‘Light’-product moet ook echt gezonder zijn

Fabrikanten mogen niet meer zomaar beweren dat voedingsproducten ‘light’ zijn. Het Europarlement heeft besloten dat ze zich moeten houden aan regels.

Op veel artikelen staat dat ze vezelrijk, ‘light’ of vetarm zijn. Een nieuwe wet regelt wanneer die claims mogen. Foto’s Maarten van Haaff Haaff, Maarten van

Frits Baltesen

Unilever loopt zich al warm. „We bekijken of deze nieuwe wet mogelijkheden biedt meer claims op onze producten te zetten”, zegt Dick Toet, directeur van de fabrikant van onder andere Blue Band, Unox, Knorr, Bertolli en Ola. „We hebben altijd al gepleit voor deze wetgeving.”

De multinational denkt bijvoorbeeld aan een claim voor een van zijn belangrijkste merken, Lipton. Unilever wil volgend jaar met grote letters op zijn blikjes icetea en theezakjes melden dat Lipton antioxidanten bevat. Die verminderen de zogeheten vrije radicalen in het lichaam, wat de kans op kanker kan verkleinen.

Na drie jaar hevig debat nam het Europees Parlement gisteren een wet aan die voorschrijft hoe bedrijven producten mogen aanprijzen die goed zijn voor de gezondheid. Bijvoorbeeld door op hun verpakking te zetten dat ze ‘light’ zijn, extra vitamine C bevatten of dat er calcium is toegevoegd. Ook de aanduiding ‘goed voor hart en bloedvaten’ wordt aan regels gebonden. Doel is de wildgroei aan claims op voedingsproducten te regelen. Het aantal producten waaraan vitamines, vezels, chemische stoffen, calcium, mineralen of speciale bacteriën zijn toegevoegd, is de laatste jaren explosief toegenomen.

Dit soort claims op verpakkingen zijn volgens Brussel onduidelijk en verschillen per land. ‘Light’-producten bevatten in Nederland bijvoorbeeld veel minder calorieën dan in de meeste andere Europese landen. En ‘minder vet’ is niet gezonder wanneer onverzadigd vet is vervangen door schadelijker verzadigd vet: een truc die koekfabrikanten soms toepassen. De stelling ‘weinig vet’ werpt de vraag op hoeveel weinig is.

Aan deze onduidelijkheid komt een einde, zegt Brussel. Zo mogen fabrikanten pas claimen dat er weinig vet, suiker, zout of calorieën in hun producten zitten, als er bijvoorbeeld maximaal 3 van de 100 gram (in het geval van vet) of 5 van de 100 gram (voor suiker) van die stof in het product zit.

Brussel ergerde zich aan claims, zoals die van Milka die een chocoladereep verkoopt ‘Met calcium’. Koekverpakkingen melden ‘rijk aan vitamine C’ en in Nederland werd Chupa Chups gedwongen de reclame voor lolly’s in te trekken. Daphne Deckers beweerde in spots voor het snoepgoed dat de lolly ‘0 procent vet’ bevatte, maar ze vergat te vertellen dat er bijna 100 procent suiker in zat. Bedrijven beweren soms dat een product ‘90 procent vetvrij’ is. „Dat lijkt goed, maar er zit dan dus wel 10 procent vet in”, zegt woordvoerder Philip Tod van de Europese Commissie. „Dat is heel slecht.”

Koekfabrikant Lu, zuivelgigant Danone en Unilever denken dat de wet het aantal claims op producten in Nederland niet vermindert. De maximaal toegestane hoeveelheden zijn ruim. „De gezondheidsclaim voor onze yoghurt Activia, dat ze de stoelgang bevorderen, hoeft niet van de verpakking”, verwacht directeur Marnix Eikenboom van Danone Nederland. Dat geldt ook voor de vele producten waaraan vitaminen, vezels, calcium of mineralen zijn toegevoegd.

Wel wordt Brussel strenger voor bedrijven die stellig beweren dat hun product de gezondheid verbetert. Als ze op de verpakking willen beweren dat hun artikel goed is voor hart en bloedvaten of cholesterol verlaagt, moeten ze straks eerst toestemming vragen aan het agentschap van de Europese Unie voor veilige voeding, EFSA.

EFSA onderzoekt of claims wetenschappelijk zijn onderbouwd. Producten mogen pas worden verkocht als de gunstige werking ervan is aangetoond. Dat vindt manager Toet (Unilever) een nadeel: „Zo’n procedure kan lang duren. Misschien wel één of twee jaar.” De brancheorganisatie FNLI zegt dat de wet nieuw onderzoek naar gezonder voedsel afremt.

Lu ziet wel mogelijkheden. Voedingsmanager George de Bekker introduceerde twee maanden geleden een verbeterde versie van tussendoortje Lego Milk Break. Daarin zit 30 procent minder verzadigd vet. Nu mag hij dat niet op de verpakking zetten, straks wel. Chipsgigant Smiths Food komt dit jaar met half zo vette Lay’s Sensations. Met de nieuwe wet kan Smiths dat claimen, omdat verzadigd vet het cholesterolniveau verhoogt. Pepsico wil Cruesli light introduceren. Waarschijnlijk mét claim.

Voor die ontwikkelingen waren Voedingscentrum en Consumentenbond bang. Ze zijn ontevreden over de wet en wilden eigenlijk af van alle claims. „Light wekt de indruk dat je er veel van mag eten”, stelt voedingsdeskundige Patricia Schutte van het Voedingscentrum.

Consumentenbond vindt Cruesli bijvoorbeeld helemaal niet gezond, omdat het veel suiker en calorieën bevat. Beide organisaties vinden dat de nieuwe wet weinig helpt in de strijd tegen overgewicht en suikerziekte. Maandag gaven lobbyisten van de bond voor het parlementsgebouw in Straatsburg T-shirts aan politici. Ze konden kiezen tussen maat M en XXL.

Misschien heeft de actie voorkomen dat gisteren een amendement werd aangenomen dat fabrikanten op de verpakking mochten schrijven dat hun product op één onderdeel gezond was, als het op andere punten schaadt. De christen-democraten, de grootste fractie in het parlement, wilden zelfs tot het laatst gezondheidsclaims toestaan op bier en wijn. Alcohol zou dementie verlichten en juist goed zijn voor hart- en bloedvaten.

Uiteindelijk ging het Europarlement akkoord met het compromis dat als er op een artikel ‘0 procent vet’ staat, de fabrikant in even grote letters dient te melden als dit artikel bijvoorbeeld veel suiker bevat. Daarom zullen veel fabrikanten dit type „onzinclaims” (Schutte) waarschijnlijk weglaten.

Fractiespecialist Dorette Corbey van de Europese sociaal-democraten hoopt dat de maatregel consumenten beter beschermt. „Onderzoek wijst uit dat veel mensen die gezondheidsclaims geloven. Vaak beslissen ze op grond daarvan of ze iets kopen.” Lobbyist Rogier Klimbie blijft op zijn hoede: „Bedrijven zien in claims een effectief marketinginstrument. Dat snap ik wel.”