De geschiedenis van het denken bij Kruidvat

Filosofie stond lange tijd te boek als een saai vak voor stoffige intellectuelen. Niet meer. Een breed publiek lijkt zich ervoor te interesseren.

Het Nederlandse Filosofie Magazine is met een betaalde oplage van 16.500 het meest gelezen populair-filosofische tijdschrift ter wereld. Toegegeven, het is ook het énige populair-filosofische tijdschrift ter wereld. „Maar juist dát zegt alles”, meent hoofdredacteur Daan Rovers.

Filosofie treedt steeds nadrukkelijker op de voorgrond in het publieke debat in Nederland. Was het twintig jaar geleden een vak voor professoren in stoffige achterkamers van de universiteit, nu lijkt een breed publiek geïnteresseerd in filosofie. Filosofie Magazine, in 1992 voor het eerst uitgegeven, is daar niet het enige voorbeeld van.

Op middelbare scholen krijgt het vak meer aandacht, er worden filosofische debatten georganiseerd en steeds vaker duiken filosofen op in kranten en op de televisie, zoals Paul Cliteur, Ad Verbrugge en ook Bas Haring, presentator van het populair-filosofische programma ‘Stof’ bij de NPS. Vorig jaar verscheen bij drogisterijketen Kruidvat een ruim drieduizend pagina’s tellende bloemlezing filosofie. Daan Rovers: „De hele geschiedenis van het denken voor nog geen vijftig euro.” Ze schreef zelf de inleidingen. „Het vloog de winkels uit.”

Ook de Maand van de Filosofie, bedacht door een Rotterdamse boekhandelaar om zijn verkoop op te schroeven, werd dit jaar voor de vijfde keer georganiseerd en viert qua bezoekers en media-aandacht hoogtij. „Vorig jaar besteedde Buitenhof voor het eerst een item aan de Maand van de Filosofie. Dit jaar deden ze dat weer, alsof het de normaalste zaak van de wereld was”, zegt Rovers. „Een aantal jaren geleden zou dat ondenkbaar zijn geweest.”

Waar is de toegenomen interesse aan toe te schrijven? De meest evidente oorzaak is de secularisering sinds de jaren vijftig, zegt Ronald van Raak, Eerste-Kamerlid voor de SP en gastdocent filosofie aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. „Vroeger haalde men de zingeving bij de kerk of zuil”, zegt hij. „Nu is de samenleving individualistischer geworden en zoekt men de antwoorden op levensvragen meer in de filosofie.”

Ook veranderingen in de politiek spelen een rol. Sinds het premierschap van Wim Kok zijn ideologieën in de politiek op de achtergrond geraakt, zegt Van Raak. „Den Uyl was een man die een duidelijke ideologie uitdroeg. Dat gaf houvast”, zegt hij. „Nu is dat minder geworden. Politici die zich nog wel uitgesproken ideologisch profileren, zoals Rouvoet en Marijnissen, zijn dan ook erg populair.”

„Bovendien”, zegt Van Raak, „we leven in onzekere tijden. Vragen over publieke moraal, integratie en identiteit domineren het politieke debat. Dan is het logisch dat er vaker op de filosofie wordt teruggegrepen.”

Daan Rovers vindt niet dat filosofie een modeverschijnsel van de afgelopen jaren is. „Het is misschien meer in het zicht gekomen, maar de toenemende interesse in het vak speelt al minstens twintig jaar.” Nog steeds vrij laat, vindt zij, zeker in vergelijking met andere Europese landen. „In Frankrijk en Duitland hoort filosofie al eeuwen bij de cultuur.”

Is er ook sprake van popularisering en commercialisering van de filosofie? „Zeker”, zegt Van Raak, „er is markt voor, dat lokt de filosofen in het commerciële domein.” Ja, zegt ook Rovers, waarbij ze verwijst naar de onlangs verschenen Nederlandse vertaling van Immanuel Kant’s Kritiek van de zuivere rede. „Een kaskraker. Terwijl het praktisch onleesbaar is.”

De kritiek dat de popularisering en commercialisering ten koste gaat van het diepgravende karakter van de filosofie, verwerpen Rovers en Van Raak allebei. „De filosofie is een piramide”, zegt Van Raak, „hoe breder de basis, des te hoger kan de top reiken. Als de studie filosofie meer studenten trekt, is de kans ook groter dat er talent tussen zit.”

Als hoofdredacteur van Filosofie Magazine is Rovers bekend met de kritiek. Maar dat filosofie in een populair jasje wordt gestoken, hoeft volgens haar geen afbreuk te doen aan de bedoeling van de filosofie, die volgens haar al 2.500 jaar overeind staat. „Ons tijdschrift heeft geen academisch oogmerk. Wij willen actuele kwesties met diepgang aan bod brengen bij de lezers”, zegt zij. „Als dat mensen tot nadenken stemt, is dat mooi meegenomen.”

    • Rob Wijnberg