Betwist akkoord met Marokko

Het Europees Parlement heeft gisteren met zeer ruime meerderheid ingestemd met een nieuw visserijakkoord tussen de Europese Unie en Marokko. Hierdoor krijgen vissersboten uit de EU het recht om vanaf 1 juni vier jaar lang afgesproken hoeveelheden vis te vangen in de Marokkaanse wateren. De overeenkomst ligt politiek gevoelig omdat ook het deel van de Atlantische Oceaan voor de Westelijke Sahara erbij betrokken is. Volgens voorstanders van onafhankelijkheid van dit gebied leidt het akkoord tot „rechtstreekse diefstal”.

De voormalige Spaanse kolonie heeft momenteel de status van ‘niet-zelfbesturend gebied’ zoals dat staat omschreven in het handvest van de Verenigde Naties. Nadat Spanje zich in 1976 terugtrok werd het bezet door Marokko en Mauretanië. De Saharaanse onafhankelijkheidsbeweging Polisario kwam hiertegen in opstand. Mauretanië trok zich in 1979 terug. In 1991 kwam het tot een wapenstilstand tussen Marokko en Polisario in afwachting van de uitkomst van een referendum over de toekomst van het gebied. Maar dit referendum is nog steeds niet gehouden.

Voorstanders van onafhankelijkheid voor de Westelijke Sahara vinden dat het gebied van de overeenkomst met Marokko had moeten worden uitgezonderd. Volgens de EU echter eerbiedigt het visserijakkoord de internationale status-quo. De facto bestuurt Marokko het gebied. Volgens internationale jurisprudentie waar het Europees Parlement zich op baseert is Marokko verplicht de opbrengsten uit de viswateren voor de Westelijke Sahara ten goede te laten komen aan de plaatselijke bevolking. In het akkoord is een passage opgenomen dat de Unie erop zal toezien dat dit ook werkelijk gebeurt. Maar volgens de tegenstanders wordt de visindustrie die zou moeten profiteren van de overeenkomst gecontroleerd door Marokkaanse generaals.

De Europese ministers van Visserij moeten zich nog over het akkoord uitspreken. Dit zal tijdens hun vergadering van maandag gebeuren.