Havens mogen niet uitbreiden

Regionale havens en industrieterrreinen aan de Waddenzee mogen niet zeewaarts uitbreiden. Dit heeft het kabinet besloten. De ministerraad stemde gisteren in met het aangepaste deel drie van de Planologische Kernbeslissing Waddenzee (PKB).

Vooral Friese gemeentelijke en provinciale bestuurders pleitten eerder voor de mogelijkheid havens en bedrijventerreinen buitendijks, dus in de Waddenzee, te mogen uitbreiden. Maar het kabinet houdt vast aan een verbod hierop. Zeewaartse uitbreidingen leiden tot een ,,onacceptabele aantasting van de natuurlijke waarden van de Waddenzee”, vindt het kabinet.

De Harlinger loco-burgemeester Jan Sijbenga (PvdA) is teleurgesteld. ,,Wij koesteren het Wad, maar vinden het jammer dat derden ons in onze economische mogelijkheden beperken.” De nieuwe vijftig hectare grote Harlinger industriehaven werd twee jaar geleden in gebruik genomen en de helft van de grond is inmiddels verkocht. Sijbenga: ,,Over vijf, zes jaar is alles vol. Landinwaarts kunnen we geen kant op, omdat daar kwetsbare kwelderruggen liggen.” Harlingen geeft de strijd voor zeewaartse uitbreiding echter niet op. ,,Vooral omdat we uit veiligheidsoogpunt een tweede havenmond willen. Nu varen bruine scheepvaart, zeescheepvaart en vissers- en veerboten nog door de huidige smalle monding. Als er een tweede havenmond komt, moet je sowieso een klein deel van het Wad inpolderen.”

Het kabinet is niet op voorhand tegen een verdieping van de vaargeul van de Eems, richting Eemshaven. Dit in verband met de toekomstige aanlanding van diep stekende tankers die vloeibaar aardgas vervoeren en voor scheepvaart voor een mogelijke nieuwe energiecentrale in de Eemshaven.

Het verbod op het vliegen met ultralichte vliegtuigjes boven de Waddenzee en de eilanden is geschrapt. Uit de inspraak bleek dat de toestellen aan dezelfde eisen kunnen voldoen als andere kleine vliegtuigjes, zoals vliegen op minimaal 450 meter hoogte. Ook blijft het verbod op windmolens in de Waddenzee van kracht.