In den beginne was het Woord

Een man een man, een woord een woord. Het weekblad The Economist houdt van tijd tot tijd bij hoe vaak een woord gebruikt wordt in de financiële pers. Hoe vaker genoemd, hoe urgenter de problematiek wordt ervaren. Bekend voorbeeld is het woord ‘recessie’. Naarmate het vaker in de bestanden aangetroffen wordt, komt de werkelijke dreiging van een recessie naderbij. Of zitten we er al middenin.

De zakenbank Dresdner Kleinwort Wasserstein pakte deze week de zaken groter aan. Economen van de bank hielden de frequentie van een veel groter aantal woorden bij. De uitkomst is soms verrassend. De woorden zijn uiteraard in het Engels. Deflation, het dalen van de prijzen, was een paar jaar geleden nog een geloofwaardig scenario, maar het gebruik van het woord is het hoogtepunt van 2003 allang weer gepasseerd. Het gebruik van inflation daarentegen klom in 2004 en staat nu al twee jaar op een hoog niveau.

Dat zal te maken hebben met de term commodity boom (de hausse in de grondstoffenprijzen), die nog nooit zo vaak is gebruikt als nu. Toch wordt dat kennelijk niet als probleem gezien: Goldilocks, wijzend op het Goudlokje-scenario waarin de economie niet te koud, niet te heet, maar precies goed is, was erg in trek in de zorgeloze jaren rond de eeuwwisseling. Daarna volgde een flinke daling, maar de laatste maanden is Goudlokje helemaal terug. Recession, razend populair in 2001 en 2002, is juist vrijwel uit het vocabulaire verdwenen.

Aan de woordfrequenties te zien lijkt er, ondanks alle risico’s in de wereldeconomie, op de financiële markten een geruststellend gunstige stemming te heersen. Zelfs de term US housing bubble, die slaat op de gevaarlijk snel gestegen Amerikaanse huizenprijzen, heeft zijn beste tijd alweer gehad.

De argeloosheid is misschien nog wel het best af te leiden uit de frequentie van de term US current account, de lopende rekening van de Amerikaanse betalingsbalans. Die ging begin vorig jaar steil omhoog toen de dollar verzwakte en het forse tekort op de betalingsbalans van de Verenigde Staten werd gezien als een van de grootste bedreigingen van de internationale economische stabiliteit. Sindsdien is het gebruik van de term scherp afgenomen, want een dollarcrash kwam er maar niet van.

Is daarmee de zaak ook uit de wereld? Het tegenovergestelde argument is ook mogelijk. Hoe groter de kennelijke berusting dat er geen probleem is, hoe groter de kans dat de markt alsnog wordt verrast. De laatste tijd daalt de dollar weer flink. De economen van Dresdner gaan er dan ook vanuit dat het gebruik van de term US current account binnenkort weer huizenhoog stijgt.

Maarten Schinkel

    • Maarten Schinkel