Minivliegtuig verandert luchtvaart

De ‘very light jet’ doet zijn intrede: een klein, goedkoop zakenvliegtuig. Bij Eurocontrol zijn ze niet blij met de VLJ die grote vliegtuigen voor de neus kan vliegen.

Schaalmodel van de Eclipse 500, een zakenvliegtuig behorend tot de klasse van de very light jets. In de loop van dit jaar kunnen de eerste toestellen vliegen. Foto Johannes van Assem Foto:Johannes van Assem 04-05-2006, Haarlem Roel Pieper Assem, Johannes van

Lolke van der Heide

Genève, 9 mei. - Van kop tot staart meet de Eclipse 500 anderhalve meter, met een vleugelwijdte niet groter dan de uitgestrekte armen van een volwassen vent. Dit is een model, tentoongesteld op de Zwitserse beurs voor de zakenluchtvaart, Ebace. Toch is het minivliegtuig ook in werkelijkheid slechts 10 bij 11 meter. De Eclipse, van Amerikaanse makelij, speelt in op de snel groeiende markt van het zakelijk vliegverkeer.

Eurocontrol, de organisatie die toeziet op de regulering en veiligheid van het luchtverkeer, constateert dat het aantal zakenvluchten in Europa sinds 2002 sneller groeit dan het andere luchtverkeer. Vorig jaar nam het aantal zakelijke vluchten met 6,3 procent toe, de vluchten met ‘gewone’ passagierstoestellen steeg 4 procent, zo blijkt uit een rapport dat Eurocontrol vorige week publiceerde. Eurocontrol maakt zich ook zorgen over de nieuwkomers: „De eerste very light jets worden dit jaar in bedrijf genomen. Hoeveel komen er in Europa en waar gaan ze vliegen?”

De VLJ is een uitvinding van de Amerikaan Vern Raburn, een voormalig medewerker van Microsoft-baas Bill Gates, met wie hij nog altijd dikke maatjes is. De huidige bouwers van zakenvliegtuigen maken te weinig gebruik van inzichten uit de computerindustrie, dat kan ik beter, zo luidt Raburns stellingname. Hij richtte daarom het bedrijf Eclipse Aviation op. De Eclipse 500, die naar alle waarschijnlijkheid de komende maanden in de VS en Europa wettelijke goedkeuring krijgt, is uitgerust met geheel nieuwe geavanceerde motoren en instrumenten. De vraagprijs ligt rond 1 miljoen euro, dat is eenderde van de aanschafprijs van het goedkoopste zakentoestel tot nu toe. Raburn claimt dat ook de operationele kosten, door minder brandstofverbruik, lager liggen dan bij andere zakenvliegtuigen. Bovendien heeft het toestel om op te kunnen stijgen genoeg aan een korte baan van 650 meter. Het vliegbereik ligt net boven de 2.000 kilometer, vluchten van drie uur.

Raburn ziet de VLJ als een taxi met vleugels – het zijn vooral luchttaxiondernemingen die belangstelling hebben voor het toestel. Een van die bedrijven, het Amerikaanse Dayjet, heeft een order geplaatst voor 239 Eclipse 500’s. In Europa gaat het Zwitserse Jetbird luchttaxivervoer verzorgen met VLJ’s, waarvan het 50 stuks heeft besteld. Jetbird koos echter niet de Eclipse, maar de Phenom 100 van de Braziliaanse fabrikant Embraer.

Netjets, wereldwijd marktleider in zakenvluchten, heeft zijn bedenkingen tegen de VLJ’s. „De nieuwprijs mag dan lager zijn, je moet in Europa toch met twee piloten vliegen en dat zijn hoge kosten”, zegt Robert Baltus, vice-president van Netjets.

Eurocontrol is bevreesd dat het te druk zal worden in de lucht, met name rond vlieghoogtes 330 tot 370 (35.000 tot 37.000 voet: 10 tot 11,2 kilometer): 38 procent van de ‘gewone’ vluchten vraagt nu aan om rond deze hoogte te vliegen en 28 procent van het zakenverkeer doet dat ook. Op grote hoogte verbruikt een vliegtuig minder brandstof. Met de komst van de VLJ’s zal het nog drukker worden en dat terwijl de VLJ langzamer vliegt dan een Airbus of Boeing. „Er komt een overlap tussen zakenvluchten en ander verkeer”, schrijft Eurocontrol, dat een „toename van de concurrentie” op grote hoogte ziet ontstaan.

Maarten van Eeghen, voormalig topmanager bij Fokker en KLM, voorziet in het geheel geen problemen. „Er is ruimte zat”, zegt Van Eeghen die nu adviseur is van Etirc, het bedrijf van investeerder Roel Pieper dat betrokken is bij de verkoop van de Eclipse 500. „Maar het luchtruim wordt zeer inefficiënt georganiseerd, ieder land in Europa doet het nog voor zich. We moeten dat opheffen en besparen dan op jaarbasis 3 miljard euro.”

    • Lolke van der Heide