Tientallen doden bij geweld in Irak

Na een zeer bloedige zondag, met ongeveer 45 doden en meer dan 80 gewonden, zijn in Irak vanochtend weer zeker negen mensen gedood bij aanslagen. De kabinetsformatie stuitte intussen op nieuwe problemen, vijf maanden na de verkiezingen.

Bij Baladruz, 100 kilometer ten oosten van Bagdad, werden vandaag onder anderen vier docenten gedood toen gewapende mannen het vuur openden op hun minibus. De bloedigste aanslag van gisteren was de dubbele zelfmoordaanslag bij een Amerikaanse basis bij de luchthaven van Bagdad. Daarbij werden volgens het Amerikaanse leger 14 mensen gedood.

Daarnaast werden gisteren zes Amerikaanse militairen gedood. Twee vonden de dood toen hun helikopter door rebellen werd neergehaald bij Yusufiya, ten zuiden van Bagdad, twee bij gevechten in de sunnitische provincie Al-Anbar en twee bij een bomexplosie in het oosten van Bagdad. Zaterdag werden twee Britse soldaten gedood toen een bom bij de zuidelijke stad Basra ontplofte toen hun patrouille passeerde. In Zuid-Irak neemt het geweld toe.

De inspanningen van de komende Iraakse premier, de shi’iet Nouri al-Maliki, om een regering van nationale eenheid te vormen, stuitten gisteren op nieuwe problemen. Een vertegenwoordiger van de invloedrijke partij van de radicale shi’itische geestelijke Muqtada Sadr dreigde dat de shi’ieten eenzijdig een nieuw kabinet zullen vormen als andere groepen hun eisen niet terugschroeven en de Amerikanen nog langer tussenbeide komen. Het grootste sunnitische blok dreigde daarop zich helemaal uit het politieke proces terug te trekken.

Het shi’itische parlementslid, Bahaa al-Araji, zei dat dat Amerikanen zich bemoeien met de invulling van de ministeries van Defensie en Binnenlandse Zaken, die leger en politie controleren, en dat bepaalde blokken die bij de formatie betrokken zijn „meer vragen dan waarop ze gezien de verkiezingsuitslag recht hebben. Als dat niet binnen twee dagen ophield, zou de shi’itische alliantie, die 128 van de 275 parlementszetels bezet, zelf een kabinet vormen. De Amerikanen staan erop dat Defensie en Binnenlandse Zaken onder onafhankelijke ministers komen. Eerder had de Fadhilapartij, onderdeel van de shi’itische allliantie, zich uit de onderhandelingen teruggetrokken uit woede over het feit dat het ministerie van Olie naar een andere partij zou gaan.

Maliki had na zijn aanwijzing als premier voorspeld binnen korte tijd een regering te kunnen vormen, maar inmiddels zit hij nog maar een week af van zijn tijdlimiet – 22 mei. Volgens parlementsleden overweegt hij nu een rompkabinet bekend te maken, en zelf de portefeuilles Defensie en Binnenlandse Zaken onder zijn hoede te nemen tot de verschillende blokken het daarover eens zijn. (Reuters, AFP, AP)