Ik dénk in gezichten

Job Gosschalk is de baas van het grootste castingbureau van Nederland. Nu heeft hij een handboek voor beginnende acteurs geschreven. “Soms willen acteurs te graag, vooral jonge acteurs.“

Cees Geel moet niet klagen over het gebrek aan rollen: “Van alle acteurs heeft Geel waarschijnlijk de meeste camera-uren van het afgelopen jaar gehad.' foto Michael Kooren Utrecht, 22-09-2004. Nederlandse Filmdagen Opening. De hoofdrolspeler van de openingsfilm SIMON, Cees Geel arriveert in de stromende regen bij de stadsschouwburg van Utrecht. foto Michael Kooren. Kooren, Michael

Nee, hij is niet de machtigste man in de entertainment-industrie. En nee, de mensen werpen zich niet aan zijn voeten als hij acteurscafé De Smoeshaan in Amsterdam binnenloopt. “Ben je gek!“ Nou ja, soms worden acteurs die auditie moeten doen zenuwachtig als hij ook in de kamer is. Wat hij dan doet? “Ga ik gewoon even weg. Wordt iedereen rustiger van.“

Maar zeg niet tegen hem dat hij macht heeft. Want dan wordt hij kwaad. In het tv-programma De wereld draait door bleef die Matthijs van Nieuwkerk er maar over doorzeuren. Dat hij, de grootste castingdirector van Nederland, mensen kon maken en breken. Terwijl het niet waar is. “Ik heb invloed. Maar regisseurs doen uiteindelijk waar ze zelf zin in hebben.“ Het woord “macht' laat ook een bittere smaak in zijn mond achter. “Ik kom uit een joods gezin; daar wordt macht geassocieerd met nare dingen.“ Zijn voorganger Hans Kemna, oprichter van Kemna Casting, zei altijd: “Wij zijn niet beroemd, wij zijn belangrijk.“

Sinds zes jaar is Job Gosschalk, in 1967 geboren in het Friese Bergum, directeur van castingbureau Kemna Casting. Maar zijn carrière als castingdirector begon tien jaar eerder, in 1990, met de tv-serie In de Vlaamsche Pot. Sindsdien zocht hij acteurs en actrices voor meer dan tweehonderd tv-series, films, toneelstukken en musicals: van de populaire tv-kraker Baantjer tot en met de serieuze serie Mevrouw de minister; van de tienerfilm Vet Hard tot en met de met een Oscar bekroonde film Antonia.

Ooit wilde hij acteur worden. Maar op de toneelacademie in Maastricht boorde een docent alle hoop de grond in. “Hij acteert beter in de kantine dan op het toneel“, luidde diens oordeel. Nu heeft hij, samen met acteur Oren Schrijver en Marc van Bree, ook een casting director van zijn bedrijf, een boek geschreven. U hoort nog van ons - hét handboek voor beginnende acteurs, heet het.

Geen valse bescheidenheid in “hét handboek'. “Voor alle duidelijkheid, dit is geen boekje over acteren“, schrijft Gosschalk in het voorwoord. “Daar weten anderen veel meer van. Het gaat over auditeren en de weg daar naar toe. Daar weet niemand meer van.“

Wat kunnen acteurs en actrices opsteken van dit boek?

“Hopelijk worden acteurs zekerder, en bereiden ze zich goed voor. Een auditie is een sollicitatie. Doe dus moeite! Kijk naar eerder werk van de regisseur, dan weet je ook van welke acteerstijl hij houdt. De meeste regisseurs kunnen slechts eens in de paar jaar een film maken. Het is voor iedereen pijnlijk, niet in de laatste plaats voor de regisseur, als je je rol dan ziet als een schnabbel. Het komt ook wel eens voor dat een acteur zich expres niet goed voorbereidt. Dan wil hij een rol zo graag hebben dat hij de auditie expres verpest. Dan kan hij dat de schuld geven als hij de rol niet krijgt. Regisseurs zijn soms ook bang voor acteurs. Mogen ze eindelijk een film maken en dan komt er een grote naam binnen. Help!“

Heeft het zin om auditie te doen? Heeft u niet bij voorbaat een kandidaat op het oog?

“Ik heb bijna altijd iemand in mijn hoofd. En die wordt het in de helft van de gevallen. Maar soms werkt het niet tussen regisseur en acteur, dan ontbreekt de chemie. Of er is iets anders aan de hand. Bij het casten voor Wild Romance, de binnenkort uit te brengen film over het leven van Herman Brood, dacht ik meteen aan Daniël Bossevain voor de rol van Brood. Tijdens de audities ging ik echter twijfelen. Die gingen niet goed. Uiteindelijk is hij het wel geworden en maakt hij het ook waar.

“Kijk, ik dénk in gezichten. Ik heb ons hele smoelenboek in mijn hoofd zitten. Daar put ik de hele tijd uit.“

Doen we meteen een testje. Als u nu een film over Gerard Reve moet casten, aan welke acteur denkt u dan?

“Jeroen Willems. Die is zo mooi tanig, net als Reve. Of Ramsey Nasr, die is ook schrijver. Als ik er wat langer over nadenk, kom ik misschien op een verrassender keuze.“

Houdt u niet van typecasten?

“Soms is typecasten noodzakelijk, bijvoorbeeld als er weinig tijd is om een personage te introduceren. De kijker moet het meteen snappen. Als een bad guy één scène heeft, dan moet je bijna wel typecasten. Een verrassende keuze voor de hoofdrol is makkelijker, hoewel, het lukt soms ook in de bijrollen te verrassen. Voor de moeder van de zwarte acteur Raymi Sambo in de tv-serie van All Stars gingen we alle geijkte negerinnen langs. Toen zei ik: “Waarom vragen we Trudi Labij niet? Die is blank!' Ja, dan heb je de eerste grap al binnen.

“Wij willen diverser casten, maar producenten en omroepdirecteuren houden ons vaak tegen. Zij zijn bang. Het moet er vooral lekker uitzien. Ook willen ze bekende namen, daar trekken ze kijkers en publiciteit mee. Ik ben heel blij dat Annette Malherbe nu in de tv-serie Gooische Vrouwen speelt. Een zegetocht. Want iedereen klaagt wel over te weinig gekleurde mensen, maar niet over te weinig dikke mensen.“

Jeroen Willems komt auditie doen voor Reve. Wat gebeurt er?

“Bij een auditie speelt iemand eerst een scène op zijn manier, en daarna speelt hij hem nog een keer met de aanwijzingen van de regisseur. Een mini-repetitie. We kijken of iemand luistert en vervolgens beter wordt. We zijn niet tegen de acteurs, hoewel die dat vaak denken. Het castingbureau is vaak de gebeten hond. Soms is dat terecht. Je vergeet wel eens iemand. Voor ons is dat niet zo erg, voor de acteur wel. “

Cees Geel klaagde dat hij na zijn veelgeprezen hoofdrol in de film Simon weinig werk kreeg.

“Dat zegt meer over Cees Geel dan over de filmwereld. Van alle acteurs heeft Geel waarschijnlijk de meeste camera-uren van het afgelopen jaar gehad. Hij was te zien in de bioscoop, op het toneel, op televisie. Maar het is wel waar dat kijkers acteurs snel zat zijn. Dan zeggen ze: “die Halina Reijn en Carice van Houten zitten ook in elke film'. De industrie in Nederland is te klein om dat te voorkomen.“

Halverwege het gesprek. Job Gosschalk strekt zich, staat op en loopt naar het aanrecht in het keukentje. Medewerkers lopen in en uit; de directeur zet enkele koffiemokken in de afwasmachine.

Gosschalk woont nu in zijn bedrijf. Hij verhuist binnenkort - naar een pand achter Kemna Casting. Vanuit het keukentje kijkt hij zijn toekomstige huiskamer in. Een workaholic, zeggen zijn medewerkers. Valt best mee, zegt hij zelf.

Gosschalk denkt niet alleen in gezichten; hij lééft tussen de gezichten. De muren van het castingbureau hangen vol met foto's van acteurs en actrices. Eén gezicht valt op. Het is het gezicht van Monique van de Ven, een piepjonge, strálende Monique van de Ven, zoals we haar kennen uit Turks Fruit. De actrice is de ontdekking van oprichter Hans Kemna.

Heeft u wel eens iemand ontdekt?

“Dat zeg ik liever niet. Ik vind het zo ijdel, en dat is alleen een goede eigenschap voor acteurs. Ik zal mezelf nooit de ontdekker van Caro Lensen of Johnny de Mol noemen, ook al heb ik hen als eerste gecast. Ze hebben zichzelf ontdekt.“

Wat heeft u van Hans Kemna geleerd?

“Dat je niet moet opkijken tegen mensen. Ik ben nogal behaagziek. Gisteren had ik een vergadering met John de Mol. Dan duurt het wel even voor ik me senang voel. Ik ben snel onder de indruk. Kemna twijfelde nooit.“

Onder de indruk van John de Mol?

“Ik begrijp de woede niet. John de Mol is een zegen voor acteurs, hij zou een lintje moeten krijgen! Zijn zender Talpa brengt ongelooflijk veel Nederlands drama: een soap, drie politieseries, twee relatieseries, een telenovelle. Er zitten misschien een paar minder geslaagde series tussen, maar sommige worden echt goed gemaakt, zoals, Lieve lust en Koppels.

Hoe herkent u een goede acteur?

“Is een acteur goed, dan zit je achterover op je stoel. Is hij heel goed, dan zit je op het puntje van je stoel. Dat maak ik vaak mee. In Nederland is het acteerniveau heel hoog. Daarentegen zijn goede scenaristen op nog geen twee handen te tellen. Soms willen acteurs te graag, vooral jonge acteurs. Daar krijgen ze iets verbetens van. Dat verandert als ze iets anders erbij gaan doen, of moeder worden. Dan gaat de focus er af, kunnen ze zich meer verdiepen en worden ze bovendien mooier.“

Zijn er regels voor casten?

“Een algemene regel is dat je altijd eerst de hoofdrol moet invullen en niet alvast de slager gaat casten. Je moet denken vanuit de hoofdrolspeler. En een genre kan zijn eigen regels hebben. Voor een romantische komedie geldt bijvoorbeeld dat degene die de hoofdrol speelt knapper moet zijn dan degene die de bijrol heeft.“

En hoe belangrijk is de X-factor, waar ze bij het tv-programma Idols altijd naar op zoek zijn?

“De X-factor is een combinatie van talent, uitstraling en een bepaalde openheid. Katja Schuurman en Carice van Houten hebben de X-factor; Katja is als persoonlijheid pregnanter, Carice zingt als actrice een toontje hoger.

“Maar een Idols voor acteren is niet mogelijk Bij zingen kun je horen of het vals is. Bij acteren bestaat zo'n criterium niet. Dat beleeft iedereen anders. Mijn neefje van negentien is opgegroeid met Goede Tijden Slechte Tijden; dat verstaat hij onder acteren.“

Kunnen ze eigenlijk acteren, de acteurs en actrices uit Goede Tijden Slechte Tijden?

“Techniek is vooral reproductie. Je moet wat je gedaan hebt opnieuw kunnen oproepen. De opkomst van een paar soapies vertekent het beeld. De acteurs uit soaps die het redden op het toneel of in de bioscoop zijn de uitzonderingen. De meeste mensen die in GTST een rolletje spelen, zakken gewoon weer weg. Op audities leggen zij het af tegen geschoolde acteurs. Je leert echt wel wat in de vier jaar dat je op de toneelschool zit.

Hoe zoek je de acteurs bij elkaar?

“Met trefwoorden. We zijn voor een serie bijvoorbeeld op zoek naar een VARA-cast, en voor een film naar een Volkskrant/NRC-cast. Die bestaat meestal uit gediplomeerde acteurs die bij gesubsidieerde gezelschappen spelen. Tot iemand zegt: “Het moet iets meer Parool zijn'.“

Denkt u wel eens: die film of die serie had ik anders gecast?

“Nee. Ik ben tevreden als de regisseur tevreden is.“

Marc van Bree, Job Gosschalk en Oren Schrijver, “U hoort nog van ons', uitg. Pimento, 12,50