Stockholm en Milaan in één week

Veel werknemers dromen van een baan waarvoor ze de wereld over moeten reizen. In werkelijkheid zien zakenreizigers vooral vliegvelden en vergaderzalen.

Rebecca Scherer vindt het een sport om de reistijd zo kort mogelijk te houden. Ze reisde een jaar lang op en neer tussen Amsterdam en Londen en leerde hoe ze zo soepel mogelijk de horde van de luchthaven kon nemen. Rebecca Sherer, Schiphol, 13 mei 2006, foto Maarten van Haaff Haaff, Maarten van

Belangrijke besprekingen met interessante mensen, terrasje hier, museumpje daar, lekker shoppen en dat elke week in een ander land. Rebecca Sherer (33), projectmanager bij consultancybedrijf Bain & company glimlacht: dat was ook haar droom. Inmiddels heeft ze voor haar werk half Europa afgereisd en voornamelijk in vergaderzaaltjes gezeten. Stockholm, Oslo en Milaan in één week. „Ik kom in heel veel steden maar ik zie niets. Soms weet ik niet eens waar ik ben.” Edward Holweg (39), manager bij kogellagerproducent SKF, herkent de valse romantiek van een internationale baan. „Ik ben tientallen keren in Parijs geweest maar slechts één keer bij toeval in het centrum beland.”

Verwacht geen sappige verhalen van Holweg en Sherer. „Zakenreizen zijn niet chique, niet romantisch, niet avontuurlijk.” Ze rennen door Schiphol als forensen in een treinstation. En hoewel dat volgens beide een van de prettigste luchthavens is („Heathrow en Frankfurt zijn rampzalig”), heeft ook Schiphol zijn allure allang verloren. Ervaren zakenreizigers zien elk vliegveld als een onnatuurlijke plek vol airco’s, schoonmaakkarretjes en nauwelijks daglicht. Of ze nou naar Turijn moeten, Boston of Lutjebroek. Het is om het even. Doel is de bijeenkomst. De weg er naartoe is ballast. Holweg: „Reizen is wachten.”

Sherer vindt het een sport om de reistijd zo kort mogelijk te houden. Ze reisde een jaar lang op en neer tussen Amsterdam en Londen en leerde zo een keur aan trucjes om van een hordeloop een soepele sprint te maken. In haar race tegen de klok mijdt ze schoenen met stalen hakjes die het veiligheidspoortje laten piepen, neemt ze een taxi om geen parkeertijd te verliezen en checkt ze met haar KLM goldcard in bij de priority lane. „Dat scheelt vijf minuten.” En als een vrouwenstem de passagiers tot spoed maant met een final boarding call, blijft Sherer de rust zelve. „Relax, niet rennen, ze liegen.”

Holweg vertrekt juist vroeg naar Schiphol, om niet in files verstrikt te raken, en strijkt vervolgens neer in de lounge waar hij met zijn vele vliegpunten toegang toe heeft. Dat klinkt lui en luxueus, maar het eerste wat Holweg doet is zijn laptop openklappen. „Anders heb ik het gevoel dat ik mijn tijd zit te verdoen. Je kunt ook goed werken in de lounge, je wordt niet gestoord door collega’s.” Soms lukt het hem om met vliegpunten een economy plus ticket naar business class op te waarderen en dat is op lange vluchten pure winst. Met meer beenruimte komt de mens fitter aan op de plek van bestemming.

Geen overbodige luxe, in het buitenland werkt Holweg van half zeven ’s ochtends tot half twaalf ’s avonds. „Actionpacked”, noemt hij zijn propvolle dagen. Negen van de tien keer wordt hij uitgenodigd om mee te gaan eten. En het is de beleefdheidscode om ja te zeggen. „Ik heb veel aardige collega’s maar zo’n etentje vergt wel energie. Je hebt de hele dag al meetings gehad, je hebt die mensen niet zelf uitgekozen en je moet er wel met je kop bijblijven. Zakenreizen zijn vermoeiend, je wordt geleefd.”

Toch bevallen de volgeplande reizen het best. Zo reserveert Sherer steeds vaker een vergaderzaal op een luchthaven, zodat ze in één dag op en neer kan reizen. De klant moet dan wel naar het vliegveld komen, maar bespaart zich de kosten van de hotelovernachting van Sherer. En plakten Holweg en Sherer in het verleden nog wel eens weekend aan hun zakenreis vast, nu willen ze vooral zo snel ,ogelijk naar huis: Holweg naar zijn gezin, Sherer naar haar man. „Als je zoveel weg bent en in hotels verblijft, wil je het liefst met een kopje thee bij je eigen open haard zitten.”

Ze hebben begrip voor de lange wachttijden bij de controles op luchthavens sinds 11 september. De knoppen slaan pas door als er oponthoud is zonder reden, een vertraging zonder duur of nog erger: een annulering zonder alternatief. Hoorndol wordt Sherer als iedereen bij de baliemedewerksters staat te dringen en te gillen om zo snel mogelijk een nieuwe vlucht te krijgen. Zelf pakt ze het anders aan. „Blijf rustig, maar accepteer geen ‘nee’, want alles kan. Praat, denk mee, verzin opties, ga desnoods naar een ander, maar geef niet op.”

    • Monique de Knegt