Een korte tekst, maar iedereen moet kleur bekennen

Is een Europees verdrag nodig?

De naoorlogse Europese integratie is primair gericht op een gemeenschappelijke economie. Zij heeft ver boven de toenmalige verwachting gewerkt en vond vanaf het begin ook grote steun in ons land, dat voor zijn welvaart en welzijn meer dan enig ander land afhankelijk is van export. De gestage integratie van de markten van goederen, diensten, kapitaal en arbeid veroorzaakt vanzelf ook overloopeffecten naar andere beleidsvelden zoals justitie, energie, onderwijs, defensie enzovoorts. Wie ervoor kiest de economische integratie en de richting van deze effecten niet over te laten aan het vrije spel van marktkrachten en mede te laten bepalen door overheden, ontkomt niet aan een verdrag. Hierin zetten de lidstaten piketpaaltjes voor het vrije spel van krachten. In een notendop is dit de logica van de Europese verdragen. Ook zonder verdragen zou onze economie, onder invloed van nieuwe technologie en bedrijfsconcentraties, nu verregaand zijn geëuropeaniseerd met eveneens overloopeffecten, misschien zelfs nog meer dan nu. Maar met de verdragen is dit proces ordelijker verlopen en, via de nationale regeringen, onder enige invloed van de gewone burgers.

Is een nieuw verdrag nodig?

Ja, vanuit de voornoemde logica. De bestaande verdragen passen niet goed bij een Unie van 25 lidstaten en bij de vele overloopeffecten op talrijke beleidsvelden die vroeger nationaal waren. Unanieme besluitvorming door de Raad van Ministers, bij diverse onderwerpen nu regel, levert zelden een besluit op en meestal stagnatie of een vaag compromis, waarvan het Hof en/of de Commissie vervolgens het beste trachten te maken. Vele burgers willen dat de effecten van economische integratie op luchtverkeer, gezondheidszorg, milieu, criminaliteit en zoveel meer enigermate worden gereguleerd en dat kan het beste via 'Brussel'. Waar oude verdragen tekortschieten, is een nieuw, aanvullend verdrag nodig.

Is dus het huidige ontwerpverdrag nodig?

Nee. Dat was al niet nodig, want de tekst bestaat voor globaal 90 procent uit oude verdragstekst dan wel juridisch zachte tekst zoals de grondwet (deel 2) en 86 protocollen en verklaringen over allerlei aparte kwesties (deel 4). Oude tekst opnieuw ter goedkeuring voorleggen, is absurd, want zij is al goedgekeurd. De grondwet is een lijst grondrechten waaraan geen burger rechtstreeks rechten kan ontlenen. Die rechten zijn Europese beginselen van behoorlijk bestuur. Prima, maar daar is geen verdrag voor nodig, net zo min als voor die protocollen en verklaringen. Blijft over ongeveer 10 procent nieuwe tekst, verspreid over een hele reeks artikelen, hoofd- en bijzinnen, etc. Zij is niet revolutionair, maar als compromis tussen 25 landen een gematigde stap voorwaarts naar grotere efficiëntie en democratie van de gemeenschappelijke besluitvorming. Zij stelt onder meer voor een einde aan de rariteit van de drie 'pijlers' met verschillende besluitregimes, een kleinere Europese Commissie, een strakkere regie op het buitenlandse beleid, een democratischer stemprocedure in de Raad en meer openbaarheid over besluitvorming in ambtelijke comités. Terug naar het belang van onze welvaart en welzijn: wie is daartegen?

Hoe dan verder?

Het huidige ontwerpverdrag had nooit moeten worden voorgelegd en, na de referenda in Frankrijk en bij ons in 2005, moet dat zeker niet opnieuw. Een nieuwe verdragstekst opent slechts een doos van Pandora, want alle compromissen van de oude staan dan weer open voor onderhandelingen. Afzien van een nieuw verdrag is evenmin een optie, want dan zouden uiteindelijk de burgers de beoogde voordelen missen van grotere efficiëntie en democratie. Blijft over de inkorting van de tekst tot alleen de passages die ten opzichte van de oude verdragen nieuw én bindend zijn, dus tot die genoemde 10 procent. Dus bestaande tekst en grondwet exit; voor de protocollen en verklaringen verandert er niets, want onze regering had die al weggelaten uit de referendumversie 2005. Deze oplossing bijt niet de andere landen die de complete tekst al hebben goedgekeurd of dit gaan doen. Op alle nieuwe en bindende artikelen lopen wij dan gelijk op.

Weer een referendum?

Uiteraard is de ingekorte tekst geen mooi proza, dus ongeschikt voor een breed lezerspubliek ofwel referendum, maar dat geldt voor elk verdrag (en ook voor onze eigen Grondwet), dus dat maakt geen verschil. Toch moet de korte tekst, na het debacle van 2005, wel voorwerp van een nieuw referendum worden. Dan kunnen burgers solide kleur bekennen over de gewenste rol van overheden in het huidige proces van europeanisering. En de talrijke maatschappelijke organisaties, van milieubeweging en lagere overheden tot brancheverenigingen, die tot dusver zoveel profijt van 'Brussel' hebben maar in 2005 vooral wegdoken, kunnen dan alsnog opkomen voor de belangen van hun achterban van burgers.

Hoogleraar politicologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Auteur van 'Machiavelli in Brussel'.
    • Rinus van Schendelen