Strijd tussen milities in Mogadishu

Bij gevechten in de Somalische hoofdstad Mogadishu, de hevigste sinds vele jaren, zijn sinds zondag meer dan tachtig burgers omgekomen. De gevechten zouden zijn aangewakkerd met Amerikaanse steun.

In de Somalische hoofdstad heerst al jaren geen centraal gezag, iedere buurt of straat heeft zijn eigen militie. Sinds de ondergang van de centrale regering van de autoritaire Siad Barre begin jaren negentig hebben islamitische rechtbanken met daaraan gelieerde milities een deel van het machtsvacuüm gevuld. Na 2003 ontstond er een netwerk van radicalen dat banden onderhoudt met internationale terroristen zoals van het netwerk Al-Qaeda. Terroristische aanslagen in buurland Kenia in 1998 en 2002 werden voorbereid in Mogadishu en ook in Somalië zelf werden acties door radicalen uitgevoerd tegen Westerse hulpverleners.

Volgens diplomaten in de regio ontvangen krijgsheren die het opnemen tegen islamitische radicalen steun van de Amerikanen. In Mogadishu opereren geheim agenten van de VS, Italië en Ethiopië die een antiterrorismenetwerk proberen op te zetten. Met Amerikaanse hulp werd in 2003 een Al-Qaedaverdachte van de aanslag in het Keniaanse Mombasa in 2002 ontvoerd en naar de Verenigde Staten overgebracht.

De afgelopen maanden gaven de VS financiële steun aan de Alliantie voor het Herstel van Vrede voor Antiterrorisme. De krijgsheren die aan deze alliantie verbonden zijn gingen sinds maart al drie keer in de aanval tegen de islamitische rechtbanken en hun milities, waarbij 120 doden vielen.

Bewoners van Mogadishu noemen de gevechten even hevig als die van begin jaren negentig, toen de burgeroorlog uitbrak. De vechtende militieleden trekken met hun geweren en zware wapens van straat tot straat, van huis tot huis en zo raken burgers beklemd in de strijd. Maandag werd een baby van vijf maanden in zijn rug geschoten.

Gisteravond probeerden traditionele ouderen een bestand te bewerkstelligen. Dat was vanmorgen nog niet gelukt.