Voor de laatste keer de oorlog

Documentairemaker Louis van Gasteren voltooide na 30 jaar zijn film Het verdriet van Roermond. „Ik wil mijn trauma vertalen naar een hoger filosofisch niveau.”

Op 26 en 27 december 1944 werden er vlak over de Nederlands-Duitse grens 14 mannen uit de Limburgse stad Roermond geëxecuteerd door een Duits vuurpeloton. Volgens het verslag van de provisorische militaire rechtbank die hen ter dood had veroordeeld, waren ze bij hun arrestatie in het bezit geweest van wapens en een zender. Daarom werden ze als leden van het verzet gefusilleerd. De twee jongste slachtoffers die staande op de rand van een zelfgegraven graf werden neergeschoten, waren 16 jaar oud.

De 14 mannen waren echter helemaal geen lid van het verzet. Wapens hadden ze niet, en in de kelder van de school waar ze zaten ondergedoken stond alleen een krakkemikkige radio. De Duitse commandant in Roermond, parachutist majoor Ulrich Matthaeas, wilde een afschrikwekkend voorbeeld stellen voor alle weerbare mannen in het gebied dat onder zijn bevel stond. In die opzet slaagde hij, want op 30 december lieten 3000 mannen zich weg voeren naar Duitsland.

Documentairemaker Louis van Gasteren (83) begon medio jaren zeventig met het maken van interviews met nabestaanden en getuigen van het drama. Hij wist Matthaeas op te sporen, die in 1947 ontsnapte uit Nederlandse gevangenschap nadat hij door de marechaussee mishandeld was en voor dood was achtergelaten. Toen Matthaeas na een voorgesprek afzag van medewerking aan de documentaire, werd die niet afgeblazen. De reeds gemaakte opnamen belandden bij Van Gasteren in het archief.

In 2000 besloot hij de film Het verdriet van Roermond alsnog af te maken. „Ik word ouder en mijn dood nadert. Ik wilde niet dat dit materiaal zou achterblijven in mijn kluis.” Uit mededogen met de slachtoffers wilde Van Gasteren hun verhaal per se vertellen. „Mededogen vormt de kern van al mijn werk, mededogen met de mensen wier verhaal ik vertel.”

Van distantie ten opzichte van zijn onderwerp wil hij niets weten. „Ik kruip helemaal in de huid van de mensen die ik film. Zij staan in psychologische zin naakt voor mij. Ik wil hun verdriet van binnenuit kunnen volgen.”

Matthaeas overleed in 1994, maar via het verhaal van de Limburgse journalist Jan van Lieshout, die hem na Van Gasteren te spreken kreeg, komt de Duitse commandant toch nog aan het woord. Hij is uiteindelijk nooit berecht voor zijn misdaden, in Nederland noch in Duitsland. Strafrechtdeskundige prof. Frits Rüter velt aan het eind van de documentaire een vernietigend oordeel over de laksheid van de Nederlandse overheid in deze zaak.

Met Het verdriet van Roermond heeft hij zijn laatste film over de oorlog afgeleverd, zegt Van Gasteren. Hij heeft meerdere titels over deze materie op zijn naam staan. Dat de Tweede Wereldoorlog in zijn werk een centrale rol speelt ligt voor de hand, gezien de gebeurtenis van 24 mei 1943 die zijn leven tot op dit moment beïnvloedt. Op die dag doodde Van Gasteren de bij hem ondergedoken jood Walter Oettinger. Hij werd tot vier jaar gevangenisstraf veroordeeld, maar kreeg in januari 1946 gratie. Herziening was indertijd niet mogelijk omdat de Hoge Raad tussen mei 1944 en november 1946 niet functioneerde, aldus Van Gasteren.

„Ik heb een mensenleven moeten nemen, dat ik had willen behouden”, zegt hij nu desgevraagd. „Die beslissing heb ik niet alleen genomen.” Oettinger zou met zijn gedrag mensen met wie hij samenwerkte in gevaar hebben gebracht.

In de afgelopen jaren is deze lezing van Van Gasteren in twijfel getrokken door journalisten als Bart Middelburg en Pamela Hemelrijk. Middelburg sprak zelfs van roofmoord, een beschuldiging waarvoor hij door de Hoge Raad op de vingers werd getikt als zijnde onrechtmatig. Eerder deze maand verscheen het boek De dood van een onderduiker. Louis van Gasteren en de waarheid van Eric Slot. Die schreef: „Louis van Gasteren heeft zich over de rug van de man die hij zelf heeft doodgeslagen, een verzetsverleden aangemeten.”

Hoewel hij zichtbaar kookt van woede over het boek van Slot, wil Van Gasteren niet ingaan op de inhoud ervan. „Dan zeggen mensen weer dat ik er zelf over begin.”

Feit is dat wat er in 1943 gebeurde diepe sporen heeft nagelaten bij Van Gasteren. In zijn films over de oorlog wil hij zich met zijn verleden verstaan. „Ik wil mijn trauma vertalen naar een hoger filosofisch niveau. Ik kan niet anders als kunstenaar.”

Hoewel hij geen documentaires over de oorlog meer denkt te maken, zal Van Gasteren doorwerken zolang hij de kracht heeft. „Het is niks voor mij om onder een palmboom te gaan zitten. Ik zal sterven in het harnas.”

Dokwerk: Het verdriet van Roermond. Nederland 3, 20.20-22.00 uur.

    • Bart Funnekotter