It is I, de tasjesbaas

De strijd tussen de Europese staalmeesters krijgt steeds meer Nederlandse verrassingen.

Mittal Steel, gevestigd in Rotterdam, wil zijn concurrent Arcelor uit Luxemburg kopen en het grootste staalbedrijf ter wereld formeren. Maar de directie van Arcelor wijst het overnamebod af. Nu moet Mittal over de hoofden van de directeuren heen de aandeelhouders van Arcelor voor zich zien te winnen.

Het gaat niet alleen om (meer) geld, maar ook om nationale trots, van Mittal en van Arcelor, en om politiek. Franse politici hebben iets met ‘nationale’ kampioenen, die Europese dominantie ambiëren. Voor de Fransen is staal nog steeds een cruciale bedrijfstak. Europese eenwording is voor hen niet voor niets gebouwd op de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal.

In de ontstane patstelling proberen beide staalbedrijven nog snel een concurrentievoordeel te behalen. Zij rekruteren kenners met praktijkervaring van het Nederlandse vennootschapsrecht. Arcelor heeft een paar weken geleden een deel van zijn bedrijf ondergebracht in een Nederlandse stichting, genaamd Strategic Steel Stichting, kortweg: S3. Deze truc moet Mittal afschrikken. De drie bestuurders van de stichting moeten voorkomen dat het bedrijf in Mittals handen valt. Een van de stichtingbestuurders is Allan Tuttle, ex-topjurist van luxe-artikelenverkoper Gucci, die tot in 2004 een Amsterdamse beursnotering had. Tuttle kent de lokale juridische voetangels uit de dagen dat Gucci een overnamestrijd uitvocht met LVMH, een Franse concurrent.

LVMH wilde Gucci kopen, maar Gucci wilde niet, net als Arcelor nu Mittal afwijst. Gucci zocht zijn toevlucht tot een ander luxe-paard, de Franse PPR Groep. Uiteindelijk won PPR de ‘tasjesoorlog’ na diverse rechtszaken, onder meer bij het Amsterdamse gerechtshof.

En wie heeft Mittal deze week aangetrokken als commissaris? Francois Pinault, de Franse grootaandeelhouder van PPR. Hij moet niet alleen een brug slaan tussen Lakshmi Mittal, de Indiase entrepreneur die Mittal Steel bestiert, en de Franse politiek. Pinault personifieert ook een vorig tijdperk van Franse kampioenen.

Hij legde eind jaren tachtig met zijn beleggingsmaatschappij Artemis een rookgordijn, toen de Franse staatsbank Crédit Lynnoais een Amerikaanse verzekeraar opkocht, zonder daarvoor toestemming te hebben van de lokale autoriteiten. Crédit Lyonnais moest de Deutsche Bank naar de kroon steken. Het werd een drama. Een reddingsactie voor Crédit Lyonnais kostte de Franse belastingbetaler meer dan 20 miljard euro. Artemis werd veroordeeld tot een boete van 185 miljoen dollar.

Menno TammingaMenno Tamminga