Het leesplankje

Wat het leesplankje van H.J.A.Hofland (Cultureel Supplement 5 mei) zo snel kinderen deed leren lezen was niet alleen het systeem van lettertjes op volgorde plaatsen onder een plaatje, maar ook dat een gezicht en een stem een rol speelden. Ik bedoel de juffrouw of meester die kennis overdroeg. Die verteller is intussen groepsleider geworden en nog even en hij is een monddood gemaakte coach die alleen maar aanstuurt. (zie de Iederwijsscholen en Het Nieuwe Leren). Aan de meeste onderwijsvernieuwingen hangt een geur van kennis-deugt-niet. Daarom wordt er altijd maar afgeschaft, en vereenvoudigd wat moeilijk is en wordt de nadruk gelegd op vaardigheden en de belevingswereld van het kind. Godfried Bomans zei ooit in een achterafzaaltje in Den Haag (1959): “Een kind dat uitblinkt in kennis wordt afgebeeld als een onaangenaam zoet jongetje met een brilletje op. Hij spoort niet.“ En Jan Blokker verzuchtte dertig jaar geleden al: “Er is in het onderwijs een diep geworteld wantrouwen tegen kennis.“ Een ramp is de opmars van ROC's en HBO-instituten, waar voor vele tienduizenden studenten boeken worden vervangen door laptops en waar het competentie-denken de kennisoverdracht geheel overboord kiepert of beperkt tot een minimum aan instructie. Niemand wil het, maar er zijn gevaarlijke gekken die onbeschaamd met steun van de overheid De Nieuwe Eenvoud erdoor drukken. Ik spreek van een maatschappij die getuigt van een liefdeloos niet-meer-weten tegenover de waanzin van het marktdenken. Maar we hebben gelukkig nog vertellers als H.J.A.Hofland, die kennis overdragen en door hun stijl van schrijven een gezicht hebben. Altijd streng, liefdevol en met een hart.

    • Paul de Vries