Kunstenaars krijgen geen greep op de stedelijkheid van Almere

Tentoonstelling: De stedelijke conditie. T/m 22/10 in Museum De Paviljoens, Odeonstraat 3-5, Almere. Open wo, za-zo 12-17u, do en vr 12-21 u. Inl.: tel. 036 545 0400, www.depaviljoens.nl

Museum de Paviljoens in Almere nam het dertigjarig bestaan van de stad als uitgangspunt voor de tentoonstelling De stedelijke conditie. In die dertig jaar is Almere verbijsterend snel gegroeid naar 180.000 inwoners. Op de tentoonstelling zijn kunstenaars en ontwerpers uit binnen- en buitenland samengebracht met werken die de stedelijke ruimte verbeelden. De exposanten stellen zich de vraag wat een stad ‘stedelijk’ maakt.

Een goed initiatief van het museum, want als er érgens behoefte is aan reflectie op het fenomeen van de hedendaagse stad, dan is het wel in Almere. Deze newtown, uit het niets uit de grond gestampt, is volledig het resultaat van een tekentafel-ontwerp. Het ‘oude’ stadscentrum is nu al weer aan herziening toe. Het wordt vervangen door een geheel nieuw centrum, naar een masterplan van Rem Koolhaas en zijn Office for Metropolitan Architecture.

Lonnie van Brummelen maakte in 2003 een zwartwit film op 35 millimeter, getiteld Obstructies. Vanuit een hoog standpunt, zoiets als een raam op een bovenetage, en met een telelens, filmde zij opgebroken verkeerspleinen in de Randstad. Auto’s staan kriskras over de weg of schuifelen voort, moeders duwen en tillen hun kinderwagens door zand en modder. Het is geklungel in een chaos van graafmachines en verkeersborden met grote richtingspijlen.

Prachtig is de langzame en vloeiende camerabeweging waarin niet is gemonteerd. Door de beperking tot zwartwit komt het visuele accent te liggen op de structuur van de beelden, zoals trambanen en gevels. Geluid ontbreekt, er is alleen het geratel van de filmprojector. De gedistantieerde observatie heeft een humoristisch effect: het menselijk bestaan is een en al gekluns.

De Zweedse kunstenaar Jonas Dahlberg toont onder andere de videofilm Invisible Cities. Hier is juist geen chaos maar serene rust. De blik zweeft vertraagd over een slapende buitenwijk. Het is heel vroeg in de ochtend, de hemel begint vaalroze te kleuren. Nergens is een levend wezen te bekennen. De huizen, speeltuintjes en rotondes worden getoond in vogelvluchtperspectief, soms is het beeld onscherp. Misschien hangt de camera aan een speelgoedvliegtuigje dat door de filmer wordt bestuurd. Bij Dahlberg is de wereld een ordelijke maquette.

Gabriel Lester maakte voor de tentoonstelling de installatie Cross Section. De muren van twee Vinex-huizen zijn, lijkt het, uitgezaagd en naar het museum verplaatst, compleet met behang, lambrizering en lichtknopjes. Je kan er net tussendoor lopen, van de ene ‘kamer’ naar de volgende. Alles is even vervreemdend, van de gezelligheid van het streepjesbehang in donkerrood, oranje en beige tot de plastic badkamertegels en de plastic sierbakstenen.

Het zijn alle drie, om verschillende redenen, interessante werken. Maar wat zeggen ze over Almere? De films van Van Brummelen en Dahlberg hebben niets met Almere te maken, en Vinex is overal in Nederland te vinden.

Hetzelfde geldt voor de rest van de expositie. De Amerikaanse Rebecca Sakoun organiseert stadswandelingen op zoek naar natuur, zoals gras tussen stoeptegels. De posters van grafisch ontwerper Niels Schrader verbeelden in abstracte rasters het akoestisch niveau op zeven plekken in Almere’s centrum. Lucia Nimcová exposeert het fotoproject Instant Women, volgens de brochure een „zoektocht naar haar ervaringen als vrouw in de post-communistische Slowaakse samenleving”.

De tentoonstelling mist samenhang en drukt niets specifieks uit over de ‘conditie’ van Almere. Een gemiste kans, want Almere smeekt om kritische aandacht van kunstenaars en ontwerpers. In deze stad lijkt alles te draaien om kwantiteit. In de ruimtelijke ordening en de architectuur zijn menselijke kwaliteiten moeilijk te vinden.

Ondanks het masterplan van Koolhaas is het winkelcentrum van Almere vooralsnog de verschrikkelijkste koop-hel van Nederland. Een totaal artificiële omgeving waar oneindige hoeveelheden van hetzelfde te koop worden aangeboden.

Het artificiële, surreële en nep-gezellige karakter van een stadscentrum dat maar niet stedelijk wil worden, is een van de typische kenmerken van Almere. Maar die problematiek komt op de tentoonstelling nergens tot uitdrukking.

    • Janneke Wesseling