Bivakkeren in 750 containers

De voorbereidingen voor de Nederlandse missie naar Uruzgan komen op gang. De stroom goederen is enorm.

Onderwijl worden de eerste patrouilles beschoten.

Afgelopen zaterdag taxiede een Iljoesjin-76 over Kandahar Airfield in Zuid-Afghanistan, toen hij bij het opdraaien van de startbaan net iets te veel gas gaf. Met zijn back thrust blies het grote Russische vrachtvliegtuig een nabij geparkeerde Nederlandse Apache omver, zodat de kostbare gevechtshelikopter (met een nieuwwaarde van circa 30 miljoen euro) op zijn kant kwam te liggen. Hoe groot de schade is, is nog niet duidelijk.

Nogal slordig van de Oekraïense piloot van de Iljoesjin, zou je zeggen. Maar het ongeluk laat ook zien hoe druk het inmiddels is op “Kandahar'. “Het aantal vliegbewegingen daar is de laatste tijd enorm toegenomen“, zegt een woordvoerder van het ministerie van Defensie. De basis was al een van de belangrijkste steunpunten van de operaties van de Amerikanen in operatie Enduring Freedom. Maar in augustus moet het commando in het zuiden zijn overgedragen aan de NAVO. En dus zijn het Verenigd Koninkrijk, Canada en Nederland inmiddels bezig het “ontplooien' van de eerste detachementen van wat officieel ISAF-III heet: de uitbreiding van de NAVO-stabilisatiemacht naar Zuid-Afghanistan. Door het grote aantal starts en landingen is het asfalt op Kandahar Airfield inmiddels zo slecht dat Nederlandse F-16's er niet meer met goed fatsoen kunnen landen. De gevechtsvliegtuigen zullen daarom voorlopig niet op Kandahar worden gestationeerd, maar blijven opereren vanaf het vliegveld bij Kabul. De langere aanvliegtijd naar Uruzgan zal worden gecompenseerd door een hogere staat van paraatheid: Nederlandse vliegers slapen straks praktisch naast hun toestellen.

Dat laatste is niet voor niets. De veiligheidssituatie in de toch al onrustige provincie Uruzgan is de laatste maanden “aanzienlijk verslechterd“, zo meldde de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) enkele weken geleden aan minister van Defensie Henk Kamp. Die besloot het aantal troepen uit te breiden van 1.200 naar 1.400.

Nog nooit in de recente geschiedenis ging een Nederlandse eenheid zo goed uitgerust en zwaarbewapend op missie: behalve over F-16's en Apaches beschikt de Nederlandse “taakgroep' straks over pantserwagens met snelvuurkanon en zelfs over de nieuwe zware houwitsers van de artillerie, die 55 ton wegen en granaten kunnen afvuren over en afstand van meer dan dertig kilometer afstand. Task Force Unicorn (eenhoorn), zoals de Nederlandse eenheid in Uruzgan in NAVO-codetaal heet, is een compleet minileger dat beschikt over vrijwel alle wapensystemen die de Nederlandse krijgsmacht te land en in de lucht tot zijn beschikking heeft.

Het ter plaatse krijgen van dit minileger is geen geringe opgave. “Onze meest complexe logistieke operatie ooit“, noemde directeur Operaties generaal-majoor Eikelboom de voorbereiding van de Nederlandse missie in Uruzgan onlangs in een achtergrondbriefing op het ministerie in Den Haag. De F-16's kunnen op eigen kracht naar Afghanistan. De rest van het materieel moet worden aangevoerd: behalve 12 helikopters en drie zware houwitsers in totaal 52 pantserwagens en maar liefst 250 overige “wielvoertuigen' - jeeps, vrachtwagens, bouwmachines, vorkheftrucks.

In totaal gaan er ruim 2.000 containers naar Uruzgan: 750 om in te wonen of om in te slapen, de rest voor het vervoer van materiaal en voorraden. Want ook die zijn enorm: Taakgroep Eenhoorn moet straks altijd 100.000 maaltijden en een miljoen liter brandstof op voorraad hebben. Per dag hebben de mannen 12.000 liter drinkwater nodig. Ook dat moet - in plastic flessen - worden aangevoerd.

Een substantieel gedeelte van al deze “strategische verplaatsingen' zal moeten gebeuren door de nauwe flessenhals van Kandahar Airfield. Het Nederlandse ministerie van Defensie beschikt zelf niet over vliegtuigen om dat te doen. De toestellen worden daarom gehuurd: bij de Amerikanen, maar ook bij Russische en Oekraïense maatschappijtjes die zijn gespecialiseerd in zwaar luchttransport. In totaal 90 vluchten met een Iljoesjin-76 zullen worden uitgevoerd, vanaf Eindhoven, maar ook vanuit de Verenigde Arabische Emiraten. Amerikaanse C-17 Globemaster-toestellen zullen zeventien keer vliegen tussen Eindhoven en Kandahar. Ook het grootste transporttoestel ter wereld, de Antonov-124, zal worden ingezet.

Het is het meest gevoelige materieel dat door de lucht wordt vervoerd: wapens, munitie, communicatieapparatuur. Minder kwetsbare goederen worden per schip naar Karachi gebracht, waarna een dagenlange tocht dwars door Pakistan, richting Afghaanse grens volgt. Voor het transport worden lokale vervoerders ingehuurd. Volgens Defensie hebben de Britten daar eerder goede ervaringen mee opgedaan: slechts een fractie van de lading kwam niet aan.

Zo eindigt de logistieke trein bij de VS-basis bij Kandahar Airfield. Vanaf die basis is al sinds enige weken een Nederlandse Deployment Task Force (DTF) onder leiding van kolonel Henk Morsink actief. De eenheid, van enkele honderden militairen, is verantwoordelijk voor het opbouwen van de Nederlandse kampen, in Kandahar, en in de plaatsen Tarin Kowt en Deh Rawod in Uruzgan zelf.

De kwartiermakers zijn ook verantwoordelijk voor het laatste en zonder twijfel gevaarlijkste deel van de logistieke trein. Want uiteindelijk moeten materieel en goederen over de weg van Kandahar naar het noorden, Uruzgan in. Groepjes verkenners van het Korps Commandotroepen zijn nu al bezig het toekomstige inzetgebied in kaart te brengen.

Al op 24 januari werd een dergelijke patrouille beschoten. En gisteren maakte het ministerie van Defensie bekend dat een andere groep verkenners tijdens haar missie verschillende malen vuurgevechten heeft moeten leveren met vijandelijke strijders. Defensie omschreef de schotenwisselingen als “soms intensief“.

    • Steven Derix