De beer snuffelt rond op de beurzen

De schrik zit er de laatste dagen goed in op de financiële markten. De tijd van overvloedig geld loopt wereldwijd ten einde.

Het kan zijn dat hij alleen maar wat rondsnuffelt. Maar de angst voor de ‘beer’ zit er de laatste dagen flink in op de wereldwijde financiële markten.

Want er zijn tekenen voor een structureel dalende markt: de grondstoffenprijzen krijgen ervan langs en de aandelenmarkten moeten fors terug, vooral door de dalende koersen van bedrijven die in grondstoffen zitten. De dollar is bezig aan een flinke terugtocht, en raakte bijna aan de 1,30 dollar per euro, een koers die al een jaar niet is gezien. En hoewel de dollar daarna wat herstelde, blijft de koers tegenover de yen laag op 110 yen per dollar. Goud maakte gisteren zijn zwaarste koersdaling door in een kwart eeuw, en viel met 4 procent. Beleggers vluchten als vanouds in de vrijhaven der vrijhavens: de Zwitserse frank.

Wat is er aan de hand? Zoals wel vaker zijn er verklaringen uit de geopolitiek, verklaringen uit de reële economie en verklaringen vanuit de werking van de financiële markten zelf. De eerste categorie is ongrijpbaar. Er is de opkomst van een populistisch socialisme in Zuid-Amerika, het rommelt bij olieproducent Nigeria en voor het Iraanse veronderstelde kernwapenprogramma is een compromis tussen de vaste leden van de Veiligheidsraad nog niet in zicht. Rusland en de VS wisselen harde taal uit over de autocratische koers van Poetins energiepolitiek, de Amerikaanse president Bush kampt met een verlammende daling van zijn populariteit en in Europa verkeren het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk in een bestuurlijke impasse.

Uit de grabbelton van de internationale politiek is altijd iets te vissen. Teleologie, het selectief zoeken naar verklaringen voor een probleem, is een wetenschappelijke methode die door analisten is vervolmaakt. Een maand geleden, toen vrijwel al deze problemen ook al speelden, reikten de aandelenkoersen nog naar de records van het topjaar 2000, en overstegen ze in sommige landen zelfs.

De selectieve blik geldt voor een belangrijk deel ook voor de macro-economische analyse van de huidige onrust op de financiële markten. Er is een kennelijke angst voor inflatie, die vooral gevoed wordt door de komende publicatie van de Amerikaanse inflatiecijfers morgen, en er is ongerustheid dat het Amerikaanse economische hoogtij ten einde loopt. Dat betekent dat de rentes in de industriewereld verder kunnen oplopen, en de winstgevendheid van met name Amerikaanse bedrijven zijn beste tijd heeft gehad. Sleutel is hier niet alleen de gestegen prijs van energie en andere grondstoffen, maar ook het stagnerende consumentenvertrouwen en een mogelijke hapering van de huizenmarkt.

Ook hier verschilt de diagnose nauwelijks van een maand geleden, maar er wordt nu anders naar gekeken. Het is alsof beleggers een Albert Heijn uitkomen met de analyse dat het filiaal enkel de ingrediënten verkoopt voor appeltaart, omdat zij van huis vertrokken met een lijstje waarop alleen deze producten stonden. De rest van het assortiment zien ze gemakshalve over het hoofd.

Leiden de markten dus een eigen leven, zonder al te direct te luisteren naar de politieke en economische omgeving? In zekere zin wel. Het is niet ongebruikelijk dat in speculatieve perioden de rechtvaardiging voor een opwaartse marktbeweging dient ter geruststelling van de participanten.

Maar als er één werkelijke gemeenschappelijke noemer te vinden is voor de gebeurtenissen die in 2006 in een stroomversnelling raakten, is het de enorme vloed van geld die door het soepele beleid van westerse centrale banken in omloop is gekomen, en vervolgens de angst dat die geldvloed nu wordt ingedamd. De Amerikaanse centrale banken hebben hun rentes verhoogd van 1 procent twee jaar geleden naar 5 procent nu. De Europese Centrale Bank heeft haar rentes sinds eind vorig jaar verhoogd van 2 procent naar 2,5 procent en zal voorlopig doorgaan. En de Japanse centrale bank maakt langzaam een einde haar politiek van nulrente. Inflatiebeleid geldt niet alleen meer voor de prijzen van goederen en diensten. Dat gaat ook op voor de inflatie van de prijzen van activa, zoals aandelen, leningen – en grondstoffen.

De tijd van het overvloedige geld nadert zijn einde. De markten komen daar nu met een schok achter. De beer snuffelt rond. Misschien loopt hij onverrichter zake door.

Dollar bezig met terugtocht. NRC Handelsblad 160506 / BG / Bron: Thomson Financial Datastream

Goud op historische hoge waarde. NRC Handelsblad 160506 / BG / Bron: Thomson Financial Datastream

    • Maarten Schinkel