Verdi's Boccanegra als actueel politiek statement

De Nederlandse regisseur Johan Simons maakte van Verdi's opera Simon Boccanegra een politiek statement voor de Parijse Opera. Woensdag was de première voor een afkeurend Parijs' publiek. De critici keuren de aanpak af.

Stefano Secco (Gabriele Adorno) en Carlos Alvarez (Simon Boccanegra) Foto Eric Mahoudeau/ Opéra national de Paris Stefano Secco (Gabriele Adorno) en Carlos Alvarez (Simon Boccanegra) Foto Eric Mahoudeau/ Opéra national de Paris Carlos Alvarez (Simon Boccanegra) Ana Maria Martinez [Maria Boccanegra (Amelia Grimaldi)] Ferruccio Furlanetto (Jacopo Fiesco) Stefano Secco (Gabriele Adorno) au second plan, sur l'estrade Mahoudeau, Eric

Vier maanden geleden heerste in Parijs politieke onrust. Op Place de la Bastille, in historisch opzicht altijd een maatschappelijk brandpunt, verzamelde zich een menigte jongeren die protesteerde tegen de versoepelde ontslagwet van de Franse regering.

De Nederlandse regisseur Johan Simons kwam op dat ogenblik aan bij de Parijse Opera om er Verdi's opera Simon Boccanegra (1857) te ensceneren; hij wist meteen dat hij de opera politiek zou interpreteren. Woensdagavond was de première; toevallig tegelijk met de première in Amsterdam bij de Nederlandse Opera in de regie van Peter Mussbach.

Simons is geen estheet, geen uitbater van het Italiaanse belcanto en zeker geen behager van het conservatieve operapubliek. Zijn productie bij de Opéra Bastille munt uit door een ver doorgevoerde strakheid die het drama alle recht doet, maar zeker niet oogstrelend is. Simons bouwt met deze meest politieke opera van Verdi door op producties als Platform en De Asielzoeker, uitgebracht bij zijn nieuwe gezelschap NTGent. Zijn Simon Boccanegra heeft de kracht van een hevige verkiezingsstrijd tussen twee aartsrivalen. Aristocratie en volk staan tegenover elkaar. Titelheld Simon Boccanegra is een piraat, een maatschappelijke outcast die opkomt in legerbroek en wit onderhemd. Geen stijlvolle entree, wel dramatisch ijzersterk.

Twee reusachtige billboards domineren het decor. Simons vaste ontwerper Bert Neumann houdt van oppermachtige, herkenbare beelden. De toeschouwers kijken aan tegen het buitensporig uitvergrote portret van Fiesco, de heersende patriciër over Genua. Met rustige blik kijkt hij op de zaal neer; hij lijkt op Berlusconi, de Italiaanse president die ondanks verlies niet van wijken wil weten. Het conservatisme zit hoog te paard. In zijn regie verzet Simons zich daar openlijk tegen. Daarna is de idealist Boccanegra alom aanwezig.

De toneelruimte is afgeschermd met zilverkleurige wanden van aluminiumfolie. Deze vondst is suggestief. De folie schittert en is ook geluiddempend. Buiten roept het volk om een nieuwe doge. Dat moet Boccanegra worden, de piratenkapitein die rijk is geworden aan de handel op zee. Het aluminium is ook te zien als de goedkope versie van een paleiselijke spiegelzaal. De massa breekt er dwars doorheen, gewapend met oranje borden, en scandeert 'Simon Boccanegra'.

De opera is Verdi's somberste en melancholiekste. Verweven met de politieke machtsstrijd loopt het verhaal van Simons dochter Maria, die doodgewaand is en aan het slot terugkeert. Zij is verliefd op Simons aartsrivaal. Ook blijkt zij de kleindochter van Boccanegra's tegenstander van het eerste uur, de aristocraat Fiesco.

De plot is ingewikkeld.. Simons heeft er alles aan gedaan van de opera een fabuleus toneeldrama te maken, en dat is hem gelukt. Het Parijse publiek was ondankbaar en ontving de regisseur met luidruchtig geuite onmin en duimen die naar beneden wezen. We zien geen sfeervolle, anekdotische beelden van het vijftiende eeuwse Genua. De befaamde senaatsvergadering wordt uitgevochten op plastic stoeltjes, zwart tegenover Hollandslievend oranje. Een echte Simonsiaanse toneeltruc is de omkering van het decor in het laatste bedrijf. Tegen de kale achterzijde vindt de grote verzoening plaats tussen vader, kleindochter en politieke vijanden.

Bariton Carlos Alvarez als Simon is een begenadigd zanger en acteur. Zijn langdurige sterfscène weet hij schitterend en steeds lijkbleker uit te beelden. De naderende dood schildert zijn wangen krijtwit. Meeslepend is Maria's geliefde als de lyrische tenor Stefano Secco. De sopraan Ana María Martínez mist aanwezigheid en stemkracht, waardoor helaas haar aandeel in het drama tegenvalt. Dirigent Sylvain Cambreling en het orkest verdienen alle lof. Verdi's duistere, donkere partituur vol dood en strijd krijgt met name in de violen en celli dwingende ondersteuning.

De afkeurende houding van het Parijse publiek weerspiegelt zich in de recensies. Le Monde schrijft over 'waardevolle zangers' die verloren zijn in 'een gapend decor van verveling'. De kop van de recensie luidt: 'Johan Simons ontneemt Verdi alle poëzie'. Le Figaro is van mening dat actualisering van een respectabele opera niet straffeloos mag gebeuren. Simons verwachtte min of meer deze kritiek. In een reactie laat hij weten dat hij alle aandacht heeft besteed aan de helderheid van het complexe drama. Inderdaad, er zijn geen breuken in de mise-en-scène, alles vloeit in een keer door. De eenvoud van decor en handeling benadrukt de opera als een politiek statement.

Voorstelling: Simon Boccanegra van Verdi Opéra National de Paris en l'Orchestre de l'Opera o.l.v Sylvain Cambreling. Regie: Johan Simons. Gezien 3/5 Opéra Bastille, Parijs. Herh.: t/m 1/6. Inl.: 0031-1-72293535; www.operadeparis.fr