Britse tv-kijker neemt regie over

In Nederland houdt interactieve digitale televisie op bij de keuze van een sportwedstrijd. Britten daarentegen nemen met de afstandsbediening de rol van regisseur aan.

Press the red button on your remote control. Niemand in Groot-Brittannië die vreemd opkijkt als deze tekst tijdens een rechtstreekse voetbalwedstrijd onderin het televisiescherm verschijnt. Zo'n zeventig procent van de huishoudens beschikt daar immers over interactieve digitale tv. In Nederland laat interactiviteit op het beeldscherm vooralsnog op zich wachten.

In Groot-Brittannië wordt de techniek gebruikt bij allerlei televisieprogramma's, maar leent zich nadrukkelijk voor sportuitzendingen. In het geval van een voetbalwedstrijd belanden kijkers die op de rode knop van de afstandsbediening drukken in een menu met statistieken, tussenstanden en verschillende cameraposities tijdens een live-wedstrijd.

'Heel specifiek eigen sportbeelden uitzoeken, daar is het de meeste kijkers om te doen', zegt Peter Jelgersma, telecomdeskundige en adviseur voor nieuwe media. 'Het werk dat een regisseur normaal doet, kan iedereen nu voor zich doen. Bij sportwedstrijden zijn zeven of acht camera's aanwezig. Je kunt voortdurend wisselen tussen een serie beelden.'

Jelgersma stelt dat interactieve digitale tv volgens twee principes werkt. 'Het eerste is dat je veel meer beelden tegelijk kunt uitzenden, zonder veel extra kosten. Op de ruimte van één analoog kanaal kan je acht tot tien digitale signalen uitzenden. Het tweede is de manier van opslag. De harde schijven in decoders hebben enorme capaciteit, waardoor je sportwedstrijden kunt opslaan. Als je even naar het toilet gaat, kijk je daarna gewoon verder met vijf minuten vertraging.'

Nederland verkeert volgens Jelgersma in dezelfde 'fase van digitalisering' als Frankrijk en Duitsland. 'Engeland is geen kabelland, zoals Nederland waar iedereen al jaren tevreden is met het ruime analoge aanbod. In Engeland verloopt alles via ether of satelliet dat al langer gebruik maakt van digitale signalen.'

Pionier van interactieve televisie is de Britse televisiemaatschappij Sky die zes jaar geleden voor het eerst de techniek toepaste in sportuitzendingen. BBC en andere maatschappijen volgden de betaalzender snel. 'Het sportkanaal is één van de best bekeken onderdelen van Sky, omdat wij veel uitzendrechten hebben', vertelt eindredacteur John Nichelson van Sky Sports. 'Vooral voetbal is populair. De kijker volgt nu eenmaal de sport naar de zender die de uitzendrechten koopt. Wij hebben onlangs wedstrijden van het Engelse cricketteam verworven. Duels van een nationaal team in een populaire sport doen het vaak goed.'

Sky gebruikt de interactieve techniek per sport anders. Het vaste stramien is het split screen, een televisiescherm dat is opgedeeld in vakken. Nichelson: 'Op avonden waarop voetbalwedstrijden voor de Champions League worden gespeeld heb je keuze uit acht duels in een split screen. Nadat je een wedstrijd hebt geselecteerd, kun je naast de camerapositie ook het commentaar zelf bepalen. Dat varieert van een echt voetbalverslag tot commentaar van een fan en betting commentary, waarbij je via Sky kunt gokken op de uitslag.'

Elke digitale zender in Europa deelt zijn interactieve gedeelte op soortgelijke wijze in. Volgers van Formule 1 wordt een kijkje geboden in de pitsstraat, en kunnen virtueel meerijden in de auto's. En American football, een sport waarin statistische feiten zwaar wegen, wordt opgesierd met historische feiten en voorspellingen.

In Europa kreeg Sky Sports navolging van onder andere het Duitse Premiere. Ook Nederlandse aanbieders van digitale tv experimenteren met interactiviteit. Volgens Peter Jelgersma duurt het niet lang voordat Nederlanders hun eigen sportuitzendingen regisseren. 'Je praat echt niet over jaren. Technologisch is interactieve televisie hier gewoon mogelijk. Het kost natuurlijk wel geld, dus de vraag is of televisiemaatschappijen genoeg belangstelling zien.'

Tele2, dat de uitzendrechten bezit voor rechtstreeks eredivisievoetbal, laat ruim 60.000 abonnees vooralsnog alleen de keuze voor een wedstrijd. De tv-maatschappij heeft uit eerste onderzoek onder abonnees geen directe behoefte gemerkt voor verdere interactiviteit, zo meldt woordvoerster Cilesta van Doorn van de abonneezender. Zij voorziet echter ook dat een Brits model niet lang op zich laat wachten.

Jelgersma vraagt zich wel af of de toegevoegde waarde van interactiviteit voor elke sport per definitie groot is. 'De ene sport is interessanter dan de andere. Voor Formule 1 is het geweldig, bij voetbal is het ook aardig. Maar wat is interactiviteit waard bij een tenniswedstrijd? Verder dan wat spelersprofielen kom je volgens mij niet.'

    • Michiel Dekker