Eén naar het Westen

Ik herinner me het verhaal van een Nederlandse feministe die naar Japan ging om haar beklag te doen over het gebrek aan emancipatie onder de vrouwen daar. Ze had er weinig gehoor gevonden en daarover was ze gefrustreerd.

Voor sommige mensen is het maar moeilijk accepteren dat zij mijlenver van andermans realiteiten verwijderd zijn. Soms hebben ze dat niet eens door. De globalisering heeft zo’n vlucht genomen dat de mensheid in hun ogen volledig één is geworden. Eén naar westers model wel te verstaan. De wereld zou inmiddels denken en doen naar onze gebruiken en als zij dat nog niet deed, dan zou zij daar in elk geval naar streven.

Afgezien van de vraag of onze gebruiken wel de juiste zijn, heeft het zin je te verdiepen in de ontvankelijkheid van ‘de rest’. Allicht. Ja, maar dat gebeurt niet. Als landencoördinator van Amnesty International was ik ooit behulpzaam bij een brievencampagne tegen de doodstraf in China. Dat gebeurde in het Engels. Niemand die er over had nagedacht dat in China die taal niet werd begrepen. En dan ging het alleen nog maar over communicatie. Dat de afschaffing van de doodstraf zelfs voor de meest vooruitstrevende dissident geen issue was, daarover was nog nooit nagedacht.

Of neem zoiets als corruptie. Transparency International houdt nauwgezet bij waar grof voor allerhande diensten wordt betaald. Dan zit de halve wereld aan de tamelijk ongunstige kant. In de meeste landen is dat wat wij corruptie noemen zo normaal als, zeg, je hond uitlaten. Je hebt er niet altijd zin in, maar het is wel nodig.

Voor die landen waar zulke zaken gewoon zijn, geldt doorgaans dat, als er al een besef is dat het bij ons omstreden is, gevonden wordt dat men er recht op heeft. Zo van, jullie jullie fouten, wij de onze. Dat komt ons misschien niet uit, maar hebben wij het wel verdiend om hen dat recht te ontnemen?

Oud-correspondent in China en (beginnend) filmmaker

    • Floris-Jan van Luyn