On n’arrête pas Voltaire

Toen in 1960 Frankrijk de kroonkolonie Algerije dreigde te verliezen, publiceerde Jean-Paul Sartre in september het Manifeste des 121 in zijn tijdschrift Temps modernes. De ondertekenaars van het manifest keerden zich tegen de Franse pogingen de Algerijnse vrijheidsstrijd te onderdrukken.

Jean-Paul Sartre was een dwarsligger, opstoker, radicaal, en zijn ideologische standpunten waren gekleurd door typisch Frans neo-marxistisch modieus intellectualisme. Hij was ook een groot schrijver en essayist.

De overheid smeedde een plan om hem na een reis naar Algerije te laten arresteren. Toen generaal De Gaulle van de arrestatieplannen hoorde, merkte hij op: ‘On n’arrête pas Voltaire.’

Wat Sartre ook deed, hoe hij ook dacht, een man van zijn kaliber laat men ongemoeid. Maar deze houding spreekt niet alleen boekdelen over de positie van Sartre. De houding laat ook zien dat een samenleving alleen kan gloriëren wanneer zij over innerlijke beschaving en fatsoen beschikt en niet geleid wordt door de blinde toepassing van wetten en regels.

De Gaulle liet zien dat hij beschaving had, en een staatsman was. Rita Verdonk heeft bewezen dat zij voor altijd een gevangenisdirecteur zal zijn nu zij heeft getoond dat zij ons land als een detentie-inrichting wil leiden.

Leon de Winter is schrijver.

    • Leon de Winter