The Wall Street Journal: Dutch Disease

Wat Nederland verliest, wint de Verenigde Staten.

Dit is het commentaar van The Wall Street Journal Europe van gisteren.

Eeuwenlang stond Nederland bekend als een veilige haven voor andersdenkenden. Vandaag lijkt het erop dat Nederlandse dissidenten zélf gered moeten worden.

De politicus Pim Fortuyn, de eerste die het establishment tartte door de dreiging van een radicale islam van eigen bodem te benoemen, werd in 2002 vermoord door een milieuactivist. In 2004 werd de filmmaker Theo van Gogh gedood door een radicale moslim. Hirsi Ali is de meest recente criticaster van de islam die het zwijgen is opgelegd. Het in Somalië geboren Kamerlid verlaat de Nederlandse politiek en verhuist naar de Verenigde Staten.

Het jarenlang leven onder permanente politiebewaking heeft haar uitgeput. Ze kreeg haar eerste doodsbedreigingen in 2002, toen ze publiekelijk afstand deed van haar geloof in de islam. De situatie verergerde na de moord op Theo van Gogh. Hirsi Ali had het script geschreven voor zijn film over de benarde positie van vrouwen in islamitische samenlevingen. Dat script lijkt haar collega en vriend het leven te hebben gekost.

De politie liet haar verhuizen van de ene schuilplaats naar de andere, tot het kabinet een permanente verblijfplaats voor haar vond. Maar haar buren dienden een klacht in: haar aanwezigheid bracht hen in gevaar en verminderde de waarde van hun huis. De rechter oordeelde vorige maand dat zij gelijk hadden: Hirsi Ali moest haar huis verlaten.

Het verliezen van die rechtszaak – en wat dat zegt over de houding van Nederland tegenover haar standpunten – was „de belangrijkste reden om te gaan denken over mijn vertrek”, zei ze tegen deze krant. Het gebrek aan solidariteit bij haar buren weerspiegelt de toenemende vijandigheid tegen Hirsi Ali in de Nederlandse media. Ook betreurde een adviesorgaan van de regering [de WRR, red.] onlangs het „klimaat van confrontatie en stereotiep denken” rond de islam. De auteur van het rapport, Jan Schoonenboom, beschuldigde Hirsi Ali van „islam bashing”.

Dat de radicale islam niet samen kan gaan met de moderne westerse samenleving „is iets dat, jammer genoeg, veel leden van het sociaal-democratisch establishment gewoon niet begrijpen”, zegt Hirsi Ali. Zij trekt een parallel tussen hoe de Nederlandse media de radicale islam verslaan en hoe zij berichten over het het nucleaire programma van Iran: ze negeren het.

„Ik vind het vreemd dat het nieuws over Iran al twee weken minimaal is”, zegt ze. „Dat is verzoeningspolitiek, appeasement . Als je een politiek van verzoening voert, hoop je dat het probleem vanzelf verdwijnt.” Omdat Hirsi Ali het Nederland niet toestaat de islamitische dreiging te negeren, wordt haar het zwijgen opgelegd, zegt ze. „Ik ben te provocerend.”

De meest recente poging om haar in diskrediet te brengen is van donderdag, toen een televisieprogramma ‘ontdekte’ dat ze in 1992 had gelogen om Nederland binnen te komen. Maar Hirsi Ali had in 2002 al publiekelijk toegegeven dat ze in Kenia had gewoond – en niet in het door oorlog verscheurde Somalië, zoals ze had gezegd toen ze asiel aanvroeg. Haar broer, die voorkwam in een verwarrend fragment van de televisiedocumentaire en daarbij twijfel leek te zaaien over haar verhaal dat ze een gearrangeerd huwelijk ontvluchtte, heeft sindsdien bevestigd dat het huwelijk wel degelijk tegen haar wil was.

Maar de hysterie houdt niet op. Nu wordt Hirsi Ali mogelijk haar Nederlanderschap ontnomen. Het televisieprogramma meldde niet haar besluit om het land te verlaten. Dat besluit had ze al een tijdje eerder genomen. Maar het kan goed dat de uitzending haar bekendmaking van dat besluit heeft bespoedigd.

Maar wat Nederland verliest, winnen de Verenigde Staten. Hirsi Ali is niet de eerste politieke vluchteling die de reis maakt van de Oude Wereld naar de Nieuwe.

Hirsi Ali’s ervaringen zijn niet uniek in Nederland. De politiek van verzoening is ook in de rest van Europa een reflex. De observatie van Hirsi Ali over de ‘minimale’ Nederlandse belangstelling voor de Iraanse nucleaire dreiging, slaat ook op andere landen in Europa. En ook elders worden moslimvrouwen die de islam bekritiseren, zoals Necla Kelek in Duitsland, beschuldigd van het promoten van islamofobie.

Maar zelfs nu zij zich opmaakt voor haar vertrek uit het land waar zij zich niet langer welkom voelt, wil Hirsi Ali onderscheid maken tussen de Nederlandse mentaliteit en de Nederlandse media. „De pers creëert het beeld dat het hele land tegen je is. Maar dat is niet zo”, zegt ze. „Ik hou van het land. Zonder Holland, zou ik niet zijn geworden die ik ben.” Dat Nederland, net als de rest van Europa, méér is dan wat de culturele elite vindt, is de beste hoop op overleven.

En zo denken de Nederlanders er zelf over, al zijn de lezers van nrc.next het daar niet mee eens. NRC 170506 / JF / Bron: NPS Nipo, Maurice de Hond