Elke maand een andere studie

De Tweede Kamer vergaderde gisteren over leerrechten.

Er viel nog geen besluit, maar de studenten zijn erg kritisch.

Staatssecretaris Mark Rutte (Onderwijs, VVD) wil leerrechten invoeren. Het zijn zogenoemde tegoedbonnen voor studies in het hoger onderwijs. Per periode kunnen die worden ingezet voor een studie naar keuze. Studenten die niet tevreden zijn over hun studie kunnen zo vrij gemakkelijk overstappen naar een andere studie, bij een instelling naar keuze.

Studenten moeten dus met de voeten gaan stemmen. Het is een van de speerpunten van de herinrichting van het hoger onderwijs, die de staatssecretaris door de Tweede Kamer hoopt te loodsen. Rutte wil studenten zo stimuleren dat slecht onderwijs direct wordt afgestraft.

Met hun massale opkomst bij het Tweede-Kamerdebat over leerrechten gisteren, benadrukten studenten van diverse organisaties dat die leerrechten er wat hen betreft helemaal niet hoeven te komen. Hoewel er pas bij het plenaire Kamerdebat over dit onderwerp - dat nog voor de zomer zal plaatsvinden - een definitieve beslissing valt, namen de studenten de gelegenheid te baat om hun standpunten nog eens duidelijk te maken.

Ze vrezen veel te veel collegegeld te betalen als de leerrechten, die in de meeste gevallen zes jaar mogen worden ingezet, op zijn. Bovendien zijn de studenten van mening dat het tegendeel wordt bereikt van wat de staatssecretaris beoogt, namelijk keuzevrijheid, flexibiliteit en kwaliteit.

Het studentenprotest staat niet op zichzelf. De Raad van State oordeelde dat het plan “overbodig en tegenstrijdig' is. Ook de universiteiten zijn tegen: hun bezwaren richten zich vooral op de termijn van een half jaar, die veel administratieve verplichtingen met zich meebrengt.

Het gebrek aan draagvlak is ook bij Tweede-Kamerleden niet onopgemerkt gebleven, zo bleek gisteren tijdens het debat. “Hoe kan dat, nadat er anderhalf jaar over is vergaderd met alle partijen?“, vroeg Jacques Tichelaar (PvdA) aan de staatssecretaris. Zijn collega Fenna Vergeer (SP) stelde voor om de invoeringsdatum een jaar op te schuiven. En Arie Slob (ChristenUnie) noemde de 23 ingediende amendementen “geen goed teken“.

Ook de voorgestelde duur van leerrechten van een half jaar kon op de nodige bezwaren rekenen. Een aangenomen motie van Tichelaar voorziet in de mogelijkheid voor studenten om per maand van instelling te veranderen, ondanks de daaraan verbonden kosten voor de universiteiten en hogescholen.

Al deze bezwaren ten spijt ziet het ernaar uit dat de leerrechten het gaan halen in het parlement, zij het mogelijk in aangepaste vorm. De twee grootste fracties (CDA en PvdA), die samen een meerderheid hebben in de Tweede Kamer, zijn in de kern voorstander van leerrechten. Wel is het de vraag of Rutte zijn geplande invoeringsdatum van 2007 nog haalt. Een andere motie van PvdA'er Tichelaar die gisteren werd aangenomen, bepaalt dat de leerrechten alleen worden ingevoerd als de Wet op het hoger onderwijs en onderzoek (WHOO), waar de leerrechten een vooruitgeschoven onderdeel van zijn, vóór september 2007 wordt aangenomen.

Die motie is cruciaal, omdat de wet, die komend najaar door de Tweede Kamer zal worden besproken, eveneens op grote weerstand kan rekenen bij universiteiten en studenten. “Haastwerk“, oordeelt voorzitter Evelien van Roemburg van studentenbond ISO over deze wet. Voorzitter Ed d'Hondt van de vereniging van universiteiten (VSNU) suggereert de WHOO over de Tweede-Kamerverkiezingen van 2007 heen te tillen, om de wet “beter hanteerbaar“ te maken.

Ze hebben vooral kritiek op het begrip “zorgplicht'. De colleges van bestuur zijn verplicht goed onderwijs te leveren, studenten goed te informeren en de medezeggenschap te organiseren, maar ze mogen zelf weten hoe ze dat doen.

Doordat de term zo vaag is omschreven, zeggen studentenbonden LSVb en ISO, komt de rechtspositie van de student in het geding. Hoe kan worden getoetst of de colleges van bestuur “goed' onderwijs leveren, of “voldoende' informatie? Ook het gebrek aan draagvlak en de “onduidelijke“ medezeggenschap stuiten bij de studentenbonden op kritiek.

Niet alle organisaties in het hoger onderwijs hebben kritiek. Een belangrijke medestander van Rutte is de HBO-raad. Zo is de vereniging van hogescholen zeer te spreken over de raden van toezicht, die in de nieuwe wet de rol van de overheid als toezichthouder op de instellingen moeten overnemen.

    • Derk Walters