Moslim is geen fascist

De islam wordt steeds vaker gezien als een vreemde macht die Europa wil bezetten.

Dat is sterk overdreven.

Nog niet zo lang geleden, in het verkiezingsjaar 2002, werd het polemische gebruik van de Tweede Wereldoorlog om een dreigend gevaar te schetsen, taboe verklaard. De oorlog mocht niet van stal worden gehaald om een aanstormend politicus zwart te maken of te demoniseren. Met de moord op 'Pim' leek het toch al versleten etiket 'fascist' voor een tegenstander definitief afgeschreven.

Maar het is, op een heel andere manier, weer terug. Sinds we het occidentalisme hebben ontdekt, de haat die vijanden van de Verlichting tegen het Westen koesteren, wordt de radicale islam steeds vaker betiteld als een nieuwe vorm van fascisme, en de moslimgemeenschappen in Nederland als , zoals Fortuyn het al zei, een 'vijfde colonne die hier de boel wil overnemen'. Al is het maar met een demografische revolutie: nu al een miljoen moslims in Nederland, en 'de bom tikt', want het gevaar plant zich voort, zoals schrijver Oscar van de Boogaard onlangs in een krantencolumn waarschuwde: 'Zonder dat we het merkten is Europa bezet. De radicale islam heeft tijd.'

In Nederland zijn de contouren van deze nieuwe bezettingsmetafoor zichtbaar geworden na de moord op Theo van Gogh. In een paginagroot essay in de Volkskrant waarschuwde Ayaan Hirsi Ali tegen capitulaties voor de volgende stormloop op het vrije Westen: die van de totalitaire islam. Het gevaar is breder dan een marginale groep fanatici, aldus Hirsi Ali, ook de gewone moslim is een bedreiging, voor zover hij of zij zwijgt.

En met z'n hoevelen zijn ze al niet: vijftien miljoen, veertig? Eén ding is zeker, aldus het Tweede-Kamerlid: 'Op enig moment zal de meerderheid van de Europeanen bestaan uit moslims, wat inhoudt dat de sharia langs democratische weg zou kunnen worden ingevoerd.' Als Europa niks doet om deze totalitaire beweging te keren, wachten ons 'burgeroorlog en emigratie op grote schaal'. Een somber vooruitzicht. Troostend noteert Hirsi Ali nog wel dat confrontatiepolitici 'moslims zien als individuen', en een beroep doen op hun ratio om deze weg niet verder in te slaan.

Cynisch zou je kunnen zeggen dat moslims dus in elk geval in korte tijd een opmerkelijke sprong voorwaarts hebben gemaakt. Voor Pim Fortuyn en de zijnen waren ze nog vooral achterlijke middeleeuwers, vers van de berg gestrompeld en met hun ogen knipperend tegen het felle licht van de moderniteit, nu zijn ze al opgewaardeerd tot een soort moderne fascisten, die strak in het gelid optrekken tegen het Westen. Compleet met hun symboliek. Het hoofddoekje, eerder een fossiel van vrouwonvriendelijke woestijntradities, is voor schrijver Wessel te Gussinklo bijvoorbeeld nu een symbool van een totalitaire ideologie, een soort Stahlhelm voor vrouwelijke soldaten van de sharia. Hij schreef in Trouw een open 'Brief aan mijn apotheker', waarin hij bezwaar maakte tegen een meisje met hoofddoek achter de balie.

De vraag is: wat hebben wij aan de herleving van de oorlogs- en bezettingsmetafoor in Europa? De onrust onder wat dan heet 'niet-westerse migranten' in Europa, van de Parijse voorsteden tot het islamdebat in Nederland, wijst inderdaad op een nijpend maatschappelijk probleem: Europese landen zijn er onvoldoende in geslaagd hun migranten met succes volwaardig op te nemen.

Dat komt vooral, zoals de politicoloog Francis Fukuyama onlangs onderstreepte, door onverschilligheid, door de traditie van etnisch nationalisme en het ontbreken van een 'Europese droom' die voor migranten een premie stelt op persoonlijk succes, zoals in Amerika. Van de weeromstuit lonkt de nestwarmte en de morele troost van de islam, de laatste jaren aangejaagd door de turbulentie op het wereldtoneel.

Een zorgelijke situatie, maar een parallel met 1938? Radicale moslims in Europa hebben noch de nationale staat, noch de graad van organisatie, noch de politieke ideologie, noch de steun van een gemeenschap waarover Hitler en de zijnen beschikten. Dat beseffen onheilsprofeten die de knieval van Europa voorzien natuurlijk ook, en daarom zijn in hun idioom ook steeds meer de gewone moslims een probleem - en dan met name hun aantal.

Dergelijke profetische overdrijving zou natuurlijk een ander doel kunnen dienen dan het accuraat trekken van historische parallellen: ons waarschuwen! Maar hebben we zulke noodkreten nog nodig? Het land staat al jaren op scherp. De boodschap dat alles wat met islam te maken heeft gevaarlijk is, is inmiddels zo diep ingesleten dat een genuanceerd rapport als dat van de WRR over islamitische activisme binnen 24 uur wordt overspoeld met hoon en gesnoef over gebrek aan wetenschappelijkheid. We hadden het er weer druk mee, en je denkt bijna: wat zouden we aan moeten zónder onze moslims? De eerste generatie hebben we opgebruikt in de industrie, de tweede gaan we opgebruiken in de media.

Opvallend is overigens dat juist de verdedigers van het Westen als een superieure beschaving tegelijkertijd zo overtuigd lijken van de zwakte ervan: hoe kunnen de moslims ons anders onder de voet lopen? Terwijl de werkelijke krachtsverhoudingen eerder andersom zijn: het is niet de westerse maar de Arabische wereld die in een diepe crisis verkeert en waar de islam dient als vehikel van politiek, sociaal en religieus protest.

Dan is er altijd nog de demografische boeman: ze worden hier de baas, simpelweg omdat ze met zo velen zijn. Europa heeft in korte tijd grote groepen moslims binnen de grenzen gekregen - en hun aantal zal nog toenemen. Maar gaat het hier echt om een homogene klomp religieuze fascisten, in plaats van om etnisch, cultureel en sociaal gevarieerde groepen, die grote verschillen kennen in cohesie, ambitie en ondernemingszin?

Wie het eerste gelooft, kan moeilijk aankomen met de boodschap dat hij moslims als 'individuen' ziet, behalve dan zoals sommige Amerikanen in de negentiende eeuw aankeken tegen hun inheemse bevolking: in elke wilde schuilt een mens die worstelt om eruit te komen. Bovendien: demografische prognoses zijn nog geen voorspellingen. Urbanisatie en emancipatie leiden nu al tot een lager kindertal onder de tweede en derde generatie islamitische migranten.

In die context zou een herleving van spengleriaanse ondergangsfantasieën over Europa wel eens vooral de slechte kanten van de huidige culturele schizofrenie kunnen versterken: aan de ene kant meer nationalisme en aan de andere kant versterking van het gevoel onder moslims dat ze worden uitgesloten. Zo koersen we dan af op een xenofobe tunnelvisie over en weer - die hebben we dan tenminste gemeen.

Het lijkt een beter idee te proberen een positieve versie te formuleren van een 'Nederlandse droom' die het voor migranten aanlokkelijk maakt om hier in een hoger tempo te integreren.

Dus minder exegese van de islam en meer nadruk op de beloning van eigen initiatief en prestatie, maar dan ook alle ruimte voor een volwaardig burgerschap, óók met een hoofddoekje achter de balie van de apotheek. Waarom moeten we in het felle licht van het publicitaire kruisverhoor weten hoe alle burgers denken over, bijvoorbeeld, het homohuwelijk? Het is belangrijker dat ze zich fatsoenlijk gedragen. Om dat te bereiken is het besef nodig van een gezamenlijke toekomst, geen bezettingsvisioen van een Nederland vol sharia-rechtbanken en hakblokken.

Sjoerd de Jong is redacteur van NRC Handelsblad.