PKN krijgt gelijk over naam kerk

De behoudende hervormden die weigerden mee te gaan naar de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) mogen zich niet de Hersteld Nederlandse Hervormde Kerk noemen. Dat heeft de rechtbank van Arnhem vanmorgen uitgesproken.

De PKN, in 2004 ontstaan uit een fusie van de Nederlandse Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken en de Evangelisch Lutherse Kerk, beschouwt zich als de wettige erfgenaam van het predikaat Nederlands hervormd. Zij eiste in een kort geding dat hervormden die niet meegingen zich niet van die naam zouden bedienen.

Woordvoerder Hollaar verklaarde vanmiddag dat de PKN „met enige voldoening, maar zonder triomf” van de beslissing had kennisgenomen. „Het spijt ons dat we deze weg moesten gaan om de weêrpartij aan de gemaakte afspraken te houden”. Op 31 augustus 2004 bereikten de dagelijkse besturen van PKN en hersteld hervormden overeenstemming over gebruik van de naam ‘hersteld hervormd’ zonder de aanduiding ‘Nederlands’. Begin dit jaar werd deze beslissing door de hersteld hervormde synode teruggedraaid. De hersteld hervormden stelden, dat de PKN kon weten dat de hersteld hervormde synode het laatste woord zou hebben. De rechter sprak uit dat de in 2004 gemaakte afspraak moet worden nageleefd op straffe van een dwangsom van 1.000 euro per dag.

Ds. D. Heemskerk, voorzitter van de hersteld hervormde synode, toonde zich teleurgesteld over de beslissing. Hij noemde het jammer dat de rechter in deze kwestie geen ruimte had gelaten voor de kerkrechtelijke besluitvorming over de naam. Hij zei in beginsel niet te voelen voor een hoger beroep. „Dit is ons door de PKN aangedaan. Hier houdt het verhaal op. We zullen ons nu zo snel mogelijk intern beraden.”