Minister moet nu streng zijn

Hirsi Ali vertelde zelf aan minister Verdonk dat zij heeft gelogen bij de asielaanvraag.

Volgens hoogleraar De Groot is Verdonk gedwongen haar paspoort in te trekken.

Tweede-Kamerlid Hirsi Ali Foto Merlijn Doomernik / HH Nederland, Den Haag, mei 2004 Ayaan Hirsi Ali, tweede kamerlid voor de VVD foto: Merlijn Doomernik / Hollandse Hoogte Hollandse Hoogte

„Een absurde kwestie’’. Zo noemde GroenLinks-fractievoorzitter Femke Halsema gisteren de affaire rond VVD-Kamerlid Ayaan Hirsi Ali tijdens het discussieprogramma Buitenhof. Hirsi Ali heeft in 2002 al opgebiecht dat ze bij haar asielprocedure gelogen heeft over haar naam en geboortedatum – aan de VVD-selectiecommissie en publiekelijk tijdens het praatprogramma van Barend en Van Dorp. „Als er al een schuldige is’’, aldus Halsema, „dan is het de VVD’’.

Absurd of niet, feit is dat minster Rita Verdonk (Vreemdelingenzaken, VVD) dit weekend liet weten dat ze alsnog een onderzoek laat instellen naar de naturalisatie van haar partijgenote in 1997. En als hoogleraar Nationaliteitsrecht René de Groot van de Universiteit Maastricht wordt bevraagd over de juridische merites van dat onderzoek, gebruikt hij een heel andere kwalificatie dan Halsema.

„Dramatisch’’, zegt De Groot. Op grond van de berichtgeving rond Hirsi Ali constateert De Groot dat het Kamerlid zich mogelijk schuldig heeft gemaakt aan ‘identiteitsfraude’. En het ministerie van Justitie, zo vertelt de hoogleraar, heeft onder leiding van Verdonk gekozen voor een zeer rigide opvatting over de consequenties daarvan. In november vorig jaar heeft de Hoge Raad, in een zaak rond een ten onrechte genaturaliseerd Iraaks gezin, Verdonk hierin gelijk gegeven. Het gevolg, zo zegt De Groot: Verdonk kan juridisch gesproken geen kant meer op en zal het paspoort van Hirsi Ali moeten intrekken. „Het treurige is dat door de beleidslijn die Verdonk gekozen heeft, ze geen enkele beleidsruimte meer heeft. Je kúnt eenvoudigweg niet anders meer redeneren.’’

Om te begrijpen wat De Groot precies bedoelt, eerst de feiten op een rij. Ayaan Hirsi Ali wordt in 1969 in Somalië geboren als Ayaan Hirsi Magan. Kort voor het begin van de burgeroorlog in Somalië ontvlucht vader Magan, die leiding geeft aan de oppositie tegen de Somalische dictator Siad Barre, het land. Na een kort verblijf in Saoedi-Arabië en Ethiopië, komt het gezin in Kenia terecht, waar het gezin een vluchtelingenstatus krijgt. In 1992 vraagt Ayaan in Nederland asiel aan. Tegen de Immigratie- en Naturalisatiedienst vertelt ze dat ze via een kort verblijf in een vluchtelingenkamp in Kenia naar Nederland is gekomen. Bovendien geeft ze een verkeerde naam en geboortedatum op. Ayaan Hirsi Magan stelt dat ze in 1967 is geboren en Ayaan Hirsi Ali heet. Onder die naam verwerft ze in 1997 het Nederlanderschap.

Dat laatste is precies het probleem, vertelt De Groot. In 2003 is er een apart artikel toegevoegd in de Wet op het Nederlanderschap. Daarin staat dat het verstrekken van verkeerde gevens bij naturalisatie kan leiden tot het intrekken van de Nederlandse nationaliteit – tot twaalf jaar nadat de Nederlandse nationaliteit is verleend. Kán gevolgen hebben, zegt De Groot, want het is aan de minster om alle omstandigheden rondom de naturalisatie mee te wegen: in welke mate er is gelogen, hoe lang het geleden is, humanitaire overwegingen, etcetera.

Maar er is één uitzondering, vertelt de Groot. Liegen over je naam. In het geval van identiteitsfraude, zo stelt Justitie, is het Nederlanderschap niet op verkeerde gronden verkregen – het is feitelijk niet verleend. „,Als Hirsi Ali identiteitsfraude heeft gepleegd, dan is ze dus volgens deze stelling nooit Nederlander geworden’’, zegt De Groot. In publicaties heeft de hoogleraar eerder stelling genomen tegen deze in zijn ogen te nauwe interpretatie. Maar de Hoge Raad heeft de lijn van Verdonk in november bekrachtigd. Daarmee, zegt De Groot, is het door Verdonk aangekondigde ‘onderzoek’ naar de nationaliteit, een „,zeer eenvoudige aangelegenheid geworden’’.

De vraag is wat er gaat gebeuren, mócht Verdonk besluiten het paspoort van Hirsi Ali in te nemen. Dat ze haar Kamerlidmaatschap verliest, is duidelijk. Maar betekent dat ook dat de zeer strenge beveiliging van Hirsi Ali zal worden opgeheven? Als ze nimmer Nederlander is geworden, bezit ze dan nog steeds de A-status van asielzoeker, of is ze statenloos geworden?

Als de Nijmeegse hoogleraar rechtssociologie Kees Groenendijk „het voor het zeggen had’’, dan mocht Hirsi Ali haar paspoort gewoon houden. „Ik vind dat we de discussie met Hirsi Ali moeten aangaan en niet haar diskwalificeren door het intrekken van haar Nederlanderschap.’’ Volgens Groenendijk bewijst de affaire hoe „lichtvaardig we de laatste tijd zijn omgegaan’’ met het intrekken van de Nederlandse nationaliteit. ,,Het is een ingrijpende beslissing en lost vaak niets op. Want vaak blijft de betrokkene in Nederland.’’