D66 moet zich weer profileren

Een partij in problemen wordt gedwongen kleur te bekennen en scherp te formuleren waar zij voor staat. Dat D66 zich thans in een uitgelezen positie bevindt om deze duidelijkheid te scheppen, zal weinigen zijn ontgaan.

De partij is na 7 maart jongstleden redelijk overzichtelijk geworden. Wanneer fractievoorzitter Lousewies van der Laan zélf aangeeft dat de geloofwaardigheid van de partij teloor is gegaan, en dat het eigen functioneren een 4 verdient, is het dal wel zo’n beetje bereikt en kan het alleen maar beter gaan.

Hoezeer ook de analyse van Van der Laan waardevolle elementen bevat, pijnlijk is wel dat elk elan ontbreekt om het gedachtegoed van D66 op een aansprekende manier te presenteren. Zeker, D66 heeft de afgelopen jaren op verschillende beslissende momenten geen streep getrokken, maar gekozen voor de macht. Die keuze heeft er toe geleid dat het eigen gezicht en geluid van D66 diffuus zijn geworden. De terechte roep om niet alleen een heldere koers, maar vooral ook de bereidheid om daaraan vast te houden, heeft ongetwijfeld bijgedragen aan het initiatief van teleurgestelde leden van D66 die zich thans verzameld lijken te hebben rond de banier met de naam D6.

Een voorbarige actie. Er is ruim voldoende materiaal voorhanden om een heldere koers uit te zetten bijvoorbeeld op het punt van het milieu. Ik ben in 1979 onder meer lid geworden van D66 vanwege de inzet van deze partij om de tegenstelling tussen economie en milieu om te smeden tot een verantwoorde balans. Het is de zoektocht naar economische groei die past binnen de randvoorwaarden die het milieu stelt. En dat die randvoorwaarden steeds harder worden, lijkt buiten kijf te staan. Waar is de partij die een serieus antwoord probeert te geven op deze zorgen? Welke partij realiseert zich dat slechts met ingrijpende maatregelen het energieverbruik zodanig kan worden beperkt en aangepast dat de kans op voortbestaan van ons milieu, of liever gezegd onze comfortabele wijze van bestaan, zeker kan worden gesteld? Dat is D66.

Als bij die zoektocht duidelijk wordt dat bijvoorbeeld kernenergie als overgangsmaatregel onontbeerlijk is, dan zou D66 de partij kunnen zijn die in staat is dat standpunt met al zijn beperkingen overtuigend voor het voetlicht te brengen.

Het voorbeeld van het milieuprobleem laat zien dat verrassend weinig zekerheden ontleend kunnen worden aan vastgeklonken wereldbeelden, en dat de permanente zoektocht van D66 naar verstandige oplossingen voor maatschappelijke problemen alle ruimte biedt voor een heldere profilering. Het is overigens deze bijzondere houding in de politiek, deze niet aflatende quest for control die kenmerkend is voor D66 en gekoesterd zou moeten worden. Niet valt in te zien waarom deze invalshoek geen betrouwbare basis zou kunnen blijven vormen voor het bedrijven van politiek. En eerlijk gezegd, vanuit deze overtuiging vind ik het uiteraard belangwekkend, maar niet doorslaggevend om te weten dat deze inzet op voorhand op ruime steun van de kiezers kan rekenen. De keuze voor een scherp eigen profiel dient voorrang te krijgen boven een wellicht geforceerde poging om regierungsfähig te blijven.

Ruud Hessing is oud-wethouder voor D66 van Leiden.

    • Ruud Hessing