Goed fout

Het is niet meer zo algemeen bekend, maar tussen 1795 en 1813 werd Nederland bezet door de Fransen. Indertijd werden we onder meer bevrijd door de Russen. Vooral de ruiters in het Russische leger, de kozakken, maakten hier veel indruk. In de ogen van onze voorouders waren ze exotisch gekleed en ze gedroegen zich opvallend ruw. Kozak kreeg in het Nederlands als figuurlijke betekenis 'een ruw en aanmatigend optredend militair' en onze spreekwoordenschat werd verrijkt met de uitdrukkingen dat is naar de Kozakken ('dat is in een oogwenk verdwenen' - de kozakken waren beruchte plunderaars) en het gras groeit niet meer waar de Kozak als vijand den voet heeft gezet.

Om met de Russische bevrijders te kunnen praten werd in 1813 in Amsterdam een boekje uitgegeven getiteld Hulpboekje om de Russen en Kosakken goed te verstaan: in het Hollandsch en Russisch naar de Hollandsche uitspraak gesteld. Dit boekje begint met de rubriek 'Van het Eten en Drinken', en onder die eerste levensbehoeften vinden we onder meer - kriskras door elkaar - 'Blaauwe Bessen', 'Frisch Brood', 'Boekweiten Gort', 'Bloedworst' en 'Brandewijn'.

Het duurde tot de Tweede Wereldoorlog voordat Nederland opnieuw bezet én bevrijd werd, en ook toen verschenen er diverse boekjes om beter met de bevrijders te kunnen praten. Vorige week kwam hier de Hema Dutch Dictionary ter sprake, een dun boekje met 2500 woorden en 100 zinnetjes. Maar er waren er meer. Een lezer schreef: 'Toen wij in Helmond werden bevrijd in september 1944 heeft mijn vader, leraar Engels MO A en B, een klein boekje geschreven voor de Helmonders om te kunnen communiceren met de bevrijders. [...] Mijn vader had daarin het zinnetje 'please a keepsake' opgenomen. Toen die Helmonders dat tegen de Engelse soldaten zeiden, begrepen die er niets van. Mijn vader liep namelijk een beetje achter en wist niet dat de Engelsen in die tijd al het woord souvenir gebruikten. Keepsake kenden die mogelijk wat eenvoudige soldaten niet.'

Een andere leraar Engels, H.R. Kruger, kwam met een boekje getiteld Brush up your... English! Korte handleiding voor Hollanders die hun Engels zijn vergeten. In de inleiding schrijft Kruger dat hij een lijst met uitdrukkingen heeft opgenomen 'die in elk gesprek te pas kunnen komen'. 'Vele ervan', vervolgt hij, 'zullen een prettige variatie zijn op het 'Yes... Yes', dat men maar al te veel hoort uit de mond van den Hollander, die naar een Engelsman luistert en wil doen uitkomen, dat hij hem volgen kan.'

Het is interessant om te zien wat voor uitdrukkingen Kruger opneemt. Zijn boekje verscheen in mei 1945 en beleefde zeker twee drukken. Anders dan in de Hema Dutch Dictionary lezen we bij Kruger geen uitdrukkingen die betrekking hebben op de oorlog of de bevrijding, maar zegswijzen als de derde man brengt de spraak aan; buurmans leed troost en de broodkruimels beginnen hem te steken - uitdrukkingen die ik hier voor het eerst las.

Natuurlijk verschenen er ook verzamelingen van woorden die tijdens de oorlog waren ontstaan. Onder het pseudoniem M.A. Mas stelde een zekere Max Zijlstra in 1945 het Verklarend zakwoordenboekje der Nederlandsche taal samen, een merkwaardig werkje van twintig pagina's met korte, lichtvoetige verklaringen bij woorden als bukshag, bijltjesdag, knijpkat en ondergrondsche ('griezelig woord voor hen, die doen, wat we eigenlijk allemaal moesten doen. Werken en saboteeren').

Het opmerkelijkst is wat Zijlstra schrijft bij goed. 'Tja, dat is nou een heel moeilijk woord', begint hij. 'Men is goed of men is het niet en dan is men fout. Maar waar de grens hier ligt, is mij persoonlijk niet duidelijk geworden. Het is maar wat je onder 'goed' verstaat.' Het zou nog decennia duren voordat deze relativering van goed en fout in brede kring serieus werd genomen.

    • Ewoud Sanders