Amsterdamse veelplegers door politie 'geadopteerd'

Ongeveer vijftig politieagenten van bureau Beursstraat in het centrum van Amsterdam hebben sinds deze week ieder een notoire overlastpleger in de buurt onder hun hoede genomen. Het adoptieplan, ook wel 'daderregie' genoemd, leidt ertoe dat de politie precies weet waar de veelpleger uithangt, wat hij uitspookt en met wat voor problemen hij kampt. De politie in Amsterdam is deze week officieel begonnen met de aanpak, die eerder al in Rotterdam succesvol bleek. Dat zei projectleider E. Pieplenbosch gisteren.

De politie in Amsterdam blies de aanpak van veelplegers twee jaar geleden nieuw leven in. Ze besloot over te gaan tot een persoonsgerichte methode. Bureau Beursstraat kreeg een lijst met tweehonderd namen van veelplegers die ze in de gaten moesten houden. Daarvan heeft de politie nu de vijftig meest actieve geselecteerd. Doel is om, net als in Rotterdam, binnen een half jaar een flink aantal van de straat te halen.

De problematiek van veelplegers in de Amsterdamse binnenstad verschilt van die in andere wijken, aldus Pieplenbosch. De meeste overlastveroorzakers wonen niet in het centrum, waardoor de politie ze lastiger kan volgen. Elke agent, ook wel daderregisseur genoemd, krijgt een dossier onder zijn hoede. Aan de hand daarvan brengt de politieman- of vrouw alle facetten uit het levenvan de veelpleger precies in kaart, die dan weer worden gedeeld met de hulpverleningsinstanties.

'Ze kijken wie de persoon is, wat voor soort overlast die veroorzaakt, hoe hij of zij leeft en waarvan. Vervolgens zoeken de agenten contact met de veelpleger en volgen ze die', aldus de projectleider.

Volgens hem kan de politie ze zo veel nauwlettender in de gaten houden. 'Je weet het dan precies als iemand vastzit, wanneer die persoon weer vrijkomt en waar hij dan behoefte aan heeft. De politieman kan dan contact opnemen met hulpverleningsinstanties, die dan weer een uitkering of onderdak kunnen regelen.'

Op die manier kan de politie veel adequater reageren en belandt de verworven informatie niet op een grote hoop in de computer.