Fijn hameren op een Sommer

Sommer Diesel

Lekker ronken doet deze motor niet. Het is eerder een metalig hameren, het is meer het geluid van een noodstroomaggregaat dan van een vervoermiddel.

Dat verandert wel iets als je aan het gashendel draait. Om te beginnen wordt het hameren harder, maar uit de uitlaat klink nu ook een beschaafd geroffel. Koppelingshendel op laten komen, en daar zet de motor zich in beweging. Veel te draaien valt er niet aan het gashendel, na een halve omwenteling is het gas op. Dan maar naar zijn twee, zijn drie en zijn vier. Tachtig gaat het nu. Negentig. Honderd bijna, en dan is de vaart eruit. De wind fluit, de Duitse heuvels van het Taunusgebergte ontrollen zich.

We bevinden ons aan boord van de Sommer Diesel, zonder twijfel een van de zuinigste gemotoriseerde vervoermiddellen ter wereld. Want hoewel alles lekker zwaar en solide aanvoelt, kan deze motorfiets met een liter brandstof zo’n 50 kilometer rijden. Hoe kan dat? Doordat hij aangedreven wordt door een dieselmotor.

Het belangrijkste verschil tussen een diesel- en een benzinemotor is dat in een diesel geen bougies zitten voor de ontsteking. In de verbrandingskamer van een dieselmotor ontsteekt het brandstofmengsel ‘vanzelf’. Dat kan gebeuren doordat er een veel hogere druk heerst, een diesel heeft een veel hogere ‘compressie’.

In de cilinder wordt een hoeveelheid lucht zo dicht samengeperst dat die lucht gloeiend heet wordt. Op dat moment wordt in de cilinder een fijn wolkje diesel gespoten, dat onmiddellijk ontbrandt.

Dat procédé levert een groot aantal voordelen op: door de afwezigheid van de ontsteking is een diesel betrouwbaarder dan een benzinemotor, door de veel hogere compressie is hij zuiniger, en door de meestal zware bouw en de smerende eigenschappen van diesel heeft een dieselmotor meestal ook een langere levensduur. Daar staan ook een paar forse nadelen tegenover: zwaar, lawaaiig en een lager vermogen dan een benzinemotor.

Zo op het oog dus niks voor een motorfiets, maar wie niet zo nodig 300 kilometer per uur wil rijden en meer hecht aan zuinigheid en levensduur zou met een diesel wel eens heel prettig kunnen motorrijden.

Er zijn dan ook al verschillende pogingen gedaan een dieselmotor in een motorfietsframe onder te brengen. Daarvoor bestaat ook van militaire zijde belangstelling, want aan het front loopt vrijwel alles op diesel, en het zou handig zijn als de militaire motorfietsen dat ook zouden doen. Het Amerikaanse leger heeft al proeven gedaan met omgebouwde Kawasaki’s en in Californië maakt Hayes Diversified Technologies (HDT) militaire dieselmotorfietsen.

Maar deze dieselmotorfiets is meer voor vreedzame Euroburgers. De Duitse motorhandelaar Jochen Sommer importeerde al langer de Indiase motoren van het merk Royal Enfield – getrouwe kopieën van een Engels model uit de jaren vijftig. Royal Enfield had zelf ook al eens met een dieselmotor geëxperimenteerd, maar dat was bij gebrek aan een goede krachtbron nooit veel geworden. Maar Sommer kende wel een goeie dieselmotor: de Hatz. Het bedrijf heeft onverwoestbare industriemotoren, gemaakt voor duizenden uren continubedrijf. Een van de kleinere luchtgekoelde modellen paste met een paar kleine wijzigingen op fraaie wijze in het Enfield-frame.

In de werkplaats van Sommer in Eppstein-Vockenhausen (vlak bij Wiesbaden) worden ze nu met de hand gebouwd. Voor liefhebbers die het ouderwetse uiterlijk voor lief nemen en wel zin hebben in iets degelijks en meer van reizen dan van razen houden.

Warna Oosterbaan

Warna Oosterbaan is redacteur van M, het maandblad van NRC Handelsblad. Zelf rijdt hij op een BMW R100R.