Palestijnse rap maakt jeugd politiek bewust

De Palestijnse rapgroep DAM treedt morgen voor het eerst op in Nederland. ,,Wij zorgen ervoor dat jongeren het weer cool vinden politiek bewust te zijn”, zegt oprichter Tamer Nafar.

De Palestijnse groep DAM. Linksvoor Tamer Nafar Foto Steve Sabella Sabelle, Steve

„De eerste keer dat ik een videoclip van Tupac zag, verstond ik geen woord Engels. Maar ik zag hoe hij in zijn eigen buurt door de politie achterna werd gezeten. Ik zag mensen die dood gingen en een hele wijk die in vuur en vlam stond. Het was een schok om er achter te komen dat meer mensen zich net als wij voelden.” Rapper Tamer Nafar (27) is een Palestijn die opgroeide in een sloppenwijk in de Israëlische stad Lod vlakbij het vliegveld Ben Goerion, te midden van drugscriminaliteit, armoede en geweld. Hij vertelt zijn verhaal telefonisch terwijl hij langs de sloppen rijdt.

Vanaf het moment dat Nafar op zijn vijftiende de in 1996 vermoorde Amerikaanse rapper Tupac Shakur op televisie zag, zogen hij en zijn vrienden de gangsta rap uit Los Angeles in zich op. Ze laadden zich op door te luisteren naar muziek van Tupac, Dr. Dre en Snoop Dogg. „Daarna gingen we de buurten van de Israëli’s in om auto’s te slopen en te vechten; we voelden ons zwart en cool.”

In 1998 richtte Nafar de eerste Palestijnse rapgroep op, DAM, een afkorting van Da Arabian MC's, waar ook zijn broer Suhell en hun vriend Mahmud zich bij aansloten. Hij leerde Engels en leerde via de raps van groepen als Public Enemy, Common en Talib Kweli de iconen kennen van de Afro-Amerikaanse burgerrechtenbeweging, zoals Malcolm X en The Black Panthers.

Als in Israël geboren Palestijn identificeerde Nafar zich sterk met de zwarte activisten en rappers in de Verenigde Staten die zich buitenstaanders voelen in eigen land. „Wij staan aan het begin van de weg die de Amerikaanse rappers hebben afgelegd. Iedereen weet tegenwoordig wie Malcolm X is. Maar ónze helden zijn door de propaganda van het Israëlische onderwijs vermoord.”

De Palestijnse hiphop van DAM is een combinatie van Amerikaanse beats en Arabische melodische klanken. Hoewel Arabisch de hoofdtaal is, rappen ze ook in het Engels en Hebreeuws om een zo divers mogelijk publiek te bereiken. Zo werd het nummer Born Here, waarin de rappers de levensomstandigheden in hun buurt beschrijven, ook in het Hebreeuws uitgebracht omdat DAM in navolging van Public Enemy-voorman Chuck D, die hiphop ooit ‘het zwarte CNN’ noemde, gelooft dat ze met hun muziek de aandacht kunnen vestigen op problemen die de traditionele Israëlische media niet behandelen. Tamer Nafars jongere broer Suhell rapt in Born Here: „Gezondheidscentra, omringd door riolen. Crèches, omringd door riolen. Er is geen excuus voor. Het is gewoon zo dat de stad niets gaf om de Arabieren omdat de regering maar één wens heeft: zoveel mogelijk joden op zoveel mogelijk land en zo weinig mogelijk Arabieren op zo weinig mogelijk land.”

Hoewel hiphop volgens Nafar niet direct voor een verandering in de maatschappij kan zorgen, kan het die verandering wel in gang zetten. „Hiphop heeft van mij een nationalist gemaakt die zich bewust is van zijn positie. Ik wil vechten tegen armoede en onrechtvaardigheid. Ik pak in mijn teksten net zo goed de ondergeschikte positie van Palestijnen in Israël aan als die van vrouwen binnen de Arabische gemeenschap.

„Wij zorgen ervoor dat jongeren het weer cool vinden politiek bewust te zijn. Ze luisteren beter naar 50 Cent dan naar hun leraar. Ze zien dat wij ons op dezelfde manier bewegen en uiten als 50 Cent. Ik wist op mijn twintigste geen enkele naam van een Palestijnse held, maar kinderen van vijf kennen die namen nu omdat DAM ze in een lied heeft genoemd.”

De rappers van DAM hebben hun muzikale stroming van de grond af moeten opbouwen. De Arabische hiphopscene is nog erg ondergronds en versplinterd, zonder gespecialiseerde dj’s en met een publiek dat nog niet aan dit muzikale geluid gewend is.

Maar hoewel Palestijnse hiphop een ander karakter heeft dan hiphop uit Amerika – „We doen hier bijvoorbeeld niet aan breakdance” – heeft Nafar het gevoel dat hij met zijn groep dichter bij de wortels van de hiphopcultuur staat dan rappers als 50 Cent die „het stigma van hiphop in stand houden alsof het muziek is die alleen over gangsters, bitches en bling gaat. Ik heb meer respect voor iemand als Kanye West, die succesvol is maar ook politiek bewust.”

Zondag treedt DAM voor het eerst op in Nederland, tijdens het Bazaar-festival in De Melkweg, met aandacht voor ‘de rol van hiphop in de bevrijding van het Midden-Oosten’. Organisator Partizan Publik noemt de band ‘taboedoorbrekend’. Ondanks groeiende naamsbekendheid en interviews met onder meer de BBC en het Amerikaanse muziekblad Rolling Stone, lukte het DAM nog niet om een platencontract binnen te slepen. Volgens Nafar komt dat doordat de groep „door Arabieren als Israëlisch wordt gezien en door Israëli’s als Arabisch”.

In het nummer Meen Erhabe? (Wie is de Terrorist?) van DAM wordt de wijze waarop Israël volgens de rappers „de Arabische ziel verkracht” op één lijn gesteld met nazi-praktijken. Volgens Nafar, die benadrukt dat hij ook met joodse rappers samenwerkt, is provocatie soms onvermijdelijk. „Als ik thuis kom en mijn broer heeft een blauw oog omdat de politie hem in elkaar geslagen heeft, kan ik niet anders.”

Tamer Nafar: „We krijgen binnen Israël verschillende reacties op onze raps. Ons grootste publiek zijn de Arabieren, die echt op onze muziek zaten te wachten en helemaal gek op ons zijn. Maar we krijgen ook respect van Israëli’s. In het begin waren die geshockeerd en ze zijn het nog steeds niet eens met onze teksten. Maar vaak zeggen ze dat ze het een betere vorm van verzet vinden dan geweld.”

Bazaar-festival. 14 mei, De Melkweg, Lijnbaansgracht, Amsterdam. 16-23u.

    • Saul van Stapele