Kostunica raakt verder in het nauw

De EU-sanctie tegen Servië - stopzetting van overleg over toetreding - heeft gevolgen: ruzie binnen de regering in Belgrado. En de Montenegrijnse voorstanders van onafhankelijkheid krijgen er een argument bij.

Veel grote woorden, gisteren, in de kwestie-Mladic. Carla Del Ponte, hoofdaanklager van het Joegoslavië-tribunaal, voelt zich 'misleid' door de Servische regering, die almaar belooft de voortvluchtige Bosnisch-Servische generaal op te pakken maar dat niet doet. Vice-premier Miroljub Labus stapte kwaad uit de Servische regering omdat die de belangen van het volk 'verraadt' door Mladic niet op te pakken. En premier Vojislav Kostunica stelde dat het EU-besluit 'enorme schade' aanricht. Hij hield Mladic voor dat hij zijn land en zijn volk gijzelt en appelleerde aan het eergevoel van de generaal, want, aldus Kostunica, nooit eerder heeft een Servische officier zijn eigen belang boven dat van het land gesteld. Het was een wat hulpeloze oproep, want Mladic gijzelt zijn land al langer en eergevoel heeft daarbij kennelijk nooit eerder een rol gespeeld.

De grote woorden waren gerechtvaardigd, want de Europese Unie heeft het overleg over de toetreding van Servië afgebroken, en dat is een zware klap - temeer omdat het stabilisatie- en associatieverdrag tussen Servië en Montenegro en de EU al zo goed als klaar is en in juli had kunnen worden ondertekend.

Maar die klap heeft Kostunica wel geheel aan zichzelf te wijten: voor de zevende keer dit jaar kwam de Servische regering haar belofte om Mladic op te pakken, niet na. Zes keer eerder zag Brussel dat door de vingers - nu wankelde kennelijk de geloofwaardigheid van de EU dusdanig dat ze tot haar sanctie overging. Een wapen dat niet wordt gebruikt - dreigementen met sancties - wordt immers uiteindelijk bot.

De vraag is of die sanctie, en het opstappen van Labus, politieke gevolgen hebben. Labus wil dat de partij waarvan hij voorzitter is, de liberale, hervormingsgezinde en pro-Europese G17 Plus, uit de regering stapt waarin ze na zijn aftreden nog drie ministers heeft. Daarover wordt zaterdag door het partijbestuur gepraat. Een andere regeringspartij, de SPO (Servische Vernieuwingsbeweging) van minister van Buitenlandse Zaken Vuk Draskovic, wil naar eigen zeggen in elk geval uit de regering stappen als Mladic niet binnen twee of drie weken wordt gepakt en uitgeleverd.

Als beide partijen breken met Kostunica is de val van zijn regering - nu al een minderheidsregering die is aangewezen op gedoogsteun van de socialisten van wijlen Slobodan Milosevic - onvermijdelijk en moeten de Serviërs naar de stembus voor vervroegde verkiezingen.

Het zal echter allemaal, zo menen waarnemers in Belgrado, zo'n vaart niet lopen. Niemand in Belgrado wil echt verkiezingen. Volgens de laatste opiniepeilingen zouden G17 Plus én de SPO bij vervroegde verkiezingen de kiesdrempel niet eens halen en dus uit het parlement verdwijnen. De partij van Kostunica, de Democratische Partij van Servië (DSS), zou niet verder komen dan 7,5 procent van de stemmen. Alleen de oppositionele ultra-nationalistische Servische Radicale Partij en de gematigde, eveneens oppositionele Democratische Partij van president Boris Tadic zouden van vervroegde verkiezingen profiteren.

Daar komt bij dat Miroslav Labus omstreden is binnen zijn eigen partij. Dat wekt twijfels over zijn oproep aan de drie resterende ministers van G17 Plus om zijn voorbeeld te volgen en af te treden. In Belgrado wordt al weken gespeculeerd over ruzies tussen Labus en de belangrijkste van die drie ministers, Mladjan Dinkic, minister van Financiën en Labus' plaatsvervanger als partijchef. Na het aftreden van Labus heette het in de partijcentrale van G17 Plus gisteren dat het om 'een persoonlijke stap' van de vice-premier gaat, waarmee werd gesuggereerd dat de rest van de partij het niet met zijn opstappen eens is. In Belgrado wordt ook gespeculeerd dat Labus misschien wel uit de partij stapt.

Maar ook als G17 Plus en de SPO in de regering blijven, is die door de beslissing van de EU en het opstappen van Labus verzwakt - en zwak was ze al. Sommige consequenties dienen zich al heel snel aan. Later deze maand kiezen de Montenegrijnen in een referendum voor of tegen de onafhankelijkheid van Montenegro, ofwel: voor of tegen het verbreken van de banden met Servië binnen de bestaande unie Servië en Montenegro. De EU-sanctie tegen Servië treft die unie in haar geheel, dus óók Montenegro. Dat is een krachtig argument voor premier Milo Djukanovic van Montenegro, de grote motor achter het streven naar onafhankelijkheid. Hij stelde gisteren dan ook dat Montenegro wordt 'gegijzeld' door 'de Servische desinteresse' voor het Joegoslavië-tribunaal.

En Mladic? Het is, zo citeerde gisteren het Servische persbureau Beta politiek waarnemer Vladimir Goati, 'een illusie' te geloven dat 'een regering die gesteund wordt door de socialisten [van wijlen Milosevic] samenwerkt het met Joegoslavië-tribunaal'.