die naar verwachting in juli wordt gepresenteerd.

Volgens de premier is het thema kernenergie „dubbel en dwars” terug op de agenda. „Als we deze beslissingen voor de lange termijn nu niet nemen, maken we ons schuldig aan een ernstige verzaking van onze verplichtingen jegens dit land”, aldus Blair, die zich overigens niet expliciet uitsprakvoor nieuwe centrales.

Tegenstanders namen Blair onder vuur. Tony Juniper, directeur van milieuorganisatie Friends of the Earth, stelde dat Blair kennelijk liever belastinggeld verspilt aan een „in diskrediet geraakte en gevaarlijke nucleaire dinosaurus” dan aan milieuvriendelijke oplossingen.

Groot-Brittannië voorziet nu nog voor 22 procent in zijn behoefte aan elektriciteit via twaalf kerncentrales. Driekwart staat echter op de nominatie om te worden gesloten. In 2020 zullen er naar verwachting nog maar drie over zijn. Sinds eind jaren ’80 zijn er geen nieuwe centrales meer gebouwd. De bouw van nieuwe centrales kost ten minste tien jaar.