Medicijnadvertenties misleidend

Vroeger zag je ze vaker in tv-reclames, lijkt het wel. De bebrilde man in witte jas, een stel pennen in slagorde in de borstzak, die uitlegt dat de wasmachine aan kalk ten onder gaat, of dat het maandverband dat hij uitvond zelfs de overvloedigste ongesteldheid aankan. Wie gelooft die pseudo-wetenschappelijke reclamepraat immers nog?

Op medische advertenties kunnen artsen niet zomaar vertrouwen. foto lumc LUMC

Artsen blijkbaar. Althans, onlangs verschenen twee wetenschappelijke artikelen waarin medici duidelijk gemaakt wordt dat het wetenschappelijke gehalte van advertenties en informatiebrochures van farmaceutische bedrijven níet zonder meer vertrouwd kan worden.

De meest uitgebreide is een studie van veertien studenten van het academisch ziekenhuis in Leiden, opgezet door de klinisch epidemiologen Friedo Dekker en Carla Vossen. Zij onderzochten tijdens een keuzevak 84 advertenties uit wetenschappelijke reumatijdschriften (vaak worden daar bladzijden achtereen in advertenties medicijnen in aangeprezen) en kwamen tot de merkwaardige' conclusie dat de claims in maar vier van die advertenties volledig gesteund werden door goed onderzoek.

Zestien advertenties bleken zelfs misleidend: ze verwezen naar onderzoek waar wat anders uitkwam dan in de advertentie werd beweerd. Dat dat merkwaardig is, komt vooral doordat de internationale koepel van farmabedrijven, de IFPMA, een zelfregulerende code heeft. Daarin staat dat reclamemateriaal eerlijk moet zijn. De Leidse studenten haalden er het tijdschrift Rheumatology mee.

Ze houden het er in hun slotwoord bij dat er ruimte voor verbetering' is. Daarmee gaan ze niet zo ver als drie Amerikaanse medici die twintig brochures beoordeelden die farmabedrijven aan zogenaamde moeder-en-kind-centra in ziekenhuizen hadden gestuurd (BMC Family Practice, maart). Die vonden vijf brochures met valse claims en leggen het de artsen dus nog één keer uit: Het zou verstandig zijn als dokters die een nieuw middel willen voorschrijven, niet alleen afgaan op de brochure, maar de originele studie lezen.'

    • Hester van Santen