T.I.

T.I. uit Atlanta kan razendsnel rappen, maar doet dat meestal niet omdat zijn ingehouden, lijzige rapstijl veel meer indruk maakt. Ook op King, zijn vierde solo-album, wil T.I. graag dat we doorkrijgen wat voor ongekende macho hij is. Maar hij schept zo cool en ontspannen over zichzelf op dat zijn verhalen over moordenaars, wapens en drugs klinken alsof hij je vriendelijk vraagt zijn glas nog eens bij te vullen.

Het zou zomaar kunnen dat de opvolger van de gepensioneerde hiphopkoning Jay-Z uit New York nu eens niet tussen de wolkenkrabbers gezocht moet worden. T.I., die zichzelf al jaren ‘King of the South’ noemt, beschikt net als Jay-Z in elk geval over een flinke stal sterproducers (Just Blaze, Mannie Fresh, The Neptunes) en het talent om zijn eigen draai te geven aan al hun beats. Van zijn haast zuigende gejengel over de marsmuziek van Just Blaze tot een bluesstem vol pijn in een nummer over zijn overleden vrienden. Daar hoort een rustige beat met piano bij, maar vaker kiest T.I. voor het succesgeluid van het zuiden: stuiterende basdrums, snelle roffels, warme klanken, ronde baslijnen, percussie en soms een loeiende sirene. T.I. maakt het soort muziek waar je een bijpassende vette, glimmende auto bij wilt kopen.

Saul van Stapele

T.I.: King. Atlantic/Warner

    • Saul van Stapele