Scherp en ongrijpbaar

In zijn oeuvre verbeeldt Cage alle schijngestaltenvan de American Dream.

In The Weather Man is hij als weerman optimistisch tegen de klippen op.

Matchstick Men (2003) Foto AFP Matchstick men Year : 2003 Director : Ridley Scott Actor : Nicolas Cage AFP

Je hebt tal van filmsterren die prachtige rollen spelen als ze jong zijn, en daar een typetje van maken als ze wat ouder worden. Ze kunnen er vaak heel lang op teren en er steenrijk mee worden. Af en toe kankeren ze op journalisten die hun vragen of ze niet te gemakzuchtig zijn en wanneer ze nou weer eens in een goede film gaan spelen. En dan verdienen ze weer verder. Harrison Ford is zo'n acteur, Al Pacino, Gerard Dépardieu, Michael Caine. Ze zijn allemaal goed, maar ze hebben de puf niet meer om voor elke film het onderscheid te maken tussen goed en slecht.

Wat is het verschil tussen deze sterren en Nicolas Cage? Nicolas Cage heeft niet één maar vele types in huis die hij tot in lengte der dagen lijkt te kunnen uitbaten. Er is de stuntelige man die op een boekhouder blijft lijken, ook als hij eigenlijk een meesterdief is (zoals in Ridley Scott's Matchstick Men uit 2003). Of hij is de pure macho die in keiharde actiefilms speelt zoals Face/Off (John Woo, 1997) of Con Air (Simon West, 1997). En af en toe speelt hij de echte romantic lead, zoals in Captain Corelli's Mandoline (John Madden, 2001).

Wat al die types verbindt, is het verdriet dat ze meedragen. Kijk naar het eerste shot van Lord of War (Andrew Niccol, 2005). Een man in pak staat op een stapel kogelhulzen, zijn rug naar ons toe. Je ziet meteen dat het Cage is - hangende schouders, dunnende haardos, droefenis - maar als hij zich omdraait, trekt hij een grote grijns en begint een reclamepraatje voor zijn wapens. Dubbelzinnigheid is Cages unique selling point. Die broedende blik - denkt hij aan zijn liefje of beraamt hij een moord?

In The Weather Man, die deze week in première gaat, speelt Cage de zoon van een groot journalist (een typerende rol van Michael Caine, de eeuwig wereldwijze cynicus). Cage is weerman bij een lokale omroep in Chicago en wordt op straat af en toe bekogeld met afval, omdat hij nu eenmaal bekend is van tv. Hij is gescheiden, zijn dochter is te dik en toch vindt de weerman dat het goed gaat, dat vindt hij tegen de klippen op, maar met elke stap die hij zet, zelfs als hij in zijn carrière een grote sprong voorwaarts neemt, wordt zijn zekerheid verder afgebroken. In zijn oeuvre verbeeldt Cage alle schijngestalten van de American Dream, maar vooral de schaduwzijde.

Nicolas Cage werd in 1964, in Long Beach, Californië, geboren als Nicholas Kim Coppola, neef van filmer Francis Ford Coppola. Hij staat als Nicolas Coppola op de titelrol van Fast Times at Ridgemont High, een puberfilm uit 1982 die vele carrières op gang hielp, onder meer die van Sean Penn, Jennifer Jason Leigh, Eric Stolz en Phoebe Cates.

Het rolletje van Cage werd in de montagekamer gekortwiekt tot er niet meer overbleef dan enkele droevige blikken vanuit een hamburgerkeuken en een naamloze credit op de aftiteling als “Brad's maatje'.

De opnames waren vreselijk voor de 16-jarige Coppola. De hele dag waren zijn collega's/rivalen bezig hem te treiteren met zijn beroemde oom. “Eric Stolz stond voor mijn caravan zinnen uit Apocalypse Now en The Godfather te citeren.“ Na zijn debuut veranderde Nicolas zijn naam, en koos die van stripsuperheld Luke Cage.

Dat weerhield hem er niet van om toch kort na elkaar drie films met oom Francis te maken. Het broeierige Rumble Fish (1983), het overdadige The Cotton Club (1984) en het lichtvoetige Peggy Sue Got Married (1986). Het jaar erop speelde hij een klunzige kidnapper in Raising Arizona (van de Coen-broers) en een romantische minnaar in Moonstruck (Norman Jewison). Dat bonte patroon is hij consequent blijven toepassen, van de blitse Elvis-fan met slangenleren jekkie in Wild at Heart (David Lynch, 1990) tot de broeierige loner in Red Rock West (John Dahl, 1992) en de droevige dronkaard in Leaving Las Vegas (Mike Figgis, 1995). Toen die laatste film uitkwam, was Cage een ster, bankable, zoals dat in Amerika heet. Een film met Cage is een goede investering. Zijn salaris steeg, volgens de international movie database, van 240.000 dollar voor Leaving Las Vegas naar 20 miljoen dollar voor actiefilm Gone In 60 Seconds (Dominic Sena, 2000).

Hij is nu op een punt aangekomen dat het volgens hem riskant wordt om films als The Weather Man of Lord of War te maken. Zijn naam op de titelrol suggereert immers dat het wel weer een blockbuster zal wezen. “Maar het zijn juist scherpe, dubbelzinnige en ongrijpbare films“, zei Cage in een interview. En klinkt dat niet verdacht veel als een zelfportret?

Film

The Weather Man.

Regie: Gore Verbinski. Met: Nicolas Cage, Michael Caine, Hope Davis.

    • Bas Blokker