Een borrel te veel: geen huisarrest maar 91 dagen de cel in

Elektronische detentie is een succes. Maar wie komt er voor in aanmerking? Als je net voor een dag te veel veroordeeld bent, is justitie onverbiddelijk.

De directeur van een groot Rotterdams havenbedrijf vindt het „ten hemel schreiend”. Vier jaar geleden werd Bart Vos twee keer gepakt met een slok op in de auto. De strafrechter veroordeelde hem tot respectievelijk 56 en 28 dagen gevangenisstraf. En toen werd hij met „met z’n stomme kop” nóg een keer gesnapt. Weer zeven dagen cel erbij.

Bart Vos (48) wil het niet goed praten wat hij heeft gedaan, rijden met een borrel op. „Dat is natuurlijk fout.” Het was ook niet de eerste keer dat hem dit is overkomen. „Ik ben al twintig jaar met justitie bezig.” Tweeëntwintig keer werd hij veroordeeld voor alcohol-verkeersdelicten. „Ik ben zelfs eens twee auto’s op één dag kwijtgeraakt.”

Maar wat hem nu overkomt, vindt Bart Vos onvoorstelbaar. Na de eerste twee straffen kreeg hij een brief van justitie. Of hij in aanmerking wilde komen voor elektronische detentie. Dat wilde hij wel. „Ik heb een miljoenenbedrijf. Ik doe in schepen, heb hier dertien man rondlopen. Als ik een paar weken weg ben, stort het bedrijf in.” Als hij elektronische detentie zou krijgen, kon hij in elk geval zijn werk blijven doen.

Elektronische detentie is nog niet vastgelegd in een wet. De Dienst justitiële inrichtingen experimenteert ermee. Minister Donner (Justitie, CDA) stelde in 2003 voor het huisarrest, of thuisdetentie zoals het ook wel wordt genoemd, op beperkte schaal te introduceren voor een specifieke groep wetsovertreders om op die manier het cellentekort op te lossen.

In november 2005 paste de minister de circulaire aan en inmiddels is elektronische detentie zo goed bevallen, dat er een wetsvoorstel in de maak is om het als hoofdstraf op te leggen. Nu is het nog een alternatieve straf, een straf voor die mensen in plaats van een gevangenisstraf in een half open of een open inrichting.

Havendirecteur Bart Vos kreeg dus in december 2005 de straf voor de derde overtreding erbij. Toen werd het 56 plus 28 plus 7 dagen detentie, in totaal 91 dagen. Precies één dag te veel om in aanmerking te komen voor elektronische detentie. Hij kreeg een brief van de gevangenis om zich te melden.

De havendirecteur stapte naar de Bredase advocaat Sander Arts en die eiste voor hem bij de voorzieningenrechter alsnog elektronische detentie in plaats van gevangenisstraf. De rechter wees het verzoek af. Deze week diende de zaak opnieuw, in hoger beroep bij het hof in Den Haag. Want, zegt de havendirecteur: beloofd is beloofd. „Als ze meteen hadden gezegd: pleur jij maar de gevangenis in, dan had ik dat gedaan. Maar nu ze dit aanboden, wil ik het ook krijgen.”

Hij heeft, zegt hij, tot nu toe zonder protest al zijn 22 straffen betaald of met een taakstraf afgedaan. „Een taakstraf doe je ’s morgens, dan ben je om een uur of drie klaar en dan kan je naar kantoor. En in de weekenden ook. Je kunt het zelf regelen. Prima. Elektronische detentie leek me ook goed te doen. Dan ben ik of thuis of op m’n werk.”

Het is tijd, zegt advocaat Arts, dat er duidelijkheid komt over de elektronische detentie. Want die is er niet, zegt hij. „Dat vindt het openbaar ministerie ook.” Zoals een jurist dat doet, ploos hij de voorwaarden uit die Donner in zijn circulaire stelt aan kandidaten. De straf mag niet meer dan negentig dagen bedragen, staat erin. Arts: „Straf, staat er. Dat is enkelvoud. Hier gaat het om straffen.”

En daar lijkt hij wel een punt te hebben. In de evaluatie over de elektronische detentie, het rapport Geboeid door de enkelband van het wetenschappelijk documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie staat dat als een gedetineerde die onder elektronisch regime staat een vervolgstraf opgelegd krijgt gedurende zijn detentie, dat die extra straf dan ook elektronisch mag worden uitgevoerd, mits het totaal aan straf niet meer dan 120 dagen bedraagt. Jurisprudentie over elektronische detentie is er niet. Arts hoopt op een uitspraak over hoe het zit met afzonderlijke straffen, die bij elkaar opgeteld meer dan negentig dagen bedragen, maar minder dan 120.

Nog los van de precieze uitleg van de circulaire vinden de Rotterdamse havendirecteur en zijn advocaat het beleid oneerlijk. Geweldsdelinquenten die in de gevangenis hun straf uitzitten, mogen de laatste 90 dagen van hun straf met een enkelband thuis uitzitten. „Dan is het raar als het voor minder ernstige delicten wordt geweigerd.”

En dan de kosten. Een bijkomend voordeel van elektronische detentie, schrijft Donner in zijn circulaire van 2003, is dat elektronische detentie een stuk goedkoper is dan gevangenisstraf. Elektronische detentie kost, volgens de evaluatie van het WODC, rond de veertig euro per dag. Een dag detentie in een zeer beperkte beveiligde inrichting, waar minder zware delinquenten anders heen zouden gaan, kost 120 euro. Arts: „Waarom dan zo moeilijk doen over die ene dag?”

Het Gerechtshof behandelt de zaak met spoed. Het arrest wordt begin juni verwacht. Justitie in Den Haag wil daar niet op wachten, en heeft nu een arrestatiebevel uitgevaardigd tegen Vos.

Elk moment kan de havendirecteur worden overgebracht naar de gevangenis. En dát vindt hij onredelijk. „Ik rij geen meter meer. En drinken doe ik ook niet. Ik capituleer. Nu wordt me voor die laatste paar straffen een oor aangenaaid. Als een zware crimineel moet ik nu over m’n schouder kijken als ik de straat opga.”