ik@nrc.nl

Ik zit in de trein. Het is begin mei en ik ben op weg naar het oosten van het land. Tegenover mij zit een meneer. Een mager, pezig mannetje. Maar statig. In legertenue, volgehangen met militaire onderscheidingen. Een Canadees die meer dan vijftig jaar geleden ons land heeft helpen bevrijden.

Zijn handen trillen. Zijn baret trilt mee. Heldere blauwe ogen kijken me aan - ongebroken. De conducteur komt binnen. De oud-oorlogsstrijder overhandigt zijn kaartje. Hij heeft in Amsterdam om een kaartje naar Arnhem gevraagd, maar een kaartje naar Haarlem gekregen. De conducteur neemt hier geen genoegen mee en vertelt onze bevrijder in het Nederlands dat hij een nieuw kaartje moet kopen en 35 euro boete moet betalen. Niemand grijpt in. Nederland. NS. Buiten buitelt een kievit naar beneden.