Romeo en Julia

Foto NRC Handelsblad, Vincent Mentzel Micha HAMEL,dichter,dirigent.foto VINCENT MENTZEL/NRCH.==F/C==,Vreeland,18 jan. 2005 Mentzel, Vincent

„Het mooie aan het verhaal van Romeo en Julia is dat het twee werelden laat zien die tegen elkaar opbotsen. Niet simpel goed en kwaad, maar twee verschillende families die ruzie met elkaar hebben, en zich pas verzoenen als de twee , die wél iets met elkaar wilden ,zijn geofferd. Ik krijg dan allemaal gratis muzikale informatie. Families laten zich ogenblikkelijk vertalen naar instrumentfamilies. Ik ben geïnteresseerd in ruimtelijke opstellingen, en hier krijg je dat links/ rechts gewoon cadeau. En ook het langzamerhand naar elkaar toegroeien en met elkaar verstrengelen van twee solo-instrumenten, terwijl hun begeleiders met elkaar botsen. Het schema is heel eenvoudig, maar de gevoelswereld ontzettend rijk, en dat maakt het geschikt voor muziek.”

Zaterdag speelt het Residentie Orkest onder leiding van Susanna Mälkki de wereldpremière van Romeo en Julia van Micha Hmel (1970), gebaseerd op het beroemde verhaal van Shakespeare. Opvallend is dat Hamel het gegeven verwerkte in een zuiver instrumentale compositie: een dubbelconcert voor hobo (Julia) en hoorn (Romeo). Er is dus geen tekst of ballet waarin het verhaal geëxpliciteerd wordt – de muziek moet dat zelf doen. Dat strookt echter volledig met Hamels benadering, ook als dirigent, van álle muziek.

„Als ik een Schubert-symfonie dirigeer, heb ik ook een soort scenario in mijn hoofd. Niet in termen van ‘nu stapt Pietje op zijn fiets’, maar je moet toch zorgen dat de ene noot bij die andere gaat horen. Je hebt een f en een g, en, nou ja, waarom zouden die twee met elkaar te maken moeten hebben? Misschien wil die g in de buurt komen van die f, of hem opeten, of komt hij toevallig langs. In dat soort termen denk ik.

„Sommige delen van de muziek heb ik wel letterlijk op de woorden van Shakespeare gezet, in een Nederlandse vertaling. Daarna heb ik die woorden weer doorgestreept. Ik wilde onderzoeken of je zo een muziek krijgt die op een onbewust niveau heel direct communiceert. Onze hersenen zijn gewend aan onze taal: we kennen de klanken, de zinsmodulaties, de stembuigingen. Muziek is daar ooit een afgeleide van geweest. Ik denk dat een Nederlandse muziek daar ook gebruik van moet maken. In veel Tsjechische muziek hoor je vaak een accent op de eerste tel, precies zoals ze daar de klemtoon altijd op de eerste lettergreep leggen. De Weense melodiek, van Mozart of Beethoven, heeft ook een connectie met de Duitse prosodie – de muziek van Mozart heeft zeker een element dat je niet kunt begrijpen als je geen Duits spreekt. In dit stuk wilde ik ontdekken of ik zo ook een ‘Nederlandse muziek’ kan verzinnen.

„Ik heb toevallig halverwege het componeren een aantal keer Romeo en Julia van Prokofjev gedirigeerd. Een geweldig stuk, maar ik heb er verder niets mee gedaan in mijn eigen compositie. Ik hou niet van citeren. Ik ben wel ontzettend geïnteresseerd in wat Prokofjev in melodisch opzicht kan. Zijn melodieën moduleren vaak op een heel ingewikkelde manier door. Ze zijn heel makkelijk te onthouden, maar moeilijk na te zingen, en daardoor blijven ze heel fris. Dat heb ik van Prokofjev geleerd.

„Romeo en Julia gaat, zoals veel van mijn stukken, in sneltreinvaart voorbij. In 26 minuten heb je het hele traject gedaan. Dat past ook bij het verhaal: het gaat over heel jonge mensen, 14 en 16, die heel heftig reageren en snel van kleur verschieten. Mensen van die leeftijd denken ook verschrikkelijk snel, ze voelen heel veel tegelijk en zijn wild en roekeloos. Ik heb geprobeerd dat in het tempo van de gebeurtenissen tot uitdrukking te brengen. Het is een vrij ‘opgedraaid’ stuk. Zoals je een brommer opvoert.”

Residentie Orkest o.l.v. Susanna Mälkki. ‘Een eeuw in muziek, met o.a. Romeo en Julia van Micha Hamel. 20/5 Den Haag. Inl.: www.residentieorkest.nl

    • Jochem Valkenburg