Morales dreigt investeerders

De regering van Bolivia heeft de Spaanse bank BBVA en de Zwitserse verzekeraar Zürich een ultimatum van drie dagen gesteld om hun aandelen in Boliviaanse oliemaatschappijen over te dragen aan de Boliviaanse staat. Zo niet, dan zullen ‘interventies’ plaatsvinden in de vestigingen van beide ondernemingen.

De maatregel werd gisteren bekend gemaakt door de Boliviaanse vice-president. Op vrijwel hetzelfde moment verklaarde de Boliviaanse president Evo Morales voor het Europese parlement in Straatsburg dat zijn regering „niemand wil uitstoten, noch onteigenen”.

In Spanje is met verontwaardiging gereageerd op de aangekondigde maatregel. De Spaanse vice-premier en minister van Financiën Pedro Solbes zei vanochtend dat het „onacceptabel” is dat de Spaanse bank zijn aandelen moet overdragen zonder een compensatie te ontvangen.

Solbes sprak evenwel de hoop uit dat hierover nog onderhandeld kan worden met de Boliviaanse regering.

Morales probeerde met zijn optreden voor het Europese parlement de angst weg te nemen dat de Boliviaanse regering de oliebelangen vordert zonder compensatie te bieden. „Om de welvaart te herverdelen zijn we verplicht haar te nationaliseren”, aldus Morales. „Iedere onderneming die in mijn land heeft geïnvesteerd heeft alle recht om zijn investeringen en bezittingen terug te krijgen, maar niet het beheer erover. Ze zullen deelnemers worden, niet de eigenaars van onze natuurlijke hulpbronnen.”

BBVA en Zürich beheren ieder een pensioenfonds waarin bij de privatisering van negen jaar geleden de energiebelangen van de staat werden overgenomen.

Het betreft hier aandelen Andina (van het Spaans-Argentijnse Repsol-YPF), Transredes (in handen van Enron en Koninklijke Olie) en Chaco (British Petroleum).

    • Steven Adolf