Jonge choreografen willen theater maken

Scène uit ‘Fragile’ van Massimo Molinari Foto Ton van Til INC. door Dansgroep Krisztina de Chatel. Fragile door gastchoreograaf en danser Massomi Molinari Til fotografie, van

Dansgroep Krisztina de Chatel: Inc. Gezien 6/5, Kikker Utrecht. Tournee t/m 28/5. Inl: www.dechatel.nl

Met enige regelmaat treedt choreografe Krisztina de Chatel op als gastvrouw en productiehuis voor jonge choreografen. Deze keer nodigde ze er vier uit die aan het begin van hun carrière staan: Massimo Molinari, danser bij De Châtel, Nora Heilmann, die vooral voor Danswerkplaats Amsterdam werkt, Jens van Daele, verbonden aan theaterwerkplaats Generale Oost, en Inari Salmivaara, ex-danseres bij Raz.

Opvallend aan dit kwartet is de behoefte aan tekst en acteren. In Invidia, het deel over afgunst in een serie over de hoofdzonden, brengt Jens van Daele vaag poëtische zinnen over de liefde (,,Who you are I will become”) en praatjes over de natuur ter berde, terwijl vier dansers schreeuwen en rollebollen in zijn typische, heftige stijl. Af en toe is het mooi en swingend, maar de fout die heel veel choreografen maken is ook nu weer voelbaar: dansers kunnen vrijwel nooit goed acteren, en choreografen zijn doorgaans geen goede tekstschrijvers en dramaturgen. Het maakt van Invidia uiteindelijk een onbewogen, pijnlijk overgeacteerd stuk.

Inari Salmivaara laat in 4 on behalf of a whole dansers beschrijven wat ze doen in een kamer met vloerbedekking en een tv. Even is dat leuk, maar het idee van een ontmoeting tussen geliefden blijft teveel aan de oppervlakte. Salmivaara is de meest onervaren choreografe, maar haar werk stemt hoopvol over de toekomst.

Dat geldt niet voor Nora Heilmann, de meest ervaren maakster. In Sub (seriously uncool ballet) staat het publiek op het podium naar twee dansers in een groot vierkant te kijken. De dansers kijken naar elkaar, rennen elkaar achterna, huppen rond en tollen over de vloer. Er lijkt een lijn van toenemende dynamiek in te zitten, maar het materiaal is oninteressant en van een achterhaald conceptualisme. De verveelde toeschouwers bekijken vooral elkáár. De ondertitel van het stuk suggereert humor en relativeringsvermogen, maar Heilmann presenteert Sub als hoge kunst. Dat is een misverstand.

De onlangs met een Gouden Zwaan-dansprijs bekroonde Châtel-danser Massimo Molinari lijkt in Fragile goed naar Pina Bausch te hebben gekeken. Zeven danseressen in afzakkende lange jurken zitten klem in klapstoelen en worstelen een klein half uur om eruit te komen. Het is grappig om te zien op hoeveel manieren je vast kunt zitten, maar Molinari gidst de dames nergens naartoe. Al vrij snel staan ze tegen de muur met de houten gevaartes te klapperen. Leuk idee, maar nog geen theater.