Ook ongelovigen hebben recht op respect en begrip

Mevrouw Riffat Hassan beweert (Opiniepagina, 2 mei) dat ”het Westen veel te weinig over de islam weet”. Maar zij geeft er blijk van zelf helemaal niets te weten van de wereld van ongelovigen. Onwetendheid die zij gemeen heeft met andere gelovigen van welke sekte dan ook.

Voor ongelovigen zijn namelijk uitspraken als ”man en vrouw zijn voor god gelijk” (let op de volgorde) kwetsend en onverteerbaar. Vrouw en man zijn voor hen ook zonder god gelijk.

Gelovigen hebben altijd de eis voor in de mond dat ongelovigen begrip en respect voor hun geloofsbeleving dienen op te brengen. Beseffen zij wel dat ongelovigen recht hebben op hetzelfde respect en begrip? Zolang die in dat kamp niet worden opgebracht, kan van ongelovigen geen eerbied voor de afgoderij van de anderen worden geëist.

Ook is mevrouw Hassan zich er gezien haar beschuldigingen absoluut niet van bewust dat de agressieve inhoud van begrippen als fundamentalisme en jihad ons vrijwel dagelijks door haar eigen militante geloofsgenoten wordt ingepeperd.

Net zo goed als de kruistochten in de Middeleeuwen een heilige en bloedige oorlog tegen de heidenen en de islam inhielden, zo predikt de islam nu een gewelddadige en heilige oorlog tegen jodendom, christendom en het Westen.

Het enige verschil is dat de kruistochten zich in een barbaars verleden afspeelden en dat we nu in het verlichte heden denken te leven. Maar het ziet er naar uit dat noch het jodendom, noch het christendom, noch de islam, noch mevrouw Hassan (in volgorde van opkomst) in al die eeuwen tussen toen en nu ook maar iets hebben geleerd.

Mevrouw Hassan mag dan hoogleraar zijn, maar van wetenschap heeft zij geen kaas gegeten. Wetenschappers zoeken om te weten, ongeacht wat ze zullen vinden. Gelovigen daarentegen weten al wat zij zoeken en zijn in geen enkele andere uitkomst geïnteresseerd. Ongelovigen intussen zijn te beschaafd voor welke heilige oorlog dan ook.