'Keizerlijke' trap blijkt toch deels gerenoveerd

De omstreden 'keizerlijke' trap in het Paleis op de Dam, die deels moet wijken voor een vijfde lift, verkeert niet in de originele staat, zoals kon worden afgeleid uit het advies van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg. Die pleitte in mei 2005 voor handhaving van de huidige trap. Het installeren van een lift betekent volgens de Rijksdienst 'een zware aantasting van het enige nog bewaarde oorspronkelijke trappenhuis in het gebouw.' Er zou niet zijn gebleken dat dit trappenhuis ooit zou zijn vernieuwd.

Uit verklaringen van de Rijksgebouwendienst en van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg tegenover deze krant, blijkt dat de trap in ieder geval deels is gerenoveerd bij verbouwingen, renovaties en restauraties van het Paleis, zoals die werden uitgevoerd rond 1930 en 1960. Daarbij werd de trap van de kelder tot de beletage vernieuwd. De scheidingswanden, de draagconstructie van de trap en bakstenen gewelven vanaf de beletage tot de zolder zijn wel origineel. Maar de traptreden zijn in de vorige eeuw belegd met nieuwe Franse natuursteen.

Volgens de Rijksdienst voor de Monumentenzorg gaat het niet zozeer om het materiaal van de trap zelf, alswel om het concept van de 'keizerlijke' trap, die telkens voor een deel dubbel is uitgevoerd. Het trappenhuis heeft een grootte die gerelateerd is aan de rest van het gebouw. Dat spel van verhoudingen, 'symmetria' in de 17de-eeuwse architectuurtheorie, is 'essentieel voor het gebouw', volgens de Rijksdienst. 'De aantasting van een onderdeel als deze trap betekent de aantasting van het geheel.'

Volgens de Rijksgebouwendienst is de trap nog niet afgebroken en worden de onderdelen daarvan tezijnertijd naar de zolder van het Paleis gebracht om daar te worden onderzocht. De Rijksgebouwendienst zei eerder dat de lift nodig is omdat de Arbowet dat eist. De Rijksdienst vond dat het toegenomen gebruikersgemak bij grote ontvangsten, zoals 'slechts een enkele keer per jaar voorkomt', niet opweegt tegen het verlies aan monumentale waarde.