‘Niet promoveren scheelt een hoop gelazer’

Voordaan dingt mee naar promotie naar de hockey- hoofdklasse. Maar moet de bescheiden vereniging uit Groenekan dat wel willen? „We gaan de uitdaging niet uit de weg.”

Hockeyclub Voordaan aan de vooravond van de promotie/degradatieplay-offs, met het vervallen clubhuis. (Foto NRC Handelsblad, Rien Zilvold) utrecht instituut blankesteyn foto rien zilvold Zilvold, Rien

Mark Hoogstad

De buurman is boos en geef hem eens ongelijk. Achter zijn rug om hebben leden van de aangrenzende hockeyclub ‘zomaar’ twee bomen uit zijn tuin gekapt, wegens de overlast die het loof veroorzaakte. Geduldig legt voorzitter Rob Koopmans dat de kaalslag op een misverstand berust. „We dachten dat het ons terrein was.” Het is dat de verontwaardigde buurman zelf lid is, maar anders?

Welkom bij Voordaan, de club uit het 1.879 zielen tellende gehucht Groenekan, dat zich opmaakt voor promotie naar de hoofdklasse. De club waar de spelers van heren-1, al hun sportieve verdiensten ten spijt, nog keurig hun contributie (265 euro per jaar) betalen. De club ook die weliswaar 1.106 leden telt, maar niet beschikt over krachtstroom, en dus is aangewezen op een achter het clubhuis hevig pruttelend noodaggregaat. „Ons water loopt op olie”, grijnst Koopmans.

Die club mag morgen en overmorgen, als kampioen van overgangsklasse B, in de promotie/degradatieplay-offs aantreden tegen streekrivaal Kampong uit Utrecht, winnaar van de A-poule. Inzet van de burenruzie (best-of-three) is een plaats in de hoogste afdeling. De verliezer krijgt een herkansing tegen de nummer voorlaatst uit de hoofdklasse, Eindhoven.

„Komt nog heel wat bij kijken, die play-offs”, heeft Koopmans inmiddels ontdekt. Eerder op de dag hebben zijn collega’s en hij twee tijdelijke tribunes (capaciteit achthonderd toeschouwers) én een tv-torentje neergezet rondom het hoofdveld. Parkeerruimte is ingekocht bij een plaatselijke boer, die bereid bleek tijdelijk een weiland langs de A27 af te staan. Het heeft Koopmans „flink wat overredingskracht gekost, want we praten hier wel over grassprieten natuurlijk”.

En over een kansrijke missie. Want het veredelde studentengezelschap, van wie de meesten ironisch genoeg ooit door Kampong te licht werden bevonden, waant zich allesbehalve kansloos tegen de ‘grote broer’ uit de Domstad. „Maandag zijn we klaar”, bluft topscorer Jakke Cloïn (37 doelpunten) na de training in het clubhuis, dat veel weg heeft van een doorleefde studentenwoning.

Al jaren geldt Voordaan als een stabiele overgangsklasser. Maar aan een stap hogerop dacht de club niet. „Wij wilden wel, maar het bestuur had altijd zoiets van: doe maar kalm aan, het is wel goed zo, we hebben het geld niet voor de hoofdklasse”, zegt oud-speler Arjen Buijs, die dit seizoen de rol van assistent-coach vervult.

Maar dit seizoen is alles anders, al ontbreekt het de club nog altijd aan financiële middelen. Met een voorsprong van maar liefst dertien punten op achtervolger HDM beëindigde Voordaan zondag de competitie. Voor de camera’s van de regionale omroep RTV Utrecht barstte coach Diederik Donk drie weken geleden in tranen uit, toen het kampioenschap een feit was. „Ik ben een emotionele jongen, ineens kwam alles eruit.”

Emotioneel is het seizoen toch al. Na een hersenbloeding overleed afgelopen najaar de pas 27-jarige fysiotherapeut van de ploeg, Mark Schilstra. Diens dood is volgens Donk, bezig aan zijn derde en laatste seizoen, een van de verklaringen voor de succesreeks van het ongedwongen opererende Voordaan. „Zo’n dramatische gebeurtenis brengt je als ploeg dichter bij elkaar. Marks dood heeft ons bovendien eens temeer doen beseffen dat we soms moeten relativeren.”

Een afbeelding van de energiek ogende Schilstra, een fanatiek surfer en snowboarder, hangt in de krakkemikkige maar eigen kleedkamer, waar een koe zijn kont nog niet zou willen keren. Schilstra’s levensmotto (‘Met agressie en overtuiging!’) is inmiddels geadopteerd door de selectie. Vanavond, ter voorbereiding op het tweeluik met Kampong, schuift de ploeg bijeen, om nog eenmaal inspiratie te ontlenen aan de cd met de favoriete en opzwepende hits van de overleden Xtreme-sporter.

Intussen koestert voorzitter Koopmans de charmante kleinschaligheid en het studentikoze karakter van de dit jaar zeventigjarige club. Vraag is dan ook of Voordaan überhaupt wel moet willen promoveren, gelet op de bescheiden middelen? „Het scheelt een hoop gelazer als we het niet redden, dat is zeker. Maar tegelijkertijd gaan we de uitdaging niet uit de weg. Ik kan het na zo’n seizoen ook niet maken tegenover die jongens, zo van: leuk, maar gooi er vanaf nu maar met de pet naar.”

Donk kan slechts hopen dat „promotie deuren opent die tot dusver gesloten zijn gebleven”. Zelf is hij met zijn advocatenkantoor dit jaar subsponsor van heren-1. In allerijl is de afgelopen weken een sponsorcommissie uit de grond gestampt. Donk, grijnzend: „Wij zijn de enige hockeyclub waarbij een sponsor een hele zijde langs het veld kan inkopen.”

    • Mark Hoogstad