Geef ze geld om te oefenen

Hoe voorkom je dat de kinderen elk jaar een nieuwe Ferrari kopen van de erfenis?

‘De kinderen onwetend laten is het probleem voor je uit schuiven.’

Fotobewerking Fotodienst NRC Handelsblad (Photo: Dirk-Jan Visser / Rotterdam: 05-05-2005): Dhr Nederhof en zijn zoon Jasper Nederhof, eigenaar van de automatiseerder E-novation. Visser, Dirk-Jan

Jasper Nederlof (22) is, op papier, een vermogende jongere. Begin jaren tachtig zette zijn vader Fred Nederlof (49), die net was afgestudeerd als huisarts, zijn eigen bedrijf E.Novation op. Nu, ruim twintig jaar later, is Nederlof adviseur van de directie van het ICT-bedrijf dat wordt geleid door zijn broer en twee neven, werken er ruim 200 mensen en halen ze een omzet van 14 miljoen euro.

Hij zou het leuk vinden als E.Novation een familiebedrijf bleef. Maar met meerdere aandeelhouders kan dat lastig zijn. Bovendien hebben zijn eigen vier zoons geen interesse in het bedrijf. Jasper, de oudste van de vier: ‘Thuis hebben we het er eigenlijk nooit over. Ik ambieer het ook niet om in de voetsporen van mijn vader te treden. Ik studeer nu bouwkunde en wil graag later zelf iets opzetten.’

Toch zullen zijn zoons ooit een deel van het vermogen erven, beseft Fred Nederlof. Hij heeft hierover advies ingewonnen bij een financieel adviseur. Die adviseerde hem een stichting op te richten, waarin hij zijn aandelen onderbrengt. Zijn persoonlijke vennootschap zal in het bestuur plaatsnemen om de zeggenschap over het vermogen te behouden. De kinderen krijgen een belang in de vennootschap om de successie te garanderen. Maar vooralsnog valt er weinig te erven, zegt hij. ‘Ik heb de jongens al tien keer onterfd, omdat ze weer eens hun kamer niet hadden opgeruimd.’

Veel geld is leuk om te hebben, maar het levert nogal wat kopzorgen op bij de ouders. Wanneer moet je de kinderen inlichten over het vermogen? Voor welke vorm van beheer kies je en waar win je advies in? De financiële opvoeding van vermogende kinderen wordt ook wel het Ferrari-syndroom genoemd: hoe voorkom je dat de kinderen elk jaar een nieuwe Ferrari kopen van het geld?

De aandelen onderbrengen in een stichting, zoals Nederlof wil, is één van de manieren om het familievermogen veilig te stellen. ‘Het voordeel van deze vorm is dat het vermogen bij elkaar blijft’, zegt Marike van Wijk van vermogensbeheerder MeesPierson. ‘Ook kan je regelen dat je kinderen er voorlopig niets mee kunnen.’

Andere opties zijn om het geld op papier te schenken, waarbij je het geld van de kinderen terugleent maar de rente aan hen betaalt. Ouders kunnen ook schenken onder bewind. De bewindvoerder kunnen de ouders zelf zijn die met hun kinderen samen bepalen wat er met het geld gebeurt.

Gewoon schenken kan ook. Jaarlijks mag 4.342 euro belastingvrij geschonken worden en eenmalig mogen de ouders hun kinderen (tot 35 jaar) 21.700 euro geven. Een onderdeel van de financiële opvoeding kan ook zijn dat de kinderen een geldbedrag krijgen ‘om mee te oefenen'.

Er zijn vele opties, zegt Herman Bouter van Capital Consult & Coaching. Er is niet één vorm te noemen die het meest gebruikt wordt om het vermogen aan de kinderen over te dragen. Maar er zijn ook genoeg mensen die zich helemaal niet laten informeren. Bouter: ‘Ik denk dat de meesten de kinderen onwetend laten, maar dat is eigenlijk het probleem voor je uit schuiven.’

Als niks geregeld is, krijgen de nabestaanden in één keer een smak geld en moeten de kinderen bij een bedrag hoger dan 860.000 euro 27 procent belasting betalen. Reden genoeg dus om kinderen vroeg te betrekken bij het beheer van het vermogen en ze in te lichten over de waarde ervan.

De bank Schretlen & Co, onderdeel van de Rabobank, geeft jongeren tussen de 12 en 18 jaar een ‘financiële opvoeding'. Het aantal aanmeldingen hiervoor is verdubbeld naar 400, zegt commercieel directeur Gerbert Mos. ‘En voor het onlangs begonnen programma voor de leeftijdsgroep 18 tot 28 jaar, hebben zich al 100 jongeren aangemeld.’ Daarbij worden de jongeren in contact gebracht met experts, leren ze beleggen en daarmee ook de waarde van geld kennen.

Fred Nederlof hoopt dat hij zijn zoons heeft meegegeven dat ze niet afhankelijk moeten willen zijn van hun ouders. Ze moeten hun eigen leven leiden, zegt hij. ‘Zolang ik leef, is het mijn bedrijf en zullen zij er niet beter van worden.’ Jasper weet dat hij moet werken voor zijn geld en doet dat ook. Van zijn ouders krijgt hij maandelijks 250 euro en ze betalen zijn studie. ‘Maar als ik wat aankloot, moet ik hun bijdrage terugbetalen.’

    • Marleen Luijt