De zaak van de bom/ gasexplosie

Was het een bom of een gasexplosie? En, als het een bom was, werd die dan geplaatst door de Turkse sociologe Pinar Selek? Het tragi-komische verhaal van de ontploffing in de Egyptische bazaar in Istanbul.

Kom niet, had de Turkse sociologe Pinar Selek nog gezegd, het is gevaarlijk voor jullie, misschien gaat de politie jullie wat doen. Maar toen Selek de Istanbulse rechtszaal binnenliep zag ze dat niemand van haar marginale vrienden en vriendinnen dat advies had opgevolgd – lijmsnuivers, straatkinderen, travestieten, hoeren, ze waren allemaal voor Selek gekomen. „Ik heb spuuggenoeg van mijn proces”, zegt de sociologe in de haven van de wijk Besiktas, terwijl in de verte het geluid van de veerboot klinkt. „Maar dat zij mij kwamen steunen, zal ik nooit vergeten.”

Morgen zal Selek die steun nodig hebben. De rechtbank in Istanbul doet dan naar alle waarschijnlijkheid uitspraak over de vermeende bomaanslag in de Egyptische bazaar in Istanbul van 1998. De aanslag is vermeend, want volgens Selek én onafhankelijke deskundigen ging het om een gasexplosie. In de ogen van de Turkse justitie ging het echter wel degelijk om een bom en werd deze geplaatst door Selek. Mocht zij schuldig worden bevonden, dan verdwijnt zij enige jaren achter de tralies.

Prominente Turkse intellectuelen zoals schrijver Orhan Pamuk en politicoloog Baskin Orhan (die zelf vorige week nog werd vrijgesproken van het oproepen tot haat) hebben zich solidair met Selek verklaard. „Ik ben kalm”, zegt de sociologe, „Ik heb er alle vertrouwen in dat het goed komt.”

Vanaf het begin is haar zaak ontsierd door een serie juridische fouten en – op zijn zachtst gezegd – verdachte gebeurtenissen. In die zin is de zaak-Selek dan ook veel belangrijker voor Turkije dan bijvoorbeeld het proces tegen Orhan Pamuk. Deze werd ervan beschuldigd de Turkse „nationale identiteit” te hebben beledigd door te zeggen dat er op Turks grondgebied 30.000 Koerden en een miljoen Armeniërs zijn vermoord. Naar Europese begrippen was dat een vreemde aanklacht maar puur formeel gesproken bewandelde justitie bij die zaak (die met een sisser afliep) de weg van het recht: elke stap werd onderbouwd met juridische argumenten en er was geen sprake van bijvoorbeeld geknoei met bewijsmateriaal.

In de zaak van Selek is dat, zo zeggen haar medestanders, wel degelijk gebeurd. Als zij wordt veroordeeld, dan is dat volgens het liberale kamp in Turkije een bewijs dat het rechtssysteem in Turkije, ondanks alle hervormingen die dit land op weg naar de Europese Unie doorvoerde, nog steeds tot op het bot verrot is.

Selek zelf kan hele lijsten geven van fouten die de politie maakte in haar zaak. Zo werd zij, vertelt ze, al vóór de explosie in de bazaar gearresteerd op verdenking van het maken van bommen. Later bleek, aldus Selek, dat die explosieven al op het politiebureau aanwezig waren voordat zij in de tas van Selek opdoken. De politie, aldus medestanders van Selek, had geprobeerd de sociologe erbij te lappen. Na de ontploffing in de Egyptische bazaar werd de zaak nog vreemder. Uit onafhankelijk onderzoek van de prestigieuze Midden-Oosten Technische Universiteit in Ankara bleek dat aan de ontploffing helemaal geen bom te pas was gekomen.

„Het was overduidelijk dat het om een gasexplosie ging”, zegt Inci Gökmen, hoogleraar Chemie aan de universiteit in Ankara, die een rapport over de zaak schreef. „Ik begrijp niet waarom ze (justitie, red.) dat niet konden accepteren.” Een computersimulatie van een ander departement van de Universiteit bevestigde die conclusie. Toch besloot het openbaar ministerie Selek te vervolgen.

Maar waarom? Dat Selek uit een bekende extreem-linkse familie komt zal een rol hebben gespeeld. Ook haar werk in de wijk Beyoglu met straatkinderen en travestieten zal haar vijanden hebben opgeleverd. „Ik werkte daar ten tijde van de grote Habitat-conferentie”, zegt ze. „Een aantal groepen, onder wie extreem-nationalisten, wilde de wijk vrij maken van travestieten. Ze drongen erop aan dat elke echte Turkse man een vlag aan zijn huis hing. Als travestieten dat deden, dreigden ze hun huis in brand te steken. Ik vroeg aan extreem-nationalisten: en als Uw zoon ooit eens travestiet wordt, wat dan? Ze vermoordden me bijna.” Het boek dat Selek over de travestieten schreef, werd een bestseller in Turkije.

Echt omstreden werd Selek pas toen ze in de jaren negentig contacten legde met de PKK van van Koerdenleider Abdullah Öcalan. „In het huidige tijdsgewricht zul je dat misschien ongestraft kunnen doen”, zegt ze, „maar toen ik het deed lag dat nog anders”. Seleks onderzoek naar het hoe en waarom van het conflict in Zuidoost-Turkije bracht haar naar Duitsland, Nederland en Frankrijk. Naar eigen zeggen was het bepaald een kritisch onderzoek: „Een van de dingen die ik wilde onderzoeken was: waarom is extreem-links de weg van het geweld gaan kiezen?”

Bij terugkomst in Turkije werd Selek gemarteld om de namen van haar contacten bij de PKK los te krijgen.

Sindsdien heeft ze het gevoel dat ze een doelwit is van wat veel Turken de ‘diepe staat’ noemen – een vermeende groep mensen („Namen als Ahmet of Mehmet kan ik niet geven, ik weet wel dat het geen vrouwen zijn”) binnen de geheime dienst MIT, het leger, de politie en de ministeries in Ankara die, los van elke democratisch gekozen regering, Turkije domineren.

Vroeger had iedereen het over de ‘diepe staat’ maar sinds Turkije op weg is naar de Europese Unie en het bestel transparanter is geworden, valt de term minder vaak. Mede daarom zou Seleks proces een uitgelezen kans zijn om na te gaan of er daadwerkelijk zo’n groep is en, zo ja, wie dat zijn. In het ‘nieuwe’, transparantere Turkije zou zo’n onderzoek denkbaar zijn.

Of het ervan komt, is echter zeer de vraag. Selek zelf wil het proces zo snel mogelijk achter zich laten en zal daarom geen tegenklacht indienen om de onderste steen boven te krijgen en een gerechtelijk onderzoek lijkt onwaarschijnlijk. Zelfs in het geval van vrijspraak zullen velen, terecht of onterecht, met vragen blijven zitten.

    • Bernard Bouwman