“Je kunt gehecht zijn aan je afwasmachine'

De Vlaamse filosofe Ann Meskens houdt donderdag de Premsela lezing over filosofie en vormgeving.

“Kiezen voor handwerk kan een perverse keuze zijn.“

vouwfiets

Hoogpotige stoelen, oude winterjassen, vouwfietsen - je komt ze niet vaak tegen in gezelschap van Aristoteles, Descartes en Nietzsche. De dingen zijn door filosofen in de afgelopen eeuwen nogal verwaarloosd. Ten onrechte, vindt de Vlaamse filosofe Ann Meskens (1965).

Zij verbindt die verwaarlozing zelfs met het verschil in status tussen politieke en economische vluchtelingen. “De problemen van de 21ste eeuw zijn niet alleen meer in politieke termen te vatten“, meent Meskens. “Ik ga er vanuit dat iemand die alles achter zich laat een wanhopig verlangen heeft om het beter te hebben. Dat is een verlangen om serieus te nemen.“

Ann Meskens houdt aanstaande donderdag de Premsela Lezing, die jaarlijks wordt georganiseerd door Premsela, stichting voor Nederlandse vormgeving. Meskens werd uitgenodigd voor de lezing, die ze de titel Op de rug van de dingen gaf, omdat ze vorig jaar een boek schreef over haar passie voor Jacques Tati, de Franse regisseur die een speciale band heeft met de dingen, zoals te zien is in films als Mon Oncle en Playtime. “Tati overbrugt heel mooi het moderne onderscheid tussen ding en mens“, zegt Meskens. “Hij toont mensen als ding en maakt dingen antropomorf. Tati is ook een van de weinigen die van machines, rotondes en flatgebouwen de lelijkheid én de schoonheid kon zien. Playtime laat zien hoe ouderwets, grappig en vrolijk we kunnen zijn in de hedendaagse samenleving, hoe lenig we nieuwe verworvenheden in ons leven inpassen. Als het te kil is, gaat er wel iets kapot, zei Tati.“

Wat in het boek van Meskens opvalt is hoe lenig zij de filosofie met huis, tuin en keuken verbindt. Geen abstracte betogen maar persoonlijke ontboezemingen, geen verheven toon maar opgewekt onderzoek, geen jargon maar poëzie.

Vervreemding is een begrip waar Meskens in de lezing afstand van neemt. “Dat is een verouderd concept. Ook hedendaagse dingen krijgen liefde. Je kunt gehecht zijn aan je afwasmachine. Er zijn nu andere problemen, die bijvoorbeeld het onderscheid tussen ambacht en massaproduct op hun kop zetten. Rijke mensen willen bijvoorbeeld geen tapijt kopen in een grote keten, zij hebben liever iets handgemaakts. Maar wat als dat mooie tapijt door kinderhandjes in India is geknoopt? Kiezen voor handwerk kan een immorele, perverse keuze zijn.“

In Op de rug van de dingen noemt Meskens maar een paar ontwerpers bij naam. Een van hen is Victor Papanek (1927-1999), een vormgever die vond dat er te weinig rekening werd gehouden met verschillende gebruikers. Hij ontwierp bijvoorbeeld een radio die gemaakt was van materiaal dat in de derde wereld voorhanden was, zoals conservenblikjes en was. Een ontwerp voor het Westen dat ze roemt is de vouwfiets. “Een voorbeeld van een ontwerp waarbij is nagedacht over hoe we nu leven. Je reist per trein en voor de korte afstanden neem je een fietsje mee.“

Niet alle dingen hoeven van haar nuttig te zijn. Schoonheid is evenmin altijd nodig. “Ik heb een goedkoop, machinaal gefabriceerd lampje met een rood kapje waar kraaltjes aan hangen. Het geeft weinig licht. Maar het rode licht dat eruit schijnt Dat is niet om bij te lezen, maar om naar te kijken.“

De lezing van Ann Meskens is op donderdag 11 mei in de Beurs van Berlage, Amsterdam, aanvang 20 uur. Voor kaarten zie www.premsela.org.

    • Bianca Stigter