Voortaan wil D66 helder zijn

Een jaar lang denkt D66 na over een nieuwe koers voor de partij. Maar het pamflet waarin die zou staan werd afgelopen zaterdag niet geaccepteerd door de leden.

In de pauze van het D66-congres in Zutphen, afgelopen zaterdag, staat oud-D66-leider Hans van Mierlo met een papieren lunchzak bij een tafeltje, net als de meeste andere D66-leden. Twee broodjes, een krentenbol, een appel en een pakje wicky sinaasappel. Van Mierlo doet een rietje in het pakje en zegt dat hij de bijeenkomst „vervreemdend” vindt. Net vóór de pauze had het congres besloten dat het pamflet ‘Denken, durven, doen’, waar de leden al bijna een jaar over mogen meedenken en meepraten, „voor kennisgeving” was aangenomen. Verder niks. In het pamflet had moeten staan wat D66 vindt en wat D66 wil. Op het congres hadden de leden dat moeten overnemen. Van Mierlo begrijpt er niets van, zegt hij, dat het partijbestuur kennelijk zo lang niet heeft doorgehad dat de leden er niks van moeten hebben. „De partij is het spoor bijster.”

Het spoor bijster? „Nu niet meer”, zegt Alexander Pechtold, minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en sinds vorige week kandidaat-lijsttrekker van D66. Om drie uur ’s middags wandelt hij van De Hanzehof in Zutphen, waar het congres is, naar een zaaltje in de buurt waar ‘DeZes’ bijeenkomt, een pas opgerichte beweging van ontevreden D66’ers. Zijn toespraak voor het congres, eerder die dag, ging goed – er werd lang en hard geklapt. Nu wil Pechtold laten zien dat de partij onder zijn leiding het zelfvertrouwen terug kan krijgen. „Ik wil elke ontevreden D66-kiezer terughalen.” Pechtold geeft zijn visitekaartje aan de oprichter van DeZes, oud-partijbestuurder Han Westerhof, en loopt snel terug naar het congres.

Bijna de hele dag staat Pechtold in de lobby van De Hanzehof met D66-leden te praten. D66-fractievoorzitter Lousewies van der Laan, die deze week bekend zal maken of ze ook lijsttrekker wil worden, loopt daar alleen maar snel doorheen, met een televisiecamera achter zich aan. Ze is op weg naar de zaal of naar de kamer waar ze aan haar toespraak werkt en met anderen overlegt over moties van leden. Bijvoorbeeld de motie van een Friese afdeling die D66 oproept om uit het kabinet te stappen, en de motie waarin staat dat het vertrouwen moet worden opgezegd in minister Rita Verdonk (Vreemdelingenzaken, VVD). Daardoor zou de Tweede-Kamerfractie van D66 gedwongen worden om een kabinetscrisis te veroorzaken.

Ook Pechtold praat met Van der Laan over de moties. In zijn toespraak staat daarna een nieuwe passage, over de 26.000 uitgeprocedeerde asielzoekers uit de tijd van de oude vreemdelingenwet (van vóór 2001). D66 zal van Verdonk eisen dat ze haast maakt met de behandeling van die dossiers. D66, zegt Pechtold, zal niet accepteren dat die dossiers worden overgelaten aan een volgend kabinet. Hij wil dat de duizenden asielzoekers die nog niet weten wat hun verblijfsstatus is, dat vóór het eind van het jaar wel weten. „Als versnelling niet werkt, is excuus geen mogelijkheid, een pardon wel.”

Pechtold zegt later dat hij na die toezegging de opluchting voelde van de zaal. De 26.000 asielzoekers zijn volgens hem een „open zenuw” van de partij – D66 wilde een generaal pardon voor die groep, maar dat kwam er niet. „Ik zal mijn collegiale verantwoordelijkheid nemen. Dit wordt een hard punt voor ons.”

De motie over Verdonk kreeg te weinig steun en ook de motie om uit het kabinet te gaan, haalde het niet. Voordat erover werd gestemd, draaide het bestuur het nummer The Road Ahead van City to City. De leden, ook de D66-bewindslieden, op de eerste rij, zwaaiden met hun stembriefjes op de maat. Die muziek was de uitvoering van een motie die het congres eerder had aangenomen: als het zou gaan over „beëindiging van kabinetsdeelname” zou er „luid en duidelijk” muziek moeten worden gedraaid die volgens de indieners paste bij de situatie. Er kon gekozen worden uit een lijst van vooral treurige nummers. Het Friese Statenlid Johan Sieswerda zei later dat de muziek voelde als manipulatie door de partijtop. The Road Ahead – wie stemt er dan nog voor een kabinetscrisis?

De vroegere D66-leider Hans van Mierlo zei in de pauze van het congres dat Alexander Pechtold „de buitenstaander” zou kunnen zijn die de partij uit „het gat” omhoog trekt. Lousewies van der Laan had wel „kwaliteiten”. Maar als je zelf in het gat zit – veel leden vinden dat vooral de Tweede-Kamerfractie fouten heeft gemaakt – is het volgens Van Mierlo niet logisch om te denken dat je jezelf en de partij daaruit kunt halen.