Apentaal voor ‘wegwezen’ ontdekt

Grote witneusmeerkatten in Nigeria combineren de alarmkreten voor ‘luipaard’ en ‘adelaar’ tot een nieuw begrip: ‘wegwezen!’

Grote meerkatten in Nigeria vluchten bij het horen van de alarmroep ‘pioew-hak’. Foto Nature Nature

Uit combinaties van woorden ontstaan nieuwe betekenissen. Wilde Afrikaanse apen met een vocabulaire van twee ‘woorden’ blijken een derde begrip te vormen uit een combinatie van die twee woorden. Dat schrijven de primatologen Kate Arnold en Klaus Zuberbühler van de University of St. Andrews in Schotland vandaag in het Britse wetenschappelijke tijdschrift Nature.

Net als veel andere soorten meerkatten heeft de grote witneusmeerkat (Cercopithecus nictitans) specifieke alarmroepen voor verschillende soorten gevaar. Het type roep vertelt soortgenoten wat zij het beste kunnen doen om gevaar te vermijden. De meerkat waarschuwt voor een in de buurt rondschuimende luipaard vaak met een specifieke roep, ‘pioew’, die langzaam herhaald wordt zolang er gevaar dreigt. Een rondvliegende adelaar ontlokt bij de aap meestal een ander signaal: ‘hak’.

Zuberbühler en Arnold ontdekten in het laagland-regenwoud van Gashaka Gumti in Nigeria dat de grote witneusmeerkatten de ‘pioew-hak’-signalen geregeld combineren en dat de alarmsignalen daardoor een nieuwe betekenis krijgen. De apengroep interpreteert de combinatieroep kennelijk als ‘wegwezen’, want zij haastten zich veel meer om weg te komen van de plek des onheils.

Om dat te kwantificeren liet Arnold in een veldexperiment bij 17 verschillende meerkatgroepen een opname van een luipaardgrom horen. Dat ontlokte een alarmroep van het volwassen mannetje dat de haremachtige groep leidt. In iets meer dan de helft van de gevallen produceerde het mannetje de combinatieroep ‘pioew-hak’. Na twintig minuten speelde Arnold een tweede geluidfragment af; een ‘hak’-alarmroep. Doordat deze prompt werd beantwoord door het dominante mannetje kon Arnold nauwkeurig de positie van de groep bepalen.

Het bleek dat de meerkatgroepen in reactie op een combinatieroep van hun leider veel verder gevlucht waren voor de luipaardgrom. De gemiddelde afgelegde afstand was 85 meter bij die combinatieroep; bij enkelvoudige alarmroepen 17 meter. Datzelfde patroon vond de primatologe bij spontane alarmroepen in het wild; bij pioew-hak-combinaties vluchtten de meerkatten vier keer zo ver weg.

Vier jaar geleden vond Zuberbühler al de eerste aanwijzingen dat apen semantische combinaties kunnen gebruiken. Hij ontdekte dat Campbellsapen, die ook specifieke alarmroepen voor luipaarden en roofvogels hebben, een derde geluid (een laag ‘boem’) aan hun alarmroepen vooraf laten gaan als het gevaar niet heel groot is of het type gevaar niet duidelijk is. Andere apen die een alarm hoorden voorafgegaan door een ‘boem’, reageerden lauw, een aanwijzing dat zij de veranderde betekenis van de combinatie begrepen.

Het vakgebied van de ‘dierentaal’ is de laatste jaren volop in beweging. Eerder deze maand verschenen wetenschappelijke artikelen over een primitief grammaticabegrip bij spreeuwen en over wilde dolfijnen die elkaar herkennen en benoemen met specifieke fluitjes, als een soort namen. Steeds meer elementen die gedacht werden uniek te zijn voor de menselijke taal, blijken ook in de dierlijke communicatie voor te komen.